Het handboek van Calligra Sheets

Het handboek van Calligra Sheets

Pamela Roberts

Anne-Marie Mahfouf

Gary Cramblitt

Vertaler: Natalie Koning
herziening 2.7 (2013-03-11)

Calligra Sheets is een compleet rekenbladprogramma.


Inhoudsopgave

1. Inleiding
2. Calligra Sheets: de basis
Rekenbladen voor beginners
Cellen selecteren
Gegevens invoeren
Algemene celopmaak
Kopiëren, knippen en plakken
Celbereiken kopiëren en plakken
Overige methoden om te plakken
Invoegen en verwijderen
Eenvoudige berekeningen
Herberekenen
Gegevens sorteren
De overzichtsrekenmachine op de statusbalk
Uw werk opslaan
Sjablonen
Een werkblad afdrukken
3. Werkbladen opmaken
Celopmaak
Gegevensopmaak en uiterlijk
Lettertypen en tekstopmaak
Tekstpositie en tekstrotatie
Celrand
Celachtergrond
Celbescherming
Voorwaardelijke celattributen
Celgrootte wijzigen
Cellen samenvoegen
Rijen en kolommen verbergen
Werkbladeigenschappen
4. Calligra Sheets voor gevorderden
Reeksen
Formules
Ingebouwde functies
Logische vergelijkingen
Absolute celverwijzingen
Berekeningen met "Speciaal plakken"
Array formules
Doel zoeken
Kruistabellen
Meerdere werkbladen gebruiken
Gegevens consolideren
Een grafiek invoegen
Externe gegevens invoegen
Cellen koppelen
Geldigheid controleren
Bescherming
Documentbescherming
Een werkblad beschermen
Cellen beschermen
Formules verbergen
Alle inhoud van een cel verbergen
Overige functies
Benoemde cellen en celbereiken
Celcommentaren
5. De sneltoetsen en werkbalken van Calligra Sheets instellen
Sneltoetsen
Werkbalken
6. Het dialoogvenster van "Calligra Sheets instellen"
Uiterlijk
Openen/Opslaan
Plugins
Spelling
Auteur
7. De commando's
Het menu Bestand
Het menu Bewerken
Het menu Beeld
Het menu Ga
Het menu Invoegen
Het menu Opmaak
Het menu Gegevens
Het menu Hulpmiddelen
Het menu Instellingen
Het menu Help
Het contextmenu
Overige sneltoetsen
8. Functies
Ondersteunde functies
Bitbewerkingen
Conversie
Gegevensbanken
Datum & tijd
Techniek
Financieel
Informatie
Logisch
Naslag & referentie
Wiskunde
Statistisch
Tekst
Goniometrisch
9. Dankbetuigingen en licentie
Hoofdstuk 1. Inleiding

Hoofdstuk 1. Inleiding

Dit handboek is opgedragen aan de herinneringen aan Visicalc.

Belangrijk

Zie http://docs.kde.org voor mogelijk nieuwe versies zijn van dit document.

Calligra Sheets is een compleet rekenbladprogramma. Het is een onderdeel van Calligra, het kantoortoepassingenpakket van KDE.

Tot Calligra behoren onder andere ook de applicaties Calligra Words (een tekstverwerker), en Calligra Stage (een presentatieprogramma).

U kunt http://www.kde.org bezoeken voor meer informatie over KDE in het algemeen, of de website van Calligra op http://www.calligra.org

Hoofdstuk 2. Calligra Sheets: de basis

Hoofdstuk 2. Calligra Sheets: de basis

Pamela Robert

Vertaler: Natalie Koning
Vertaler/Nalezer: Alexander S. Koning

Opmerking

Zoals alles in KDE, is Calligra Sheets op alle mogelijke manieren aan te passen. Dit kan lastig zijn als u probeert de tekst in bijvoorbeeld dit document te vergelijken met wat u in uw eigen (aangepaste) versie van Calligra Sheets ziet. Om de kans op verwarring kleiner te maken raden we u aan om, wanneer u voor het eerst met Calligra Sheets gaat werken, de standaard opties in te stellen in alle pagina's van de instellingendialoog van Calligra Sheets (die u krijgt door InstellingenSheets instellen... te selecteren).

Rekenbladen voor beginners

In dit deel proberen we aan de hand van voorbeelden te laten zien wat een rekenbladprogramma als Calligra Sheets feitelijk doet en waarom het zo'n handig hulpmiddel is in alle gevallen waar u met getallen werkt. Als u al eerder met rekenbladprogramma's gewerkt hebt, kunt u dit gedeelte overslaan.

Allereerst moet Calligra Sheets gestart worden. U kunt dit doen door links te klikken op een Calligra Sheets-pictogram (eventueel op het bureaublad of op het paneel) of door KantoortoepassingenCalligra Sheets in het de toepassingenstarter te kiezen.

Calligra Sheets, de eerste keer

U krijgt eerst de keuze om een nieuw document van een sjabloon te creëren, een bestaand of recent bestand te openen of met een leeg document te beginnen. Klik op het tabblad "Document aanmaken", klik op het pictogram "Algemeen" en selecteer Leeg werkblad. Klik daarna op OK

Als Calligra Sheets de eerste keer wordt gestart, ziet u een werkblad met lege rechthoekige cellen, ingedeeld in rijen en kolommen. Elke rij heeft een nummer en elke kolom heeft een letter. In deze cellen komen straks de gegevens, formules, teksten en grafieken.

Schermafdruk begin1

Vul nu volgens het voorbeeld hierboven de tekst en de getallen van de eerste 5 rijen in dezelfde cellen op het werkblad in. Voorlopig hoeft u zich nog niets aan te trekken van wat er in de zevende rij staat. Om iets in een cel in te vullen selecteert u de cel door er met de linkermuisknop op te klikken. Typ daarna iets in, en druk op Enter of gebruik de pijltoetsen om met de muisaanwijzer naar een andere cel te gaan.

De gegevens die we ingevuld hebben kunnen een eenvoudig budget voor twee maanden zijn, de verwachte uitgaven voor voedsel, woonlasten, kleding en andere uitgaven. Selecteer nu cel B7 (kolom B, rij 7) en typ het volgende in: =B2+B3+B4+B5 en druk op Enter. Omdat de inhoud van de cel met een = begint, behandelt Calligra Sheets dit als een formule, en berekent deze formule. In dit geval moeten de waarden in de vier cellen B2 tot en met B5 worden opgeteld en de uitkomst van de berekening wordt in cel B7 getoond.

U zou net zo'n formule in cel C7 kunnen intypen, in dat geval zou de formule er zo uitzien: =C2+C3+C4+C5. Een gemakkelijkere methode is om de inhoud van cel B7 te kopiëren en in cel C7 te plakken. Calligra Sheets verandert dan automatisch de celverwijzing van B.. naar C..

Tot nu toe denkt u misschien dat Calligra Sheets niet meer voor u kan doen dan wat u met met potlood en papier of met een rekenmachine zou kunnen. Maar dit is slechts een heel eenvoudig voorbeeld, een eenvoudige berekening met weinig getallen. Zodra de tabel groter wordt en er meer getallen zijn, kunt u de berekeningen veel sneller en nauwkeuriger in een rekenblad doen.

Met een rekenblad kunt u ook Stel dat... berekeningen uit laten voeren. Omdat een formule automatisch herberekend wordt zodra één van de waarden waarnaar verwezen wordt verandert, kunt u snel zien wat er met de uitkomst gebeurt wanneer u een waarde verandert. In ons voorbeeld kunt u bijvoorbeeld het effect zien als u bij de kosten voor voedsel in de maand december (C2) een lager bedrag invult. Zo zou u in een werkblad dat het broeikaseffect berekent kunnen zien wat het effect is als de methaanuitstoot met 50 procent vermindert.

Cellen selecteren

Cellen selecteren

U kunt één enkele cel of een rechthoekig gebied van cellen op een werkblad selecteren. De geselecteerde cellen worden weergegeven met een dikke zwarte rand eromheen.

U kunt een enkele cel op één van de volgende manieren selecteren

  • Klik erop met de linkermuisknop

  • Voer de celverwijzing in (bijvoorbeeld B5) in het tekstvak links in de Celbewerker en druk op Enter.

  • Kies GaGa naar cel... op de menubalk.

U kunt ook in het werkblad navigeren met de pijl-toetsen. Als u op Enter drukt, wordt de celcursor één cel omhoog, omlaag, naar links of naar rechts verplaatst, afhankelijk van de instelling in de pagina voor de Interface in de instellingendialoog van Calligra Sheets.

Als u de Shift-toets ingedrukt houdt terwijl u de pijltoetsen gebruikt, wordt de celcursor naar het begin of eind van het blok cellen dat gegevens bevat verplaatst.

Om een gebied van aaneengesloten cellen te selecteren sleept u met de muis terwijl u de linkermuisknop ingedrukt houdt over de cellen die u wilt selecteren. U kunt ook de verwijzingen van de cel linksboven en de cel rechtsonder (bijvoorbeeld B7:C14) in het tekstvak links in de Celbewerker typen en daarna op Enter drukken, of GaGa naar cel... op de menubalk kiezen.

U kunt ook een celbereik selecteren door eerst de cel in één hoek van het bereik te selecteren, de Shift-toets in te drukken en met de linkermuisknop de cel in de hoek er diagonaal tegenover te klikken.

Om een aantal niet-aaneengesloten cellen te selecteren klikt u op de eerste cel, houd dan de Ctrl-ingedrukt en klik op de volgende cellen.

Om een gehele rij of kolom te selecteren klikt u met de linkermuisknop op de rijkop (het rijnummer) of op de kolomkop (de kolomletter). Om aangrenzende rijen of kolommen te selecteren sleept u de muis over de gewenste rijnummers of kolomletters terwijl u de linkermuisknop ingedrukt houdt.

Om niet aaneengesloten rijen of kolommen met cellen te selecteren klikt u op het eerste rijnummer of op de eerste kolomletter, en houdt u daarna de Ctrl-toets ingedrukt terwijl u de andere rijen of kolommen met cellen selecteert.

Gegevens invoeren

Gegevens invoeren

Om gegevens in een cel in te voeren moet u de cel eerst selecteren. Typ de gegevens in en druk op Enter of verplaats de celcursor naar een andere cel met één van de pijl-toetsen. Afhankelijk van hoe de gegevens worden ingevoerd, zal Calligra Sheets die interpreteren als getal, datum, tijd of tekst:

  • Getallen worden op de gangbare manier ingetypt; 123, -123, 456,7 of in wetenschappelijke notatie -1,2E-5.

  • De datum wordt volgens de lokale systeem opmaak ingevoerd. Deze is ingesteld in het Systeeminstellingen bij Regio & toegankelijkheidLand & taalTijd & datum. Als u bijvoorbeeld de notatie DD/MM/JJJJ gebruikt, moet u 30/03/2012 intypen voor 30 maart 2012. Voorloopnullen kunnen bij dagen en maanden weggelaten worden en voor jaren in de huidige eeuw zijn alleen de laatste één of twee cijfers noodzakelijk, bijvoorbeeld 9/1/9 voor 9 januari 2009.

  • De tijd wordt ook volgens de lokale systeemopmaak ingevoerd. Als u bijvoorbeeld de 12-uurs notatie gebruikt, typt u de tijd in als HH:MIN am|pm of HH:MIN:SS am|pm: 9:42 am of 10:30:52 pm.

  • Calligra Sheets beschouwt alle ingevoerde gegevens als tekst wanneer het de gegevens niet als getal, datum of tijd kan herkennen.

Opmerking

Calligra Sheets zal getallen, data en tijden in een cel gewoonlijk rechts uitlijnen en alle andere gegevens links. Dit kan gemakkelijk zijn om snel te zien of de tijd of de datum in de juiste opmaak is ingevuld. Het is belangrijk te onthouden dat de manier waarop gegevens weergegeven worden veranderd kan worden door de celopmaak te wijzigen.

U kunt de inhoud van een cel bewerken in de Celbewerker op de formulebalk. Druk op Enter of klik met de linkermuisknop op het groene vinkje om de wijzigingen te accepteren, klik op het rode kruisje om de bewerking te annuleren.

Algemene celopmaak

Calligra Sheets gebruikt als standaard de celopmaak Algemeen. Zolang deze celopmaak gebruikt wordt, herkent Calligra Sheets automatisch het gegevenstype, (Vert.: on?)afhankelijk van de huidige inhoud van de cel. Als u bijvoorbeeld eerst tekst in een cel invoert en daarna een getal in dezelfde cel plaatst, interpreteert Calligra Sheets dit automatisch als een getal. Als u zelf het gegevenstype wilt bepalen, kunt u dit expliciet opgeven in de celopmaak. U kunt de opmaak op elk moment weer veranderen naar Algemeen.

Kopiëren, knippen en plakken

Kopiëren, knippen en plakken

Op het eerste gezicht functioneren Knippen, Kopiëren en Plakken in Calligra Sheets op dezelfde manier als in andere KDE-toepassingen. Als u één of meer cellen selecteert, kunt u daarna Kopiëren of Knippen in het menu Bewerken kiezen of in het contextmenu als u met de rechtermuisknop op een cel klikt. U kunt ook de sneltoetsen Ctrl+ C of Ctrl+X gebruiken, daarna de celcursor verplaatsen en Plakken kiezen of de sneltoetsen Ctrl+V gebruiken. Er zijn echter subtiele verschillen in deze functies in Calligra Sheets, deze worden hieronder besproken.

Als een cel een formule bevat, wordt de formule zelf gekopieerd en niet het getoonde resultaat. Als een formule een verwijzing naar een andere cel bevat, wordt die verwijzing door te Knippen of te Kopiëren en te Plakken gewijzigd zodat deze naar de cel verwijst die zich op dezelfde relatieve plaats bevindt als de oorspronkelijke cel. Bijvoorbeeld: als cel A2 de formule =B3 bevat en naar cel C4 gekopieerd wordt, zal de formule in cel C4 =D5 worden.

Dit kan een nogal vreemde manier van kopiëren lijken, maar in 99 procent van de gevallen is het precies wat we nodig hebben (zie absolute celverwijzingen als dit niet het geval is). Bijvoorbeeld, in het onderstaande boodschappenlijstje zou de inhoud van cel D2 =B2 * C2 moeten zijn, van cel D3 =B3 * C3, van cel D4 =B4 * C4, enzovoort. In plaats van in iedere cel een andere formule in te typen, kunt u de eerste formule in D2 intypen, deze naar de cellen eronder kopiëren en het aan Calligra Sheets overlaten om de verwijzingen aan te passen.

Schermafdruk kopie1

Celbereiken kopiëren en plakken

In het bovenstaande voorbeeld kan D2 naar alledrie de cellen D3 tot en met D5 gekopieerd worden door D2 te kopiëren en het celbereik D3:D5 te selecteren alvorens te plakken.

Een celbereik kan in één keer geknipt of gekopieerd worden door het bereik te selecteren voordat u gaat knippen of kopiëren. Selecteer de cel in de linkerbovenhoek van het bereik waar u de inhoud wilt plakken vóórdat u de inhoud gaat plakken.

Als u een celbereik, bijvoorbeeld B2:C3 knipt of kopieert, en dat in een groter celbereik plakt, bijvoorbeeld A10:D13, zal de oorspronkelijke inhoud van de cellen herhaald worden om het doelbereik geheel te vullen.

In Calligra Sheets kunt u ook de methode Slepen en Kopiëren gebruiken om cellen naar aangrenzende cellen eronder of rechts ernaast te kopiëren. Om deze methode te gebruiken selecteert u de cel(len) die u wilt kopiëren en plaatst u de muiswijzer op het zwarte vierkantje in de rechterbenedenhoek van de geselecteerde cel(len). De muiswijzer verandert in een dubbele pijl. Houd de linkermuisknop ingedrukt terwijl u de geselecteerde cellen versleept. Celverwijzingen in formules worden ook nu weer afhankelijk van hun nieuwe locatie gewijzigd. Absolute verwijzingen worden niet gewijzigd.

Overige methoden om te plakken

Een cel kan tekst, een getal of een formule bevatten, maar ook opmaakinformatie over een speciaal lettertype, een rand of een achtergrond. Calligra Sheets heeft speciale mogelijkheden om te plakken waarmee u deze gegevens op verschillende manieren kunt manipuleren.

BewerkenSpeciaal Plakken... opent het dialoogvenster Speciaal Plakken. Door wat u wenst links in dit dialoogvenster te kiezen kunt u Alles, alleen Tekst, de Opmaak van de cel, Commentaar in de cel of Alles zonder rand plakken. Met behulp van de onderwerpen in het rechter gedeelte van dit dialoogvenster kunt u eenvoudige rekenkundige bewerkingen uitvoeren op een celbereik.

Plakken met invoeging voegt de gekopieerde cellen in door de cellen, die anders overschreven zouden worden, het juiste aantal rijen of kolommen naar beneden of naar rechts te verplaatsen. Deze methode kan ook gebruikt worden om gehele rijen of kolommen in het werkblad te kopiëren.

Invoegen en verwijderen

Invoegen en verwijderen

Gebruik de Delete-toets of BewerkenWissenInhoud om de tekst, het getal of de formule uit de geselecteerde cel(len), rij(en) of kolom(men) te verwijderen zonder andere gegevens te beïnvloeden.

Om alles uit de geselecteerde cel(len), rij(en) of kolom(men) te verwijderen, met inbegrip van commentaar en speciale opmaak, gebruikt u de optie Alles in het menu BewerkenWissen , of het contextmenu dat verschijnt wanneer u met de rechter muisknop op een selectie klikt.

Om geselecteerde rij(en) of kolom(men) helemaal te verwijderen gebruikt u de opties Rijen verwijderen of Kolommen verwijderen in het contextmenu dat na rechtsklikken verschijnt.

Als u met de rechtermuisknop op geselecteerde cellen klikt en Cellen verwijderen in het contextmenu selecteert, kunt u kiezen of de andere cellen in het werkblad naar boven of naar links verplaatst zullen worden om de plaats van de verwijderde cellen in te nemen.

Als u nieuwe, lege rijen of kolommen in het werkblad wilt invoegen, selecteert u de rijen of kolommen waar de nieuwe rijen of kolommen moeten komen, klik met de rechtermuisknop en kies dan Rijen invoegen of Kolommen invoegen in het contextmenu.

U kunt nieuwe cellen op het werkblad invoegen door het bereik te selecteren waar de nieuwe cellen moeten komen. Klik daarna met de rechtermuisknop en kies Cellen invoegen in het contextmenu. U kunt dan kiezen of de bestaande cellen in het geselecteerde celbereik naar beneden of naar rechts verplaatst moeten worden om plaats te maken voor de nieuwe cellen.

Eenvoudige berekeningen

Eenvoudige berekeningen

Als het eerste teken in een cel een is-gelijkteken is (=) beschouwt Calligra Sheets de inhoud van de cel als een formule die berekend moet worden. Het resultaat van de berekening wordt in de cel getoond, niet de formule. Als u bijvoorbeeld =2+3 in een cel typt, ziet u het antwoord: 5.

Van groter nut is, dat een formule verwijzingen naar andere cellen kan bevatten, zodat bij =B4+A3 de som van de waarden in de cellen B4 en A3 berekend wordt. Deze berekening zal opnieuw gedaan worden wanneer de waarde in B4 of A3 veranderd wordt.

Een formule kan zowel een optelling, een aftrekking (-), een vermenigvuldiging (*) en een deling (/) bevatten. Ronde haakjes (( en )) kunnen in berekeningen gebruikt worden, zodat u ook ingewikkelde formules, zoals =((B10 + C3) *5 - F11) / 2 kunt gebruiken.

Cellen die een formule bevatten, worden gemarkeerd met een blauw driehoekje in de linkerbenedenhoek als het keuzevakje Formule-indicator tonen in het dialoogvenster OpmaakWerkbladWerkbladeigenschappen gemarkeerd is.

Calligra Sheets beschikt ook over een groot aantal ingebouwde functies voor statistische, goniometrische en financiële berekeningen. Het gebruik hiervan wordt in een later hoofdstuk van dit handboek uitgelegd. U kunt zien welke functies beschikbaar zijn, in het dialoogvenster van het menu InvoegenFunctie....

Voorlopig berekent de SUM()-functie de som van alle waarden in een gespecificeerd celbereik. Bijvoorbeeld =SUM(B4:C10) berekent de som van alle waarden in het celbereik B4 tot en met C10.

Als #VALUE! in een cel verschijnt na het invoeren van een formule, betekent dit dat Calligra Sheets de invoer niet begrijpt, maar als u aan het eind hiervan een rood driehoekje ziet, betekent dit dat de cel niet breed genoeg is om de complete inhoud te tonen. U kunt dan ofwel de cel(len) breder maken, ofwel de cel zo opmaken dat de inhoud in de cel past.

Herberekenen

Als u Automatische herberekening in het dialoogvenster, dat verschijnt als u OpmaakWerkbladWerkbladeigenschappen kiest, zal Calligra Sheets de waarde in cellen opnieuw berekenen zodra er iets verandert dat invloed op die waarden heeft.

Wanneer u Automatische herberekening niet kiest voor het huidige werkblad, kunt u Calligra Sheets op elk moment de opdracht geven om een herberekening te doen door Werkblad opnieuw berekenen of Document opnieuw berekenen in het menu Hulpmiddelen te kiezen, of door de sneltoetsen Shift+F9 of F9 te gebruiken.

Gegevens sorteren

Gegevens sorteren

In het onderstaande eenvoudige voorbeeld bestaan de gegevens uit de namen en landen van een aantal bergen, samen met hun hoogtes boven de zeespiegel. Calligra Sheets kan dit soort gegevens op verschillende manieren sorteren.

Schermafdruk van gesorteerde gegevens

We kunnen de gegevens zo sorteren, dat de namen in alfabetische volgorde staan. Selecteer het bereik dat de gegevens bevat (A2:C7 in dit geval) en kiesSorteren... in het menu Gegevens. Het dialoogvenster Sorteren wordt geopend.

Het sorteren gebeurt alfanumeriek en is standaard hoofdlettergevoelig, cijfers komen voor hoofdletters, die weer voor kleine letters komen. Cellen met de inhoud Dak, bad, 77 en Bar zullen als volgt gesorteerd worden: 77 Bar Dak bad.

In het richtings-gedeelte in deze dialoog, kunt u selecteren of rijen of kolommen moeten worden geselecteerd. Indien u Eerste rij bevat kolomkoppen of Eerste kolom bevat rijnummers selecteert, worden de eerste rij of kolom niet meegenomen bij de sorteeractie.

De rijen of kolommen worden op de opgegeven manier gesorteerd, die kan worden gewijzigd met de knoppen Naar boven en Naar beneden. In het voorbeeld in het schermbeeld hierboven, wanneer we kolom B als eerste criterium (sleutel) kiezen en kolom C als tweede, worden de gegevens gesorteerd op land, en voor elk land, op hoogte.

Als u de optie hoofdlettergevoelig uitzet, dan is de sorteeractie onafhankelijk van eventuele hoofdletters. Het sorteren kan Oplopend en Aflopend worden gemaakt door te klikken op de cellen in de kolom Sorteervolgorde.

In het tabblad Details van de dialoog kunt u instellen volgens een aangepaste lijst te sorteren, zoals op januari, februari... in plaats van alfabetisch. De opmaak van de cel wordt tegelijk met de celinhoud verplaatst als u het keuzevakje Celopmaak kopiëren (Randen, kleuren, tekststijl) kiest.

De overzichtsrekenmachine op de statusbalk

De overzichtsrekenmachine op de statusbalk

Aan de linkerkant van de statusbalk ziet u standaard een samenvatting van de waarden in de geselecteerde cel(len). Afhankelijk van de instelling van Functie getoond in de statusbalk in de pagina Interface in de instellingen van Calligra Sheets, kan het overzicht één van de volgende waarden hebben:

Geen

Er wordt geen samenvatting gemaakt.

Gemiddeld

Toont het gemiddelde van alle waarden in de geselecteerde cellen.

Tellen

Toont het aantal cellen dat numerieke waarden bevat.

CountA

Toont het aantal cellen dat geen numerieke waarden bevat.

Max

Toont de hoogste waarde die voorkomt in de geselecteerde cellen.

Min

Toont de laagste waarde die voorkomt in de geselecteerde cellen.

Som

Toont de som van de waarden in de geselecteerde cellen.

De berekeningsmethode kan ook veranderd worden door er met de rechtermuisknop op te klikken en een methode te kiezen.

Uw werk opslaan

Uw werk opslaan

Calligra Sheets slaat het gehele document, dat meer dan één werkblad kan bevatten, als een enkel document op.

Na het aanmaken van een nieuw document, of als u een bestaand document onder een andere naam wilt opslaan, kies dan BestandOpslaan als.... Er verschijnt een standaard KDE-dialoogvenster: Document opslaan als. Kies de map waarin u het document wilt opslaan en vul een naam in bij Naam. Calligra Sheets-documenten worden gewoonlijk automatisch opgeslagen met de extensie .ods, u hoeft dit niet aan de bestandsnaam toe te voegen als u bij Filter Opendocument Rekenblad kiest.

Om het document op te slaan zonder de naam te wijzigen kunt u het menu BestandOpslaan gebruiken.

U kunt een Calligra Sheets-document ook met een ander bestandstype opslaan. Dit kunt u kiezen in het keuzemenu Filter.

Wanneer u een gewijzigde versie van een document opslaat, zal Calligra Sheets de voorgaande versie als een reservekopie bewaren en een ~ (tilde) aan het eind van de bestandsnaam toevoegen.

Calligra Sheets kan enige bescherming bieden tegen het verlies van uw werk door een computercrash of als u onverhoopt Calligra Sheets afsluit zonder het document op te slaan. Dit wordt gedaan door automatisch om de zoveel minuten de laatste versie van het document waar u aan werkt onder een andere bestandsnaam op te slaan. De automatisch opgeslagen versie wordt gewoonlijk verwijderd wanneer het document opnieuw wordt opgeslagen, zodat het alleen bestaat als het nieuwer is dan de laatste met de hand opgeslagen versie. Wanneer u een document opent, controleert Calligra Sheets of daarvan een automatisch opgeslagen versie bestaat, en als die er is, kunt u kiezen die versie te openen.

Automatisch opgeslagen documenten krijgen een naam van het type .uwbestandsnaam.autosave (let op de punt aan het begin), spread1.ods krijgt dan de naam .spread1.ods.autosave. U kunt zelf de opties voor het automatisch opslaan instellen inde instellingendialoog.

Sjablonen

Als u veel gelijksoortige documenten maakt, kunt u tijd besparen door eerst een sjabloon te creëren en deze als de basis voor de documenten te gebruiken.

Maak eerst een document aan dat alle gebruikelijke elementen bevat en sla dit op als een sjabloon door BestandSjabloon van document maken... te kiezen. Het dialoogvenster Sjabloon maken verschijnt. Typ een naam in voor de sjabloon in het tekstvak Naam en klik op OK. De volgende keer dat u een nieuw document opent door BestandNieuw te kiezen, of wanneer u Calligra Sheets start, kunt u in de getoonde dialoog kiezen een document met de nieuwe sjabloon aan te maken.

In het dialoogvenster Sjabloon maken kunt u een ander pictogram kiezen dat boven de sjabloonnaam getoond wordt in het opstartdialoogvenster. U kunt ook de sjabloon aan een andere groep toevoegen. De groepen worden als verschillende pagina's in het dialoogvenster getoond.

Sjablonen worden opgeslagen als .kst-bestanden in de map ~/.kde/share/apps/tables/templates/.

Een werkblad afdrukken

Een werkblad afdrukken

Om een werkblad af te drukken kiest u Bestand Afdrukken..., het standaard KDE-dialoogvenster Afdrukken verschijnt. Hier kunt u onder ander de printer kiezen, het aantal kopieën, en of alle of alleen geselecteerde pagina's afgedrukt moeten worden.

Standaard zal Calligra Sheets alles dat in het huidige werkblad staat afdrukken, maar u kunt dit beperken door eerst het bereik te selecteren dat u afgedrukt wilt hebben en daarna Afdrukbereik definiëren in het menu OpmaakAfdrukbereik te kiezen.

Calligra Sheets zal net zoveel pagina's afdrukken als nodig is voor alle gegevens in het huidige werkblad. U kunt snel zien hoe het werkblad in afzonderlijke pagina's gesplitst zal worden door BeeldPaginaranden tonen te kiezen. De randen van elke afgedrukte pagina worden in het werkblad gemarkeerd met gekleurde lijnen.

Voor een gedetailleerder overzicht, inclusief kopteksten en voetteksten kunt u BestandAfdrukvoorbeeld... kiezen.

Om het uiterlijk van afgedrukte documenten te verbeteren kunt u het lettertype, de randen en afmetingen van cellen in het werkblad wijzigen. Meer informatie over opmaak kunt u in het hoofdstuk Werkbladen opmaken vinden.

U kunt ook het dialoogvenster Paginaopmaak gebruiken, dit wordt geopend door OpmaakPaginaopmaak te kiezen. In dit dialoogvenster kunt u onder andere de oriëntatie van de afgedrukte pagina's, de paginagrootte (deze moet geschikt zijn voor uw printer) en de marges instellen.

Het submenu Werkblad geeft meer opties. In het deel Afdrukinstellingen kunt u selecteren niet de hulplijnen af te drukken, noch de commentaar- en formuleindicatoren, objecten en grafieken. Het deel Herhalingen op elke pagina maakt het mogelijk geselecteerde kolom(men) en rij(en) op elke afgedrukte pagina te herhalen. In het deel Schalen kunt u een schaalfactor opgeven of het aantal pagina's van de afdruk beperken.

Hoofdstuk 3. Werkbladen opmaken

Hoofdstuk 3. Werkbladen opmaken

Pamela Robert

Raphael Langerhorst

Anne-Marie Mahfouf

Vertaler: Natalie Koning

Celopmaak

Om de opmaak en het uiterlijk van geselecteerde cel(len), rij(en) en kolom(men) te wijzigen gebruikt u Celopmaak... in het menu Opmaak of in het contextmenu dat verschijnt als u met de rechtermuisknop klikt.

Rechtermuisknop en contextmenu.

Het dialoogvenster Celopmaak verschijnt. Dit dialoogvenster heeft verscheidene tabbladen:

Gegevensopmaak en uiterlijk

Het tabblad Gegevensopmaak.

Op het tabblad Gegevensopmaak van het dialoogvenster Celopmaak kunt u bepalen hoe de waarden in de cellen worden weergegeven.

In het bovenste gedeelte van het tabblad kunt u de opmaak van getallen, datum en tijd instellen, in het vak Voorbeeld kunt u het effect van de opmaak zien.

U kunt de opmaak voor een gehele rij of kolom instellen door de rij of kolom te selecteren en daarna het dialoogvenster Celopmaak te openen door met de rechtermuisknop te klikken.

Opmerking

U kunt de precisie (het aantal decimalen) voor elk getal verhogen in Algemeen, Getal, Procent, Geldbedrag en Wetenschappelijk door op de knop Precisie verhogen in de werkbalk Opmaak te klikken:

U kunt de precisie (het aantal decimalen) voor elk getal verlagen in Algemeen, Getal, Procent, Geldbedrag en Wetenschappelijk door op de knop Precisie verlagen in de werkbalk Opmaak te klikken:

Algemeen

Dit is de standaardopmaak en Calligra Sheets detecteert automatisch het feitelijke gegevenstype van de inhoud van de huidige cel. Standaard lijnt Calligra Sheets getallen, data en tijden rechts uit, en al het overige links.

Als de opmaak Algemeen niet aan uw eisen voldoet, kunt u één van de volgende specifieke opmaaktypen kiezen.

Getal

De notatie die gebruikt wordt, is de notatie die ingesteld is in Systeeminstellingen in Regio en toegankelijkheidGetallen. Getallen worden standaard rechts uitgelijnd.

Procent

Als er een getal in de geselecteerde cel staat, en u wijzigt de celopmaak van Algemeen in Procent, wordt het getal met 100% vermenigvuldigd.

Als u bijvoorbeeld 2 intypt en voor de celopmaak Procent kiest, wordt het 200%. Als u de opmaak weer naar Algemeen terugzet, wordt de inhoud van de cel weer 2.

U kunt ook op de knop Procentenopmaak op de werkbalk Opmaak klikken:

Geldbedrag

De opmaak Geld converteert het getal naar de valutanotatie die ingesteld is in Systeeminstellingen in Regio & toegankelijkheidLand/Regio & TaalValuta. Het valutasymbool en de precisie zoals die in Systeeminstellingen zijn ingesteld, worden gebruikt.

U kunt ook op de knop Valuta-opmaak op de werkbalk Opmaak klikken om de celopmaak aan te passen aan de huidige muntsoort:

Wetenschappelijk

De opmaak Wetenschappelijk geeft het getal in de wetenschappelijke notatie weer. Het getal 0.0012 bijvoorbeeld, wordt 1.2E-03. Als u de opmaak terugzet naar Algemeen wordt het getal weer 0.0012.

Breuk

Met de opmaak Breuk kunt u getallen als breuken laten weergeven. U kunt het type in de lijst aan de rechterkant kiezen, bijvoorbeeld 1/8, 2/16, 1/10, etc. Als de exacte waarde niet in het gekozen type weergegeven kan worden, wordt de dichtstbijliggende waarde genomen. Als u het getal 1,5 bijvoorbeeld in de opmaak Breuk en het type Zestienden 1/16 wilt omzetten, wordt "1 8/16" weergegeven. Dit komt exact overeen met het 1,5. Als u 1,4 als Breuk in het type Zestienden 1/16 wilt omzetten, wordt "1 6/16" weergegeven. Dit is de dichtstbijzijnde waarde die mogelijk is voor zestiende-breuken.

Datum

Wanneer u een datum invoert, kunt u het beste één van de opmaaktypen gebruiken die in Systeeminstellingen in Regio en toegankelijkheidLand/Regio & TaalTijd & datum ingesteld is. Hier zijn twee opmaaktypen ingesteld: de datum en de afgekorte datum.

Een willekeurig natuurlijk getal NN wordt omgezet in de datum vanaf 30 december 1899 (die 0 is) waarbij het aantal dagen NN wordt opgeteld. Als er bijvoorbeeld 100 in een cel staat, en u kiest Datumopmaak, wordt de datum "1900-04-09", 100 dagen na 30 december 1899. De begindatum is eigenlijk twee dagen te vroeg, dit was een fout in Lotus 123 en daarna werd dit in Excel overgenomen voor compatibiliteit. Voor datumberekeningen maakt dit niets uit, als u 9 dagen bij 1 november 2000 optelt, is het resultaat 10 november 2000.

Opmerking

Wanneer de inhoud van een cel een Datum is, kunt u deze cel omlaag slepen, net als bij cellen met getallen. De inhoud van de volgende cellen is dan ook een datum, in elke volgende cel een dag erbij.

Tijd

Hiermee krijgt de cel de opmaak van een tijd. Wanneer u een tijd invoert kunt het beste één van de opmaaktypen gebruiken die bij Tijdindeling in Systeeminstellingen in Regio en toegankelijkheidTijd & Datum is ingesteld. In het dialoogvenster Celopmaak kunt u instellen hoe de tijd weergegeven wordt door één van de beschikbare opties te kiezen. De standaardopmaak is die, die in Systeeminstellingen ingesteld is. Wanneer het getal in de cel niet herkenbaar is als tijd, geeft Calligra Sheets het getal 00:00 weer in de globale opmaak, die is ingesteld in Systeeminstellingen.

Datum en tijd

Hiermee krijgt de cel de opmaak van een datum en tijd.Wanneer u een tijd invoert kunt het beste één van de opmaaktypen gebruiken die bij Tijdindeling in Systeeminstellingen in Regio en toegankelijkheidTijd & Datum is ingesteld. In het dialoogvenster Celopmaak kunt u instellen hoe de tijd weergegeven wordt door één van de beschikbare opties te kiezen. De standaardopmaak is die, die in Systeeminstellingen ingesteld is. Wanneer het getal in de cel niet herkenbaar is als tijd, geeft Calligra Sheets het getal 00:00 weer in de globale opmaak, die is ingesteld in Systeeminstellingen.

Tekst

Hierdoor wordt de inhoud van de cel opgemaakt als tekst. Dit kan nuttig zijn als u wilt dat een getal als tekst wordt beschouwd en niet als een getal, bijvoorbeeld in een postcode. Een getal dat als tekst is opgemaakt, wordt links in de cel geplaatst. Als tekst opgemaakte getallen kunnen niet worden gebruikt in berekeningen. Ook wordt de plaats in de cel veranderd.

Aangepast

In deze versie werkt dit nog niet. Het wordt in de volgende versie ingebouwd.

In het onderste gedeelte van het tabblad Gegevensopmaak kunt u een Voorvoegsel: zoals een €-symbool aan het begin van elk bedrag toevoegen of een Achtervoegsel: zoals $HK aan het eind. U kunt ook instellen hoeveel cijfers er na de komma weergegeven worden, of positieve getallen een plusteken (+) krijgen, en of negatieve getallen in rood weergegeven worden.

Lettertypen en tekstopmaak

Het tabblad "Lettertype".

Op het tabblad Lettertype kunt u onder andere de Stijl:, de Grootte: en de Kleur: instellen, evenals enkele andere opties zoals onderstreepte of doorgehaalde tekst. In het onderste gedeelte ziet u een Voorbeeldvan de geselecteerde tekstopmaak.

Het standaardlettertype wordt voor alle cellen ingesteld in het menu OpmaakStijlenbeheer met de huidige stijl.

Stijl:

Hier kunt u de stijl voor het lettertype in de geselecteerde cellen kiezen. Wanneer er cellen met verschillende stijlen geselecteerd zijn, wordt als stijl Variërend (Geen wijziging) vermeld. Als u deze optie kiest, blijven de verschillende stijlen in de geselecteerde cellen zoals ze zijn. Als u bijvoorbeeld Recht kiest, wordt de lettertypestijl voor alle geselecteerde cellen Recht.

Grootte:

Hier kunt u de grootte voor het lettertype in de geselecteerde cellen kiezen. Wanneer er cellen met verschillende tekengrootten geselecteerd zijn, wordt als grootte (geen getal) vermeld. Als u deze optie kiest, blijven de verschillende grootten in de geselecteerde cellen zoals ze zijn. Als u bijvoorbeeld 14 kiest, wordt de tekengrootte voor alle geselecteerde cellen 14.

Gewicht:

Hier kunt u het gewicht voor het lettertype in de geselecteerde cellen kiezen. Wanneer er cellen met verschillend gewicht geselecteerd zijn, wordt als gewicht Variërend (Geen wijziging) vermeld. Als u deze optie kiest, blijven de verschillende gewichtinstellingen in de geselecteerde cellen zoals ze zijn. Als u bijvoorbeeld Vet kiest, wordt het gewicht voor alle geselecteerde cellen Vet.

Tekstkleur:

Hier kunt u de tekstkleur voor de geselecteerde cellen kiezen. Klik op de gekleurde balk om het KDE-dialoogvenster Kleur selecteren te openen, hierin kunt u een andere kleur kiezen.

Onderstrepen

Als deze optie ingeschakeld is, wordt de tekst in de geselecteerde cellen onderstreept. Standaard is deze optie uitgeschakeld.

Doorgehaald

Als deze optie ingeschakeld is, wordt de tekst in de geselecteerde cellen doorgehaald. Standaard is deze optie uitgeschakeld.

Tekstpositie en tekstrotatie

Het tabblad "Positie".

Op het tabblad Positie kunt u de uitlijning van de tekst in de cel bepalen bij Horizontaal en Verticaal. U kunt de waarde van het Inspringen wijzigen en de tekst verticaal of onder een hoek in plaats van horizontaal zetten.

Horizontaal

Hier stelt u de horizontale uitlijning van de celinhoud in. Bij de optie Standaard is de uitlijning afhankelijk van de gegevensopmaak. Links, Midden en Rechts lijnen de celinhoud respectievelijk aan de linkerkant, in het midden en aan de rechterkant van de cel uit.

Verticaal

Hier stelt u de verticale uitlijning van de celinhoud in. Boven, Midden en Onder lijnen de celinhoud aan de bovenkant, in het midden en aan de onderkant van de cel uit.

Tekstoptie

Deze optie is alleen beschikbaar als de rotatie 0° is. Als u Tekst afbreken inschakelt, wordt de tekst afgebroken zodat deze binnen de oorspronkelijke celgrootte past. Als deze optie uitgeschakeld is, blijft de tekst op één regel.

Als u de optie Verticale tekst inschakelt, wordt tekst verticaal in de cel geplaatst.

Rotatie

Hier kunt u het aantal graden instellen om de tekst te laten roteren. Positieve waarden laten de tekst tegen de klok in roteren, negatieve waarden met de klok mee.

Cellen samenvoegen

Het inschakelen van deze optie heeft hetzelfde effect als het menu OpmaakCellen samenvoegen. U moet ten minste twee aan elkaar grenzende cellen geselecteerd hebben. Deze cellen worden met elkaar samengevoegd tot één cel.

Wanneer u een samengevoegde cel selecteert en deze optie uitschakelt, worden alle cellen teruggezet naar hun oorspronkelijke grootte. Dit heeft hetzelfde effect als het menu GegevensCellen splitsen.

Inspringen

Instellen van de inspringdiepte die in de cel wordt gebruikt wanneer de acties Meer inspringen/Minder inspringen worden gekozen in de werkbalk. Deze acties zijn niet standaard actief in de werkbalk.

Celgrootte

Hier kunt u de grootte van de geselecteerde cellen instellen. U kunt de breedte en de hoogte aanpassen of de standaardbreedte en -hoogte gebruiken.

Celrand

Het tabblad "Rand".

Op het tabblad Rand kunt u de celranden instellen. Als u meer dan één cel geselecteerd hebt, kunt u verschillende stijlen kiezen voor de randen tussen de cellen en de randen om de cellen heen.

Selecteer eerst het patroon en de kleur in het gedeelte Patroon op het tabblad Rand en pas deze toe op verschillende delen van de rand door op de gewenste knop te klikken in het gedeelte Rand of op een van de knoppen in het gedeelte Voorselecteren. Door op de linkerknop in het gedeelte Voorselecteren te klikken kunt u alle randen weer wissen. U kunt ook diagonale lijnen in de cellen aanbrengen.

Celachtergrond

Het tabblad "Achtergrond".

Op het tabblad Achtergrond kunt u het patroon en de kleur voor de celachtergrond instellen.

Kies eerst het gewenste Patroon en kies daarna de Kleur voor het patroon en de Achtergrondkleur.

Onderop het tabblad kunt u een Voorbeeld zien van de geselecteerde celachtergrond.

Celbescherming

Het tabblad "Celbescherming".

p het tabblad Celbeschrming kunt u instellen hoe de inhoud van een cel beschermd wordt.

Alle cellen zijn standaard beschermd (dit betekent dat de celinhoud niet gewijzigd kan worden). Om de celbescherming actief te maken moet u ook het werkblad beschermen door het menu HulpmiddelenWerkblad beschermen... te kiezen en een wachtwoord op te geven. U kunt ook de formules in cellen verbergen om te voorkomen dat anderen de formule zien. Ook hiervoor moet de bescherming van het werkblad ingeschakeld worden. U kunt de inhoud van cellen verbergen met Alles verbergen en ook hiervoor moet de bescherming van het werkblad ingeschakeld zijn. Meer informatie over deze instellingen kunt u vinden in het hoofdstuk Gevorderd hoofdstuk Calligra Sheets, Beveiliging.

Alles verbergen

Als deze optie ingeschakeld, is wordt de inhoud van de cel verborgen. Dit heeft alleen effect als het werkblad beschermd is, dit betekent dat het in- of uitschakelen van Alles verbergen alleen effect heeft als een werkblad beschermd is. Het maakt niet uit of de cel zelf al dan niet beschermd is.

Als Alles verbergen ingeschakeld is, zijn de opties Beschermd en Formule verbergen niet beschikbaar, omdat, wanneer het werkblad beschermd is, de celinhoud en de formules beschermd en verborgen worden door de optie Alles verbergen.

Beschermd

Als deze optie ingeschakeld is, word de celinhoud beschermd. Dit is de standaard. Om de celbescherming actief te maken moet u het gehele werkblad beschermen door het menu HulpmiddelenWerkblad beschermen... te kiezen. Als cellen beschermd zijn, kan de inhoud ervan niet gewijzigd worden.

Formule verbergen

Als deze optie ingeschakeld is, blijft de cel en de celinhoud zichtbaar, maar de formule wordt niet op de Formulebalk getoond. Het verbergen van formules wordt pas actief als de bescherming voor het werkblad ingeschakeld is.

Geen tekst afdrukken

Als u Geen tekst afdrukken inschakelt, wordt de tekst in de cel niet afgedrukt. Standaard is deze optie uitgeschakeld, tekst wordt standaard altijd afgedrukt.

Voorwaardelijke celattributen

Voorwaardelijke celattributen

U kunt het uiterlijk van een cel laten veranderen afhankelijk van de waarde van de inhoud. Dit kan nuttig zijn als u Calligra Sheets gebruikt om uw huishoudelijke uitgaven bij te houden, en bijvoorbeeld elke uitgave van meer dan duizend euro wilt markeren.

Selecteer hiervoor eerst de cel(len) en kies dan Voorwaardelijke celattributen... in het menu Opmaak. Het dialoogvenster Voorwaardelijke celattributen verschijnt. Hierin kunt u het lettertype en de kleur van de cel wijzigen zodra het bedrag aan één of meer voorwaarden voldoet. De tweede en derde voorwaarden worden alleen toegepast als de waarde niet aan de voorgaande voorwaarden voldoet.

Om voorwaardelijke celattributen van geselecteerde cellen te verwijderen kiest u WissenVoorwaardelijke celattributen in het menu Bewerken.

Celgrootte wijzigen

Celgrootte wijzigen

Op het tabblad Positie van het dialoogvenster Celopmaak kunt u de grootte van de geselecteerde cel(len) wijzigen. Wanneer u de hoogte van een cel wijzigt, wordt de hoogte van de gehele rij gewijzigd, de breedte van de gehele kolom wordt gewijzigd wanneer u de breedte van een cel wijzigt.

U kunt ook de te wijzigen rij(en) of kolom(men) selecteren, en daarna kiezen: Rijhoogte wijzigen of Kolombreedte wijzigen in het contextmenu dat verschijnt wanneer u met de rechtermuisknop klikt, of in het menu OpmaakRij of OpmaakKolom.

Wanneer u de muiswijzer op de grenslijn tussen twee rijnummers plaatst in het venster van Calligra Sheets, verandert deze in een dubbele pijl. Houd de linkermuisknop ingedrukt en versleep de grenslijn tussen de twee rijen om de hoogte van de bovenste rij te wijzigen. Op dezelfde manier kunt u de breedte van kolommen wijzigen.

Om de rijhoogte en de kolombreedte op het minimum in te stellen, zodat alle gegevens nog weergegeven worden, selecteert u de gehele rij of kolom. Klik met de rechtermuisknop op de rij- of kolomkop en kies Rij aanpassen of Kolom aanpassen in het contextmenu. De afmetingen van de rij of de kolom worden zo klein mogelijk gemaakt. U kunt ook een cel of een celbereik selecteren en Rij en kolom aanpassen in het contextmenu of in het menu Opmaak kiezen.

U kunt een aantal aangrenzende rijen of kolommen even hoog of breed maken door OpmaakRijRij gelijk maken of OpmaakKolomKolom gelijk maken te kiezen.

Cellen samenvoegen

Cellen samenvoegen

Het kan soms handig zijn een cel de breedte van twee of meer kolommen of de hoogte van twee of meer rijen te geven. Om dit te doen moet u cellen samenvoegen. Selecteer de cellen die samengevoegd moeten worden en kies daarna het menu OpmaakCellen samenvoegen.

Om de cellen weer te splitsen selecteert u eerst de samengevoegde cel en kiest u daarna Cellen splitsen in het menu Opmaak.

Rijen en kolommen verbergen

Rijen en kolommen verbergen

Een werkblad kan gemakkelijker te lezen worden door de cellen met tussenberekeningen te verbergen, zodat alleen de belangrijke gegevens zichtbaar blijven.

In Calligra Sheets kunt u geselecteerde rijen of kolommen verbergen door de opties Rijen verbergen en Kolommen verbergen in het menu OpmaakRij of OpmaakKolom te kiezen. Verborgen rijen en kolommen worden niet op het scherm weergegeven en worden niet afgedrukt.

Verborgen cellen kunnen ook minder gemakkelijk per ongeluk gewijzigd werden.

Om een verborgen rij of kolom weer te tonen kiest u RijRijen tonen... of KolomKolommen tonen... in het menu Opmaak. In het dialoogvenster dat verschijnt kunt u de rijen of kolommen kiezen die getoond moeten worden.

Werkbladeigenschappen

Werkbladeigenschappen

U kunt de eigenschappen van het huidige werkblad zien door te rechtsklikken op de tab en Werkbladeigenschappen in het context menu te kiezen of door het menu OpmaakWerkbladWerkbladeigenschappen te kiezen. Houd er rekening mee dat u de eigenschappen alleen kunt zien als het werkblad of het document niet beschermd is.

U kunt hier verscheidene eigenschappen voor het huidige werkblad instellen. Klik op OK om wijzigingen op te slaan, klik op Standaard om de standaardinstellingen terug te zetten.

Het dialoogvenster "Werkbladeigenschappen".

Opmaakrichting:

Hier kunt u de oriëntatie van het werkblad instellen. Standaard bevindt de eerste kolom zich links. Als u Rechts naar links kiest, komt de eerste kolom aan de rechterkant van het werkblad.

Nul verbergen

Als deze optie ingeschakeld is, worden cellen die de waarde nul bevatten leeg gelaten.

Automatische herberekening

Deze instelling bepaalt of formules automatisch opnieuw worden berekend wanneer de waarde in een cel waar zij naar verwijzen verandert.

Kolom als nummers tonen

Als deze optie geselecteerd is, worden de kolomkoppen genummerd in plaats van met letters aangeduid. Letters zijn de standaard.

LC-modus gebruiken

Als deze optie geselecteerd is, wordt de celaanduiding aan de linkerkant van de Formulebalk getoond in de LC-modus (bijv. L2C3) in plaats van op de normale manier B3. Dit lijkt op dit moment niet erg nuttig.

Eerste letter omzetten in hoofdletter

Selecteren van deze optie maakt dat de eerste letter van elke tekst die u intypt automatisch naar een hoofdletter wordt omgezet.

Raster tonen

Als deze optie ingeschakeld is, wordt het raster (de grijze celranden) getoond. Dit is de standaard. Als u deze optie uitschakelt, wordt het raster verborgen.

Paginaranden tonen

Indien u deze optie kiest worden de paginaranden van uw huidige werkblad getekend. Standaard is dit niet het geval. Het is nuttig de paginaranden te kunnen zien als u het werkblad wilt afdrukken.

Formule tonen

Als deze optie ingeschakeld is, toont Calligra Sheets de gebruikte formules in de cellen in plaats van de resultaten.

Formule-indicator tonen

Als deze optie ingeschakeld is, plaatst Calligra Sheets een blauw driehoekje in de linker benedenhoek van cellen die een formule bevatten. Dit kan nuttig zijn als u deze cellen wilt beschermen.

Commentaarindicator tonen

Als deze optie geselecteerd is, worden cellen met commentaar gemerkt met een rood driehoekje in de rechter bovenhoek.

Hoofdstuk 4. Calligra Sheets voor gevorderden

Hoofdstuk 4. Calligra Sheets voor gevorderden

Pamela Robert

Anne-Marie Mahfouf

Vertaler: Natalie Koning

Reeksen

Bij het maken van een rekenblad zijn er vaak getallenreeksen in rijen of kolommen nodig, zoals 10, 11, 12.... Er zijn verscheidene manieren waarop u dat in Calligra Sheets kunt doen.

Voor een korte reeks, zoals 5, 6, 7, 8..., is Slepen en kopiëren de eenvoudigste methode. Typ de beginwaarde in de eerste cel en de volgende waarde in de aangrenzende cel. Selecteer de twee cellen en plaats de muiswijzer op het zwarte vierkantje in de rechterbenedenhoek; de muiswijzer verandert in een diagonale dubbele pijl. Houd de linkermuisknop ingedrukt terwijl u de muis omlaag of naar rechts sleept.

De stapgrootte wordt berekend als het verschil tussen de twee beginwaarden. Als u bijvoorbeeld 4 in cel A1 en 3,5 in cel A2 intypt en dan de twee cellen selecteert en omlaag kopieert, is de stapgrootte de waarde in A2 min de waarde in A1, in dit geval -0,5. De reeks 4, 3,5, 3, 2,5, 2... is het resultaat.

Slepen en kopiëren werkt ook bij reeksen waar de stapgrootte geen constante waarde, maar zelf ook een reeks is. Als u begint met 1, 3, 4, 6 zal "Slepen en kopiëren" de reeks aanvullen tot 1, 3, 4, 6, 7, 9, 10, 12...;,de stapgrootte is in dit geval de reeks 2, 1, 2, 1...

Calligra Sheets herkent ook enkele speciale reeksen zoals de dagen van de week. U kunt bijvoorbeeld vrijdag in een cel intypen (let op hoofd- en kleine letters) en omlaag "Slepen en kopiëren". Kies HulpmiddelenAangepaste lijsten... om te zien welke reeksen er beschikbaar zijn. Hier kunt u ook zelf reeksen aanmaken.

Als u een cel selecteert en Reeksen... in het menu Invoegen kiest, verschijnt het dialoogvenster Reeksen. In dit dialoogvenster kunt u reeksen aanmaken die te lang zijn voor de methode "Slepen en kopiëren", of om meetkundige reeksen zoals 1, 1,5, 2,25, 3,375... te maken waarin de waarde 1,5 gebruikt wordt als factor.

Als een reeks te ingewikkeld is voor beide voorgaande methoden kunt u een formule gebruiken en die "Slepen en kopiëren". Om bijvoorbeeld een reeks te creëren met de waarden 2, 4, 15, 256..., typt u 2 in cel A1, =A1*A1 in cel A2, en kopieert u cel A2 omlaag.

Formules

Formules

Ingebouwde functies

Calligra Sheets beschikt over een groot aantal ingebouwde wiskundige en andere functies die in formules gebruikt kunnen worden. U vindt ze in het menu Functie...Invoegen. U krijgt zo het dialoogvenster Functie.

Selecteer de gewenste formule in de keuzelijst aan de linkerkant. Op het tabblad Help kunt u een beschrijving, het teruggegeven type, de syntaxis, de parameters en voorbeelden voor deze functie zien. Bovendien zijn er op dit tabblad vaak koppelingen naar gerelateerde functies. Klik vervolgens op de knop met de pijl omlaag om de formule in het tekstvak onderin het dialoogvenster te plakken.

Het tabblad Parameters wordt beschikbaar, hier kunt u de parameter(s) voor de formule invullen. U kunt de waarde voor een parameter in het tekstvak op het tabblad Parameters typen. Om een celverwijzing in plaats van een waarde in te vullen klikt u met de linkermuisknop in het tekstvak op het tabblad Parameters en daarna klikt u met de linkermuisknop in de cel op het rekenblad.

In plaats van het tabblad Parameters te gebruiken kunt u celverwijzingen zoals B6 ook direct in het onderste tekstvak in het dialoogvenster Functie intypen. Als een functie meer dan één parameter heeft, moeten deze gescheiden worden door een puntkomma (;).

Klik op OK om de functie in de huidige cel in te voegen en het dialoogvenster Functie te sluiten.

U kunt formules natuurlijk ook zonder het dialoogvenster Functie gebruiken door de complete formule in de Celbewerker in de formulebalk te typen. De namen van de functies zijn niet hoofdlettergevoelig. Vergeet niet dat alle formules met een = moeten beginnen.

Logische vergelijkingen

Aan logische functies zoals IF(), AND(), OR() worden parameters meegegeven die de logische (booleaanse) waarde Waar of Onwaar hebben. Deze waarden kunnen geproduceerd worden door andere logische functies zoals ISEVEN() of door het vergelijken van waarden in cellen met behulp van de vergelijkende symbolen, die in de volgende tabel staan.

Symbool Beschrijving Voorbeeld
==Is gelijk aanA2==B3 is Waar als de waarde in A2 gelijk is aan de waarde in B3
!=Is niet gelijk aanA2!=B3 is Waar als de waarde in A2 niet gelijk is aan de waarde in B3
<>Is niet gelijk aanIs hetzelfde als A2!=B3
<Is kleiner danA2<B3 is Waar als de waarde in A2 kleiner is dan de waarde in B3
<=Is kleiner dan of gelijk aanA2<=B3 is Waar als de waarde in A2 kleiner dan of gelijk is aan de waarde in B3
>Is groter danA2>B3 is Waar als de waarde in A2 groter is dan de waarde in B3
>=Is groter dan of gelijk aanA2>=B3 is Waar als de waarde in A2 groter dan of gelijk is aan de waarde in B3

Als u =IF(B3>B1;"GROTER";"") in een cel intypt, zal GROTER getoond worden als de waarde in B3 groter is dan de waarde in B1, in andere gevallen wordt er niets getoond.

Absolute celverwijzingen

Als een formule een celverwijzing bevat, wordt deze verwijzing gewoonlijk gewijzigd wanneer de cel naar een ander gedeelte van het werkblad gekopieerd wordt. Plaats een $ vóór de kolomletter, het rijnummer, of beide, om de verwijzing niet te laten veranderen.

  • Als A1 de formule =D5 bevat en naar B2 gekopieerd wordt, zal de formule gewijzigd worden in =E6 (standaard).

  • Als A1 de formule =$D5 bevat en naar B2 gekopieerd wordt, zal de formule gewijzigd worden in =D6 (de kolomletter wordt niet gewijzigd).

  • Als A1 de formule =D$5 bevat en naar B2 gekopieerd wordt, zal de formule gewijzigd worden in =E5 (het rijnummer wordt niet gewijzigd).

  • Als A1 de formule =$D$5 bevat en naar B2 gekopieerd wordt, zal de formule =D5 blijven (noch de kolomletter, noch het rijnummer wordt gewijzigd).

Wanneer u een celverwijzing in een formule intypt of bewerkt, kunt u met de sneltoets F4 deze vier mogelijkheden laten rouleren.

Benoemde cellen kunnen op een soortgelijke manier gebruikt worden om een statische celverwijzing in een formule op te nemen.

Berekeningen met "Speciaal plakken"

Berekeningen met "Speciaal plakken"

Soms kan het nodig zijn om een bepaalde waarde bij een aantal cellen op te tellen, of er vanaf te trekken, of om de cellen met een waarde te vermenigvuldigen of erdoor te delen. Met de optie Speciaal plakken... kunt u dit snel en eenvoudig doen.

Vul eerst ergens in een aparte cel op het rekenblad de vervangingswaarde in en Kopieer deze. Selecteer dan de cellen die u wilt wijzigen, kies Speciaal plakken... in het menu Bewerken, of in het contextmenu dat verschijnt na klikken met de rechtermuisknop. Kies dan Optelling, Aftrekking,Vermenigvuldiging of Deling in het gedeelte Handeling van het dialoogvenster.

U kunt ook verschillende wijzigingswaarden op verschillende rijen of kolommen toepassen door een bereik te kopiëren dat de gewenste wijzigingswaarden bevat voordat u het doelbereik selecteert en Speciaal plakken... kiest. Als u bijvoorbeeld 5 in cel A1 en 10 in cel B1 invult, beide cellen selecteert en Kopieert, daarna Speciaal plakken...Optelling in de cellen A10 tot en met D15 uitvoert, zal 5 bij A10:A15 en C10:C15 opgeteld worden en zal 10 bij cel B10:B15 en D10:D15 opgeteld worden.

Een wijzigingswaarde kan zowel een formule als een eenvoudige numerieke waarde zijn. Als een formule gebruikt wordt, zal Calligra Sheets de celverwijzingen aanpassen zoals dat bij normaal Plakken ook gebeurt.

Array formules

Array formules

In Calligra Sheets is het mogelijk formules te gebruiken die resulteren in een matrix of een waardenbereik. Gewoonlijk wordt in een cel alleen de eerste waarde weergegeven. Indien u de gehele matrix wilt laten weergeven, gebruikt u hiertoe Ctrl+Alt+Enter bij het bewerken van een formule, deze wordt dan omgezet in een array-formule, waarmee ook de nodige naburige cellen worden gevuld.

Cellen die deel uitmaken van een array-formule kunnen niet bewerkt worden.

Doel zoeken

Doel zoeken

Calligra Sheets kan worden gebruikt om algebraïsche expressies te beantwoorden, zoals x + x^2 = 4 ofwel Voor welke waarde van x is x + x-kwadraat gelijk aan 4?.

Voor dit voorbeeld zou u A2+A2*A2 in A1 kunnen invullen en dan net zo lang een waarde in A2 kunnen proberen tot het resultaat in A1 de waarde 4 voldoende benadert. Een snellere manier is Calligra Sheets automatisch de waarde te laten berekenen met behulp van Doel zoeken..., die ditzelfde automatisch doet.

Kies Doel zoeken... in het menu Gegevens. Er verschijnt een dialoogvenster waarin u de celverwijzing met de doelwaarde (in dit geval A1) bij Cel instellen: invult, de doelwaarde (4) bij Naar waarde: en de celverwijzing die veranderd moet worden (A2) bij Door het veranderen van cel:. Let erop dat u een beginwaarde in de cel die veranderd moet worden ingevuld moet hebben voordat u Doel zoeken... kunt uitvoeren.

Klikken op de knop Starten in het dialoogvenster Doel zoeken start de berekening. Als een antwoord is gevonden, klikt u op OK om het resultaat te accepteren of op Annuleren om de oorspronkelijke waarde te behouden.

Kruistabellen

Kruistabellen

Calligra Sheets kan gebruikt worden om kruistabellen te maken met de gegevens uit de huidige tabel.

Deze functie kan worden opgeroepen door Kruistabel... in het menu Gegevens te selecteren. Onderstaand is een voorbeeld van het genereren van een kruistabel.

Veronderstel dat we de volgende gegevens hebben.

Initiële tabel

We willen een kruistabel naar onze keuze en vereisten maken. We kiezen dus GegevensKruistabel....

Het dialoogvak dat zal verschijnen stelt de gebruiker in staat om de gegevensbron te selecteren. De gegevens kunnen genomen worden uit het huidige werkblad of uit een externe bron zoals een database of ODS-bestand.

De gegevensbron kiezen

Hier is het dialoogvak dat de gebruiker in staat stelt om de kruistabel aan te passen. De kolom labels in de brongegevens worden geconverteerd naar labels die functioneren als de werkvelden. De labels kunnen versleept en los gelaten worden in een van de drie gebieden (Rijen, kolommen of Waarden) om de kruistabel te genereren. U kunt uw keuzes herstellen met de knop Reset DnD.

Het dialoogvenster voor aanpassen van de kruistabel

In ons voorbeeld, wordt Naam versleept naar Rijen, Categorie naar Kolommen, Score naar Waarden. Gebruikergedefineerde functies zoals som, gemiddelde, maximum, minimum, aantal, etc. kunnen geselecteerd worden uit de lijst met Selectie-opties.

De knop Filter toevoegen kan gebruikt worden om het filterdialoogvak te openen om de gewenste gegevens te filteren. Met dit vakje kunt u meerdere filters definiëren gebaseerd op het kolomlabel en de relatie er tussen (En of Of). Dit zou u zeer veel vrijheid moeten bieden om de uitvoer aan te passen.

Het dialoogvenster voor filteren van de kruistabel

Totaal rijen en Totaal kolommen: deze activeren stelt u in staat om automatisch de bijbehorende rijen en kolommen in de kruistabel te totaliseren.

Meerdere werkbladen gebruiken

Meerdere werkbladen gebruiken

Wanneer u een nieuw, leeg document maakt, zal Calligra Sheets een aantal lege werkbladen aanmaken. Dit aantal is afhankelijk van het gebruikte sjabloon.

InvoegenWerkblad voegt een nieuw blad aan het document toe.

U kunt ook naar een ander werkblad overschakelen met sneltoetsen: met Ctrl+PageDown krijgt u het volgende werkblad, met Ctrl+PageUp het vorige werkblad.

Werkbladen krijgen standaard de namen Werkblad 1,Werkblad 2... U kunt een werkblad een andere naam geven door met de rechter muisknop op het tabblad te klikken en Werkblad hernoemen... te kiezen.

Om een werkblad te verwijderen kiest u de optie Werkblad verwijderen in het contextmenu dat verschijnt als u met de rechtermuisknop op het tabblad van het werkblad dat u wilt verwijderen, klikt.

Met de overige items in het menu OpmaakWerkblad kunt u werkbladen verbergen of tonen op dezelfde manier waarop rijen en kolommen verborgen kunnen worden.

Als u een formule op het ene werkblad naar een cel op een ander werkblad wilt laten verwijzen, moet de celverwijzing beginnen met de naam van het werkblad gevolgd door een uitroepteken (!). Als u bijvoorbeeld =Werkblad2!A2 in een cel op Werkblad 1 typt, zal de waarde in cel A2 op Werkblad 2 gebruikt worden. De namen van de werkbladen zijn hoofdlettergevoelig.

Gegevens consolideren

Wanneer u een document hebt dat verscheidene werkbladen bevat met gelijksoortige gegevens voor bijvoorbeeld verschillende maanden in een jaar, kunt u een werkblad toevoegen dat een overzicht bevat van de geconsolideerde (bijv. som of gemiddelde) waarden van de overeenkomende gegevens op de overige werkbladen.

Deze taak kan eenvoudiger gemaakt worden door Consolideren... in het menu Gegevens te gebruiken.

Door dit menu-item te kiezen wordt het dialoogvenster Consolideren geopend.

Voor elk van de bronwerkbladen vult u een verwijzing naar de gewenste gegevens in bij Referentie: in het dialoogvenster Consolideren. Klik op de knop Toevoegen om de verwijzing aan Ingevoerde referenties: toe te voegen. De verwijzing moet ook de naam van het werkblad met de brongegevens bevatten, zoals bijvoorbeeld januari!A1:A10, dit wordt automatisch gedaan als u het celbereik op het juiste werkblad selecteert.

Wanneer u alle verwijzingen voor de brongegevens ingevoerd hebt, selecteert u op het doelwerkblad de cel waar de linkerbovenhoek van het geconsolideerde resultaat moet komen. Kies daarna de gewenste Functie in de keuzelijst en klik op OK.

Als u op de knop Details > > klikt en in het dialoogvenster Gegevens kopiëren selecteert, zullen de waarden die het gevolg zijn van het consolideren in de doelcellen worden geplaatst in plaats van de formules waarmee die zijn berekend.

Een grafiek invoegen

Een grafiek invoegen

U kunt een grafiek op een werkblad invoegen om een grafisch overzicht van de gegevens te zien.

Activeer eerst de "docker" Figuur toevoegen met het menu-item InstellingenDockers.

Selecteer eerst het celbereik met de gegevens en kies dan het menu GrafiekVorm toevoegen. Sleep de muisaanwijzer over het werkblad, met ingedrukte linker muisknop, en markeer zo een gebied waarbinnen de grafiek moet komen. Dit hoeft u niet erg precies te doen, omdat later de grootte van de grafiek nog heel gemakkelijk kan worden gewijzigd. Wanneer u nu de muisknop loslaat verschijnt er een dialoogvenster voor de grafiekopties.

Het gebied met gegevens is al ingevuld met het geselecteerde celbereik. Selecteer de eerste rij en kolom als verklarende tekst, selecteer Gegevens in rijen en klik op OK. De dialoog verdwijnt, en de grafiek verschijnt in het werkblad.

Selecteer nu het hu;lpmiddel Kaart bewerken in de "docker" Hulpmiddelen, en bewerk de eigenschappen van de kaart, zoals type grafiek, verklarende teksten en assen, in Kaart bewerken.

Schermafdruk van ingebedde grafiek

Om een grafiek te verplaatsen, van grootte te veranderen of zelfs te verwijderen gebruikt u het hulpmiddel Grafiek wijzigenen klikt u ergens binnen het gebied van de grafiek. De rand er omheen moet nu groen worden, met een klein geel vierkantje op elke hoek en in het midden van elke zijde.

Als u de muiswijzer op één van de vierkantjes plaatst, verandert deze in een dubbele pijl. U kunt nu de grootte van de grafiek wijzigen door een vierkantje te verslepen terwijl u de linker muisknop ingedrukt houdt. Om de grafiek te verwijderen klikt u met de rechter muisknop op één van de vierkantjes en kiest u Verwijderen.

Om de grafiek te verplaatsen plaatst u de muiswijzer ergens in de grafiek, de muiswijzer verandert in een kruisje. Druk op de linker muisknop, houd de knop ingedrukt en sleep de grafiek naar de gewenste plaats.

Klik ergens buiten de grafiek wanneer u klaar bent met wijzigen.

Om de opmaak van de kaart zelf te wijzigen klikt u twee keer met de linker muisknop binnen de kaart. In de "docker" verschijnt nu de optie Kaart bewerken, die u kunt gebruiken om de kaart te wijzigen.

Externe gegevens invoegen

Externe gegevens invoegen

U kunt gegevens vanuit een tekstbestand of vanaf het klembord in een werkblad invoegen door eerst de cel waar het eerste ingevoegde gegeven moet komen, te selecteren en daarna Vanuit een tekstbestand... of Vanaf het klembord... in het menu InvoegenExterne gegevens te kiezen.

In beide gevallen gaat Calligra Sheets ervan uit dat de gegevens in CSV-opmaak zijn (Comma Separated Values, is door komma's gescheiden waarden). Er verschijnt een dialoogvenster waarin u kunt regelen hoe de gegevens uit het bestand of van het klembord moeten worden gelezen, en in de cellen van het werkblad moeten worden geplaatst.

Als uw systeem het ondersteunt, kan Calligra Sheets ook gegevens uit een SQL-database in een werkblad invoegen. Selecteer hiervoor het menu InvoegenExterne gegevensVanuit database....

Cellen koppelen

Cellen koppelen

Een cel op een werkblad kan aan een handeling gekoppeld worden zodat wanneer u er met de linkermuisknop op klikt, bijvoorbeeld de webbrowser geopend wordt. Om een koppeling aan een cel toe te voegen kiest u het menu InvoegenKoppeling.... Het dialoogvenster Koppeling invoegen verschijnt, hierin kunt u kiezen uit vier verschillende koppelingen:

  • Een Internet-koppeling zal uw webbrowser openen met de URL die in het tekstvak Internetadres van het dialoogvenster Koppeling invoegen is ingevuld. Bijvoorbeeld http://www.calligra.org.

  • Wanneer u op een cel met een E-mail-koppeling klikt, wordt uw e-mailprogramma geopend met het adres dat in het tekstvak E-mail: is ingevuld als het Aan: adres. Bijvoorbeeld anon@example.com.

  • Een cel met een Bestand-koppeling bevat het pad naar een bestand of een map, zoals ingevuld in het tekstvak Bestandslocatie:. Wanneer u erop klikt zal het bestand of de map geopend worden in een daarvoor geschikte toepassing.

  • Een cel met een koppeling naar een Cel bevat een Calligra Sheets-verwijzing naar een cel, zoals is ingevuld in het tekstvak Cel of benoemd gebied. Wanneer u met de linker muisknop op dergelijke cel klikt, zal Calligra Sheets de cursor naar de doelcel verplaatsen.

In elk van de vier typen cellen die een koppeling bevatten, moet een geschikte tekst staan, die is ingevuld in het tekstvak Te tonen tekst in het dialoogvenster Koppeling invoegen. Dit is de tekst die in de cel wordt getoond.

Geldigheid controleren

Geldigheid controleren

Calligra Sheets kan automatisch de geldigheid van ingevoerde gegevens aan de hand van een aantal criteria controleren en een foutmelding tonen als de gegevens ongeldig zijn.

Om deze functie in te schakelen selecteert u de cel(len) die gecontroleerd moeten worden en daarna kiest u het menu GegevensGeldigheid.... Calligra Sheets opent het dialoogvenster Geldigheid, dat drie tabbladen heeft.

Op het tabblad Criteria kiest u het geldige gegevenstype in de keuzelijst Toestaan. U definieert de geldige waarden door één van de opties in de keuzelijst Gegevens te selecteren en de toegestane waarde(n) in een of beide tekstvak(ken) in te vullen.

In het tabblad Foutmelding kunt u het type van de melding kiezen (Stoppen, Waarschuwing of Informatie) dat getoond wordt bij ongeldige invoer. U kunt hier ook de titel en de tekst van de melding instellen.

Deze functie controleert alleen gegevens die in de cel ingevoerd worden. Het controleren van resultaten van formulecellen wordt beschreven in Voorwaardelijke celattributen.

Bescherming

Bescherming

Documentbescherming

Wanneer een document beschermd is, moet het wachtwoord ingevoerd worden om werkbladen te kunnen toevoegen of verwijderen. Individuele cellen worden niet beschermd door een document te beschermen.

Kies het menu Hulpmiddelen Document beschermen.... Er verschijnt een dialoogvenster waarin uw wachtwoord wordt gevraagd. In Sterkte van wachtwoord: kunt u zien of uw wachtwoord veilig genoeg is. Hoe langer de indicator, hoe veiliger uw wachtwoord.

Het dialoogvenster "Document beschermen"

Dat wachtwoord is nodig om de bescherming van het document op te heffen.

Het dialoogvenster "Documentbescherming opheffen"

Wanneer een document beschermd is, kunt u geen:

  • Werkblad hernoemen

  • Werkblad invoegen

  • Werkblad verwijderen

  • Werkblad verbergen

  • Werkblad tonen

  • De werkbladeigenschappen zien

  • Cellen samenvoegen en losmaken

Een werkblad beschermen

Wanneer een werkblad beschermd is, betekent dit dat de inhoud van alle beschermde cellen en objecten in dat werkblad beschermd worden. Van cellen of celbereiken op een beschermd werkblad kan de bescherming opgeheven worden, zie het volgende gedeelte.

Om een werkblad te beschermen kiest u het menu HulpmiddelenWerkblad beschermen.... Er verschijnt een dialoogvenster waarin u een wachtwoord kunt intypen. Bij Sterkte van wachtwoord: kunt u zien of uw wachtwoord veilig genoeg is. Hoe langer de indicator, hoe veiliger uw wachtwoord is.

Dat wachtwoord is nodig om de bescherming van het werkblad op te heffen.

Wanneer een werkblad beschermd is, kunt u geen:

  • Object of grafiek invoegen

  • Cellen opmaken

  • Rijen of kolommen invoegen

  • Inhoud van cellen bewerken en wijzigen

  • Wijzigingen aan het werkblad maken

Opmerking

Het beschermen van een werkblad kan vooral nuttig zijn om te voorkomen dat formules per ongeluk verwijderd worden.

Cellen beschermen

Waarschuwing

Alle cellen zijn standaard beschermd, maar de bescherming wordt pas actief wanneer de bescherming van het werkblad ingeschakeld wordt. Als u de standaardinstellingen aanhoudt, hoeft u alleen het werkblad te beschermen om alle cellen te beschermen.

Als u alleen bepaalde cellen wilt beschermen moet deze standaardbescherming voor alle andere cellen uitgeschakeld worden. U zou het bijvoorbeeld mogelijk willen maken dat in de meeste cellen gegevens ingevoerd kunnen worden (hiervoor moet u de optie Beschermd uitschakelen), maar dat sommige cellen (zoals titels) niet gewijzigd kunnen worden. Er zijn drie stappen nodig om de bescherming voor slechts enkele cellen in te schakelen: de bescherming voor alle cellen opheffen; de cellen die wel beschermd moeten worden selecteren en beschermen; het werkblad beschermen.

Om de bescherming van alle cellen op te heffen:

  • Selecteer het gehele werkblad met de muis.

  • Kies het menu OpmaakCelopmaak....

  • In het dialoogvenster klikt u op het tabblad Celbescherming.

  • Schakel alles verbergen in en schakel Beschermd uit om de bescherming van alle cellen op te heffen. De cellen zijn nu allemaal onbeschermd.

Om een aantal al dan niet aaneengesloten cellen te beschermen:

  • Selecteer de cellen die u wilt beschernmen. Gebruik de Ctrl-toets om niet-aaneengesloten cellen te selecteren.

  • Wanneer alle gewenste cellen geselecteerd zijn kiest u het menu OpmaakCelopmaak....

  • In het dialoogvenster klikt u op het tabblad Celbescherming.

  • Schakel de bescherming in door het keuzevakje Beschermd te markeren en klik daarna op OK.

Zodra de cellen gemarkeerd zijn om beschermd te worden, moet de bescherming voor het werkblad ingeschakeld worden om de bescherming voor de cellen te activeren.

  • Kies het menu HulpmiddelenWerkblad beschermen....

  • Er verschijnt een dialoogvenster. Typ hier een veilig wachtwoord in, typ het nogmaals in bij "Verificatie" en klik daarna op OK.

  • Beschermde cellen in een beschermd werkblad kunnen niet bewerkt worden zonder eerst de bescherming van het werkblad op te heffen. Andere wijzigingen aan het werkblad zijn ook niet mogelijk. Er kunnen bijvoorbeeld geen rijen of kolommen ingevoegd worden, de kolombreedte of rijhoogte kan niet gewijzigd worden en er kunnen geen grafieken ingevoegd worden.

Formules verbergen

In bepaalde gevallen wilt u misschien de formules op een werkblad verbergen, zodat anderen ze niet kunnen zien. Standaard is elke cel beschermd, maar niet verborgen. Het is van belang om te onthouden dat deze opties pas effectief worden als het werkblad zelf beschermd is.

Een standaardcel met een formule

Om de formule in een of meer cellen te verbergen selecteert u de cellen (houd Ctrl ingedrukt om niet-aaneengesloten bereiken te selecteren) en kiest u het menu OpmaakCelopmaak.... Klik op het tabblad Celbescherming en schakel de optie Formule verbergen in. Nadat u het werkblad beschermd hebt, zijn de resultaten van de formules zichtbaar, maar de formules zelf niet.

Nu moet het werkblad beschermd worden: kies het menu HulpmiddelenWerkblad beschermen.... Typ een veilig wachtwoord in om te voorkomen dat anderen de bescherming van het werkblad kunnen opheffen.

Wanneer Formule verbergen ingeschakeld en Beschermd uitgeschakeld is, wordt de formule verborgen als het werkblad beschermd is, maar de inhoud van de cel kan wel gewijzigd woren.

Formule verbergen is ingeschakeld, de cel is niet beschermd, het werkblad is wel beschermd

Wanneer Formule verbergen en Beschermd ingeschakeld zijn, wordt de formule verborgen als het werkblad beschermd is, en de inhoud van de cel kan niet gewijzigd woren.

Formule verbergen en Beschermd zijn ingeschakeld bij Celbescherming en het werkblad is beschermd

Vergeet niet dat het vrij eenvoudig is om het wachtwoord van een beschermd werkblad te kraken. Deze oplossing biedt dus geen garantie op complete beveiliging.

Alle inhoud van een cel verbergen

U kunt zowel de formule als de inhoud van de cel verbergen door Alles verbergen op het tabblad "Celbescherming" in te schakelen. (Menu OpmaakCelopmaak.... In de schermafdruk hieronder is de cel zelf niet beschermd (Beschermd is niet ingeschakeld), de inhoud van de cel kan dus gewijzigd worden.

Alleen Alles verbergen is ingeschakeld (de cel is niet beschermd) en het werkblad is beschermd

Hier is de cel zelf beschermd, zodat de inhoud niet gewijzigd kan worden.

Alles verbergen en Beschermd zijn ingeschakeld en het werkblad is beschermd

Overige functies

Overige functies

Benoemde cellen en celbereiken

U kunt een cel of een celbereik een naam geven, bijvoorbeeld inkomsten, door de cel of het celbereik te selecteren en daarna Bereiknaam... te kiezen in het menu dat verschijnt wanneer u met de rechtermuisknop klikt. In het dialoogvenster Bereiknaam kunt u een naam intypen.

U kunt ook een cel of een bereik selecteren en de naam in het tekstvak dat de celverwijzing bevat, links op de formulebalk, intypen.

Als u hier een naam intypt die al in gebruik is zal Calligra Sheets de cursor naar die benoemde cel(len) verplaatsen.

Het menu GegevensBenoemde gebieden... opent een lijst van reeds bestaande namen en laat u focus van Calligra Sheets naar elk van hen wijzigen of een naam verwijderen.

Benoemde cellen kunnen nuttig zijn als een alternatief voor absolute celverwijzingen omdat de namen gebruikt kunnen worden in plaats van de gewone celverwijzingen. De namen veranderen niet wanneer de cel die de formule bevat gekopieerd wordt. Wanneer een naam in een formule gebruikt wordt moet deze ingesloten worden in enkele aanhalingstekens.

Als cel A1 bijvoorbeeld de naam hond heeft, kunt u een formule als ='hond' + 2 in een andere cel invoeren, die altijd 2 bij de waarde in cel A1 optelt, onafhankelijk waar de formulecel naartoe wordt gekopieerd.

Onthoud dat celnamen en bereiknamen behandeld worden alsof ze alleen kleine letters bevatten.

Celcommentaren

Een cel kan een commentaar bevatten dat niet direct zichtbaar is, maar wel zichtbaar gemaakt kan worden. Commentaren worden niet afgedrukt.

Om een commentaar toe te voegen selecteert u de cel en kiest u Commentaar... in het contextmenu dat verschijnt wanneer u met de rechter muisknop op de cel klikt, of u kiest het menu Invoegen en typt u uw commentaar in in het dialoogvenster Celcommentaar dat verschijnt.

Om commentaar te zien plaatst u de muiswijzer boven de cel. Dit commentaar wordt in een tekstballon getoond.

Als u het keuzevakje Commentaarindicator tonen in het dialoogvenster Werkbladeigenschappen markeert, worden de cellen die een commentaar bevatten geaccentueerd met een rood driehoekje in de rechterbovenhoek.

Dit dialoogvenster kunt u openen door met de rechtermuisknop op de werbladtab onderin het venster te klikken en Werkbladeigenschappen in het contextmenu te kiezen. U kunt het openen door OpmaakWerkblad in het menu te kiezen.

Om een commentaar uit een cel te verwijderen kiest u Commentaar verwijderen in het contextmenu dat verschijnt wanneer u met de rechter muisknop op de cel klikt, of u kiest het menu BewerkenWissenCommentaar.

Hoofdstuk 5. De sneltoetsen en werkbalken van Calligra Sheets instellen

Hoofdstuk 5. De sneltoetsen en werkbalken van Calligra Sheets instellen

Pamela Robert

Vertaler: Natalie Koning

Sneltoetsen

Om de sneltoetsen van Calligra Sheets te wijzigen kiest u het menu InstellingenSneltoetsen instellen.... Er verschijnt een dialoogvenster zoals hieronder te zien is.

Sneltoetsen instellen schermafdruk 1

Zoek in de keuzelijst naar de actie waaraan u een sneltoets wilt toewijzen of waarvan u die wilt wijzigen. Selecteer de actie door met de linker muisknop op de naam te klikken. U kunt de actie snel vinden als u de naam van de actie in de zoekbalk boven intypt . U kunt daarna de sneltoetsen wijzigen met behulp van de keuzerondjes Geen, Standaard of Aangepast.

U kunt nu de toetsencombinatie indrukken die u als sneltoetsen wilt gebruiken, bijvoorbeeld Ctrl+Shift+S.

Werkbalken

Werkbalken

Calligra Sheets heeft zes werkbalken: Bestand, Bewerken, Navigatie, Opmaak, Lettertype en Kleur/Rand. Elk van deze werkbalken kan wel of niet zichtbaar zijn, afhankelijk van de gemaakte keuze in het menu Instellingen.

Als de werkbalken niet vergrendeld zijn, kunt u kiezen of een werkbalk Boven, Links, Rechts, of Onder in het venster van Calligra Sheets geplaatst wordt. Klik met de rechter muisknop op de werkbalk om het Werkbalkmenu te openen en kies dan in het submenu Oriëntatie. Het Werkbalkmenu heeft ook submenus waarin u kunt kiezen of pictogrammen of tekst of allebei op de werkbalken getoond worden, en waarin u de grootte van de pictogrammen kunt kiezen.

U kunt een werkbalk ook met behulp van de muis verplaatsen. Plaats de muiswijzer op de twee verticale strepen aan het linker uiteinde van de werkbalk, houd de linker muisknop ingedrukt terwijl u de werkbalk naar een andere plaats versleept. Wanneer u de muisknop op enige afstand van een vensterrand van Calligra Sheets loslaat, wordt de werkbalk in een zwevend venster geplaatst. Dit venster kan dan overal naar toe worden verplaatst, ook buiten het venster van Calligra Sheets. Om een zwevend venster weer op één van de standaardposities te plaatsen klikt u met de rechter muisknop op de titelbalk, in het Werkbalkmenu kiest u Oriëntatie en daarna één van de opties.

Waneer u Werkbalken instellen... in het menu Instellingen kiest, verschijnt er een dialoogvenster waarin u knoppen kunt toevoegen aan of verwijderen van de werkbalken van Calligra Sheets.

In het dialoogvenster Werkbalken instellen kiest u eerst een werkbalk in de keuzelijst Werkbalk:. In het rechterpaneel, Huidige acties:, ziet u de lijst met knoppen die op de werkbalk aanwezig zijn. U kunt een knop verwijderen door erop te klikken en daarna op de knop met de pijl naar links te klikken. U kunt de knop verplaatsen door op de knoppen met de pijl omhoog en omlaag te klikken. Om een nieuwe knop aan de werkbalk toe te voegen kiest u een actie in het linkerpaneel, Beschikbare acties:, en klikt u daarna op de knop met de pijl naar rechts.

Hoofdstuk 6. Het dialoogvenster van "Calligra Sheets instellen"

Hoofdstuk 6. Het dialoogvenster van "Calligra Sheets instellen"

Pamela Robert

Vertaler: Natalie Koning

Als u het menu InstellingenSheets instellen... kiest, verschijnt er een dialoogvenster met verscheidene pagina's, die u door op de pictogrammen te klikken kunt openen en waarin u veel instellingen van Calligra Sheets kunt wijzigen.

Uiterlijk

Instellingen voor het uiterlijk.

Cursorbewegingen na indrukken van Enter:

Wanneer u op de Enter-toets drukt, zal de muisaanwijzer een plaats naar Omlaag, Omhoog, Rechts, Links of Omlaag, eerste kolom of Geen gaan, afhankelijk van de instelling in deze keuzelijst.

Getoonde functie in de statusbalk:

In deze keuzelijst kunt u de berekening kiezen die gebruikt wordt voor de Samenvatting in de statusbalk.

Eenheid:

Kies de standaard eenheid voor gebruik in de werkbladen.

Inspringen:

Stelt in hoe ver moet worden ingesprongen in een cel, als u Meer inspringen/Minder inspringen kiest in de werkbalk. Deze acties zijn niet standaard in de werkbalk aanwezig.

Alle navigatietoetsen vangen bij het bewerken

Vangt alle navigatietoetsen, bijv. de pijltjestoetsen, page up/page down, de tab-toetsen, wanneer een cel met de ingebouwde celbewerker wordt bewerkt. De ingebouwde celbewerker is die die direct in de cel verschijnt. Indien gevangen dienen de toetsen voor de navigatie in de bewerker, en anders voor de navigatie in het werkblad.

In het deel Kleuren kunt u de kleur kiezen van het raster van het werkblad. Als u dit raster helemaal niet wenst, maakt u Raster tonen inactief in de dialoog van OpmaakWerkbladWerkbladeigenschappen.

In dit deel kunt u ook de kleur kiezen voor de markeringslijnen die de paginaranden aangeven in de afdruk, wanneer Paginaranden in het menu Beeld geactiveerd is.

Selecteer Aangepast in de huidige kleur om de standaard dialoog Kleur kiezen van KDE te tonen.

Raster

Klik hierop om de rasterkleur te wijzigen, bijv. de kleur van de celranden.

Paginaranden

De paginaranden worden zichtbaar als u BeeldPaginaranden tonen inschakelt. Klik op de gekleurde balk om de standaardkleur, rood, door een andere kleur te vervangen.

Openen/Opslaan

Openen/Opslaan

Instellingen voor openen/opslaan.

Aantal bestanden in lijst recent geopende bestanden:

Bepaalt het aantal bestandsnamen dat getoond wordt wanneer u het menu BestandRecent geopend kiest.

Automatisch opslaan iedere:

Hier kunt u een tijdinterval voor het automatisch opslaan instellen. U kunt deze functie uitschakelen met Niet automatisch opslaan (door de minimum waarde te selecteren).

Reservekopiebestand aanmaken:

Markeer het keuzevakje als u wilt dat er reservekopieën gemaakt worden. Standaard is deze optie al ingeschakeld.

Plugins

Plugins

Instellingen plugins

Kies de plugin in de lijst. Het dialoogscherm Over krijgt u te zien als u op de infoknop klikt rechts van de lijst.

Spelling

Spelling

Instellen spellingcontrole.

Op deze pagina kunt u het gedrag van de spellingcontrole van Calligra Sheets instellen.

Voor verdere informatie kunt u de documentatie in Spellingcontrole raadplegen.

Auteur

Auteur

Instellingen auteur.

Kies een profiel voor de auteur van uw document.

U kunt een nieuw profiel toevoegen, of het huidige profiel verwijderen, met behulp van de knoppen rechts van de neerklaplijst voor profielen.

Hoofdstuk 7. De commando's

Hoofdstuk 7. De commando's

Pamela Robert

Vertaler: Natalie Koning

Het menu Bestand

BestandNieuw (Ctrl+N)

Maakt een nieuw bestand aan.

BestandOpenen... (Ctrl+O)

Opent een bestaand bestand.

BestandRecent geopend

Opent een lijst van recentelijk gebruikte bestanden, u kunt hier het bestand kiezen dat u wilt openen.

BestandOpslaan (Ctrl+S)

Slaat het document op.

BestandOpslaan als...

Het huidige document opslaan met een nieuwe naam of bestandstype. Indien u die wilt behouden kunt u het document Exporteren...

BestandHerladen

Laadt het document opnieuw.

BestandImporteren...

Importeert andere documenten.

Tabellen met gegevens worden vaak bewaard in tekstbestanden, met op de regels waarden, gescheiden door een komma, spatie, tabpositie of een ander karakter. Bijvoorbeeld 123, 456, 789, abcd, efgh. Zulke bestanden noemt men gewoonlijk called CSV-bestanden (Comma Separated Values, door komma's gescheiden waarden), ook al wordt een ander scheidingsteken gebruikt.

Indien u in Calligra Sheets een tekstbestand opent, wordt aangenomen dat dit een CSV-bestand is. Er wordt dan een dialoog geopend waarin u kunt opgeven welk scheidingsteken in dit bestand wordt gebruikt, en waarin wordt getoond hoe de gegevens in de cellen van het rekenblad zullen worden geplaatst.

Met andere opties in deze dialoog kunt u de Opmaak van de cellen in het rekenblad instellen, opgeven of de aanhalingstekens van teksten moeten worden weergegeven, en ook of de eerste regel(s) van het bestand moeten worden genegeerd.

BestandExporteren...

Slaat een document op in één van de ondersteunde bestandstypen. Het huidige document wordt niet vervangen door het geëxporteerde bestand.

BestandBestand verzenden...

Verzendt het bestand als een e-mailbijlage.

BestandSjabloon van document maken

Maakt een Calligra Sheets-sjabloon dat gebaseerd is op dit document.

BestandAfdrukken... (Ctrl+P)

Drukt het document af.

BestandAfdrukvoorbeeld...

Toont een voorbeeld van het document zoals het afgedrukt zal worden.

BestandDocumentinformatie

Opent een dialoogvenster waarin informatie over het document en de auteur ingevuld kan worden.

BestandSluiten (Ctrl+W)

Sluit het huidige document, maar sluit Calligra Sheets niet af.

BestandAfsluiten (Ctrl+Q)

Sluit Calligra Sheets af.

Het menu Bewerken

Het menu Bewerken

BewerkenOngedaan maken (Ctrl+Z)

Maakt de laatste handeling ongedaan.

BewerkenOpnieuw (Ctrl+Shift+Z)

Voert de laatste handeling opnieuw uit.

BewerkenKnippen (Ctrl+X)

Plaatst de geselecteerde items op het klembord en verwijdert ze uit het document. Als u hierna Plakken kiest, worden de items op de nieuwe plaats ingevoegd.

BewerkenKopiëren (Ctrl+C)

Kopieert de geselecteerde items naar het klembord.

BewerkenPlakken (Ctrl+V)

Plakt de inhoud van het klembord in de geselecteerde cellen.

BewerkenSpeciaal plakken...

Plakt items op een speciale manier. Meer informatie kunt u vinden bij Overige methoden om te plakken en Berekeningen met speciaal plakken.

BewerkenPlakken met invoeging

Verplaatst de inhoud van de geselecteerde cellen naar rechts of omlaag en plakt de items van het klembord in de geselecteerde cellen.

BewerkenVullen

Vult de geselecteerde cellen met de waarde uit de eerste itemgroep. Alle vier de richtingen worden geaccepteerd. Onthoud dat "itemgroep" de eerste waarden in de vulrichting zijn. Als naar links gevuld wordt, is de eerste itemgroep de laatste kolom van de selectie.

BewerkenZoeken... (Ctrl+F)

Zoekt in cellen naar de opgegeven tekst.

BewerkenVolgende zoeken (F3)

Zoekt in volgende cellen naar de opgegeven tekst.

BewerkenVorige zoeken (Shift+F3)

Zoekt in voorgaande cellen naar de opgegeven tekst.

BewerkenVervangen... (Ctrl+R)

Zoekt en vervangt opgegeven tekst in cellen.

BewerkenWissen

Verwijder Alles of Inhoud, Commentaar, Stijlen, Link of Geldigheid uit geselecteerde cellen.

BewerkenVerwijderen

Wis Cellen, Kolommen, Rijen of Rekenblad.

BewerkenCel wijzigenl (F2)

Plaatst de tekstcursor in de geselecteerde cel zodat u deze kunt bewerken.

Het menu Beeld

Het menu Beeld

BeeldNieuwe weergave

Opent een nieuw exemplaar van Calligra Sheets met hetzelfde document.

BeeldPaginaranden

Toont of verbergt de randen van afgedrukte pagina's op het werkblad.

BeeldZoomen

Vergroot of verkleint de weergave van het werkblad. De vergrotingsfactor loopt van 33% tot 500%.

Het menu Ga

Het menu Ga

In dit menu vindt u acties voor het navigeren tussen de werkbladen van het nu geopende rekenblad, en de actie Ga naar cel, waarmee u direct naar een cel, of een bereik van cellen, kunt gaan.

Het menu Invoegen

Het menu Invoegen

InvoegenCommentaar

Commentaar toevoegen of wijzigen.

InvoegenFunctie...

Opent een dialoogvenster waarin u een functie kunt kiezen. Meer informatie kunt u vinden in Formules.

InvoegenReeksen...

Opent een dialoogvenster waarin u de parameters voor een reeks kunt instellen. Meer informatie kunt u vinden in Reeksen.

InvoegenKoppeling...

Opent een dialoogvenster waarin u gegevens voor koppelingen kunt instellen. Meer informatie kunt u vinden in Cellen koppelen.

InvoegenSpeciaal teken...

Opent een dialoogvenster waarin u een speciaal teken kunt selecteren om in de cel in te voegen.

InvoegenExterne gegevens

Voegt gegevens in Vanuit database..., Vanuit tekstbestand... of Vanaf het klembord.... Meer informatie kunt u vinden in Externe gegevens invoegen.

Het menu Opmaak

Het menu Opmaak

Opmaak Celopmaak... (Alt+Ctrl+F)

Opent een dialoogvenster waarin u de opmaak van de geselecteerde cellen kunt wijzigen. Meer informatie kunt u vinden in Werkbladen opmaken.

OpmaakStijlenbeheerder

Opent een dialogvenster waarin u stijlen kunt creëren, wijzigen of verwijderen.

OpmaakStijl

Past een stijl toe op de geselecteerde cellen. Kies het menu OpmaakStijlenbeheer om stijlen te creëren, te wijzigen of te verwijderen.

OpmaakStijl van cel maken...

Creëert een nieuwe stijl van de opmaak van de geselecteerde cel. Kies het menu OpmaakStijlenbeheer om stijlen te creëren, te wijzigen of te verwijderen.

OpmaakAuto-opmaak...

Past een voorgedefinieerde opmaak toe op de geselecteerde cellen. Er verschijnt een dialoogvenster waarin u kunt kiezen uit twee voorbeelden.

OpmaakCellen samenvoegen

Voegt de geselecteerde cellen samen.

OpmaakCellen splitsen

Splitst eerder samengevoegde cellen.

OpmaakRij & kolom aanpassen

Past de rijhoogte en kolombreedte aan zodat de inhoud van de geselecteerde cellen correct weergegeven wordt.

OpmaakRij

Wijzigt de rijhoogte, maakt rijen even hoog, toont of verbergt rijen.

OpmaakKolom

Wijzigt de kolombreedte, maakt kolommen even breed, toont of verbergt kolommen.

OpmaakWerkblad

Verbergen, tonen werkblad, of instellen van gevorderde werkbladeigenschappen.

OpmaakPaginaindeling...

Opent een dialoogvenster waarin u de indeling van de pagina kunt instellen.

OpmaakAfdrukbereik

Definieert of wist een afdrukbereik.

Het menu Gegevens

Het menu Gegevens

GegevensSorteren...

Opent een dialoogvenster waarin u de sorteercriteria kunt instellen. Meer informatie kunt u vinden in Gegevens sorteren.

GegevensTekst naar kolommen...

Interpreteert tekst in de geselecteerde cellen als CSV-gegevens en plaatst elk item in een eigen cel in de rij.

GegevensBenoemde gebieden... (Ctrl+Shift+G)

Opent de dialoog Benoemde gebieden voor het selecteren, toevoegen, bewerken en verwijderen van benoemde gebieden. Zie Benoemde cellen en gebieden voor nadere details.

GegevensConsolideren...

Consolideert gegevens. Meer informatie kunt u vinden in Gegevens consolideren.

GegevensSubtotalen...

Open een dialoogvenster waarin u verscheidenen opties voor subtotalen kunt instellen.

GegevensGeldigheid...

opent een dialoogvenster waarin u criteria voor geldigheid van invoer en foutmeldingen voor de geselecteerde cellen kunt instellen en wijzigen. Meer informatie kunt u vinden in Geldigheid controleren.

GegevensDoel zoeken...

Opent het dialoogvenster "Doel zoeken"/ Meer informatie kunt u vinden in Doel zoeken.

GegevensKruistabel...

Opent het dialoogvenster "Kruistabel instellen"/. Zie Kruistabel voor details.

Het menu Hulpmiddelen

Het menu Hulpmiddelen

HulpmiddelenSpelling...

Controleert de spelling van tekst op het werkblad.

HulpmiddelenAangepaste lijsten...

Bekijken of aanpassen van de voor Calligra Sheets bekende speciale woorden. Deze lijst kan worden gebruikt om speciale reeksen in het werkblad in te voegen.

HulpmiddelenWerkblad beschermen...

Beschermt een werkblad met een wachtwoord. Er verschijnt een dialoogvenster waarin u een wachtwoord kunt intypen, dit wachtwoord hebt u nodig om de bescherming van het werkblad weer op te heffen. In een beschermd werkblad zijn alle cellen beschermd, dit betekent dat de opmaak en de inhoud van de cellen niet gewijzigd kunnen worden.

HulpmiddelenDocument beschermen...

Beschermt het gehele document met een wachtwoord. Er verschijnt een dialoogvenster waarin u een wachtwoord kunt intypen, dit wachtwoord hebt u nodig om de bescherming van het werkblad weer op te heffen. In een beschermd document kunt u geen werkbladen hernoemen, invoegen of verwijderen. De bescherming van een document geldt niet voor de individuele werkbladen.

HulpmiddelenWerkblad opnieuw berekenen (Shift+F9)

Berekent de formules op het huidige werkblad opnieuw.

HulpmiddelenDocument opnieuw berekenen (F9)

Berekent de formules op alle werkbladen opnieuw.

HulpmiddelenScript uitvoeren...

U kunt hier een extern script kiezen dat in Calligra Sheets wordt uitgevoerd. In Calligra Sheets kunnen scripts in JavaScript, Python en Ruby worden uitgevoerd. Standaard voorbeelden van scripts kunt u vinden in het submenu HulpmiddelenScripts.

HulpmiddelenScripts

U kunt hier het script uitvoeren voor het exporteren of importeren van gegevens in diverse formaten, uw Calligra Sheets-log opslaan in een bestand, Orca spraak gebruiken voor de toegankelijkheid, Python- en Rubyscripts verbeteren, of functies toevoegen voor het tonen van beurskoersen of het weer. U kunt zelfs enkele R-functies gebruiken (de RPy module moet hier voor worden geïnstalleerd).

HulpmiddelenScriptbeheer...

Opent het dialoogvenster Scriptbeheer, hierin kunt u scripts uitvoeren, laden, vrijgeven, installeren en meer scripts ophalen.

HulpmiddelenOptimaliseerder van functies...

Opent de dialoog Optimaliseerder van functies waar u een functiecell voor een object kunt kiezen, optimalisatiedoel (Maximaliseren, Minimaliseren of de Waarde) kan invoeren en een set van cellen met beslissingsparameters.

Het menu Instellingen

Het menu Instellingen

InstellingenWerkbalken

Toon of verberg de werkbalken: Bestand, Bewerken, Navigatie, Lettertype,Opmaak en Kleur/Rand.

InstellingenStatusbalk

Toont of verbergt de statusbalk. Op de statusbalk vindt u extra informatie over geselecteerde items en directe berekeningen van de geselecteerde cellen.

InstellingenTabbladenbalk

Toont of verbergt de tabbladenbalk. Alle werkbladen van het document zijn toegankelijk via de tabs op deze balk.

InstellingenSneltoetsen instellen...

Configureren van de sneltoetsen voor Calligra Sheets. Zie Sneltoetsen instellen voor verdere details.

InstellingenWerkbalken instellen...

Opent een dialoogvenster waarin u de werkbalken kunt instellen. Meer informatie kunt u vinden in Werkbalken instellen.

InstellingenThema's

Kies het kleurthema voor het venster van Calligra Sheets. U kunt een van de voorgedefinieerde kleurschema's kiezen of Instellingen... selecteren om Systeeminstellingen module voor kleurselectie.

InstellingenActief auteurprofiel

Stel het auteurprofiel voor het huidige document in. U kunt een van de profielen kiezen gedefinieerd met Calligra Sheets instellingenvenster, Standaard auteurprofiel zoals gedefinieerd door Systeeminstellingen gegevens- of blanco Anoniem profiel die uw privacy kan waarborgen.

InstellingenMeldingen instellen...

Meldingensysteem van Calligra Sheets instellen. Er zijn geen acties waarover u geïnformeerd kunt worden in de huidige versie van Calligra Sheets.

InstellingenCalligra Sheets instellen...

Algemene instellingen voor Calligra Sheets. Zie Calligra Sheets instellen voor verdere details.

Het menu Help

Het menu Help

HelpCalligra Sheets handboek...

Roept het handboek van Calligra Sheets op (dit document).

HelpWat is dit? (Shift+F1)

Verandert de muiscursor in de combinatie pijltje en vraagteken. Het klikken op items in Calligra Sheets zal een tekstballon tonen (als er een beschikbaar is voor dat specifieke item) met een omschrijving van de functie van dat item.

HelpBug rapporteren...

Opent het bugrapport-dialoogvenster waar u een een bug kunt melden of een suggestie kunt indienen die deze toepassing beter, handiger of nuttiger zou kunnen maken.

HelpInfo over Calligra Sheets

Deze optie zal informatie over de versie en de auteurs tonen.

HelpOver KDE

Dit zal de KDE-versie en andere standaardinformatie tonen.

Het contextmenu

Het contextmenu

In dit gedeelte worden de items van het contextmenu beschreven. Dit menu verschijnt wanneer u met de rechtermuisknop op geselecteerde cellen, rijen of kolommen klikt.

Celindeling... (Ctrl+Alt+F)

Opent een dialoogvenster waarin u de opmaak van de geselecteerde cellen kunt wijzigen. Meer informatie kunt u vinden in Werkbladen opmaken.

Knippen (Ctrl+X)

Plaatst de geselecteerde items op het klembord. Als u hierna Plakken selecteert worden de items verplaatst van de oorspronkelijke naar de nieuwe plaats.

Kopiëren (Ctrl+C)

Kopieert de geselecteerde items naar het klembord.

Plakken (Ctrl+V)

Plakt de inhoud van het klembord in de geselecteerde cellen.

Speciaal plakken...

Plakt items op een speciale manier. Meer informatie kunt u vinden bij Overige methoden om te plakken en Berekeningen met speciaal plakken.

Plakken met invoeging

Plakt de inhoud van het klembord in de geselecteerde cellen, de bestaande cellen worden opgeschoven on ruimte te maken.

Alle

De inhoud van geselecteerde cellen wissen.

Rij en kolom aanpassen

Wijzigt de rijhoogte en de kolombreedte om de inhoud van de cellen in het geheel te kunnen tonen.

Standaard

Past de standaardopmaak toe op de geselecteerde cellen.

Bereiknaam...

Opent een dialoogvenster waarin u een naam voor het bereik kunt intypen. Meer informatie kunt u vinden in Benoemde cellen en celbereiken.

Rijhoogte wijzigen...

Opent een dialoogvenster waarin u de rijhoogte kunt instellen.

Rij aanpassen

Wijzigt de rijhoogte om de inhoud van de cellen in het geheel te kunnen tonen.

Kolombreedte wijzigen...

Opent een dialoogvenster waarin u de kolombreedte kunt instellen.

Kolom aanpassen

Wijzigt de kolombreedte om de inhoud van de cellen in het geheel te kunnen tonen.

Cellen invoegen...

Voegt nieuwe cellen in, in een dialoogvenster kunt u kiezen naar welke kant de bestaande cellen opgeschoven moeten worden.

Cellen wissen...

Verwijderen van de geselecteerde cellen, in een dialoogvenster kunt u kiezen welke cellen de vrijgekomen ruimte moeten opvullen.

Rijen invoegen

Voegt nieuwe rijen boven de geselecteerde rijen in.

Rijen verwijderen

Verwijdert de geselecteerde rijen.

Rijen verbergen

Verbergt de geselecteerde rijen.

Rijen tonen

Toont verborgen rijen. Om verborgen rijen te kunnen tonen moet u de rijen selecteren waar de verborgen rijen zich binnen bevinden.

Kolommen invoegen

Voegt nieuwe kolommen links van de geselecteerde kolommen in.

Kolommen verwijderen

Verwijdert de geselecteerde kolommen.

Kolommen verbergen

Verbergt de geselecteerde kolommen.

Kolommen tonen

Toont verborgen kolommen. Om verborgen kolommen te kunnen tonen moet u de kolommen selecteren waar de verborgen kolommen zich binnen bevinden.

Commentaar...

Opent een dialoogvenster waarin u een commentaar aan de cel kunt toevoegen of een bestaand commentaar kunt wijzigen.

Selectielijst...

Opent een lijst met bestaande tekst in de huidige kolom, deze tekst kan in de geselecteerde cel geplakt worden.

Overige sneltoetsen

Overige sneltoetsen

In dit gedeelte worden de sneltoetsen van Calligra Sheets beschreven die niet in één van de menu's voorkomen.

Ctrl+H

Tonen van de "dockers" aan/uit

Ctrl+Pijltoetsen

Als de geselecteerde cel gegevens bevat, wordt de celcursor naar het begin of naar het eind van het gegevensblok in de huidige rij of kolom verplaatst. Als de geselecteerde cel leeg is, wordt de celcursor naar het begin of naar het eind van het volgende gegevensblok in de huidige rij of kolom verplaatst.

Ctrl+Shift+Pijltoetsen

Als de geselecteerde cel gegevens bevat, worden alle cellen met gegevens tot het begin of tot het eind van het gegevensblok in de huidige rij of kolom geselecteerd. Als de geselecteerde cel leeg is, worden alle cellen tot het begin of tot het eind van het volgende gegevensblok in de huidige rij of kolom geselecteerd.

PageDown

Verplaatst de celcursor 10 rijen omlaag.

PageUp

Verplaatst de celsursor 10 rijen omhoog.

Ctrl+PageDown

Ga naar het volgende werkblad.

Ctrl+PageUp

Ga naar het vorige werkblad.

F4

Schakel de celverwijzing tussen normale en absolute verwijzing.

Hoofdstuk 8. Functies

Hoofdstuk 8. Functies

Calligra Sheets heeft een enorm aantal ingebouwde wiskundige functies die in een formulecel kunnen worden gebruikt.

Ondersteunde functies

In dit hoofdstuk staat een kort overzicht van alle ondersteunde functies in de volgende groepen:

Bitbewerkingen 
Conversie 
Database 
Datum & Tijd 
Techniek 
Financiëel 
Informatie 
Logisch 
Opzoeken & Verwijzen 
Wiskunde 
Statistiek 
Tekst 
Goniometrie 

Bitbewerkingen

BITAND

De functie BITAND() doet een bit voor bit AND-bewerking op de twee parameters, die gehele getallen moeten zijn.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

BITAND(waarde; waarde)

Parameters
Commentaar: Eerste getal
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Tweede getal
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

BITAND(12;10) geeft 8 terug (omdat decimaal 12 binair 1100 is en decimaal 10 is binair 1010; 1100 AND 1010 is 1000, en dat is het decimale getal 8).

Gerelateerde functies
BITOR 
BITXOR 

BITLSHIFT

De functie BITLSHIFT()-functie schuift de bits van de eerste parameter een aantal posities naar links. Het aantal bits naar links wordt met de tweede parameter gegeven. Merk op dat als dit aantal negatief is, dit een verschuiving naar rechts betekent.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

BITLSHIFT(waarde; aantal)

Parameters
Commentaar: Eerste getal
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Hoeveel bits naar links te schuiven
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Gerelateerde functies
BITLSHIFT 

BITOR

De functie BITOR() doet een OR-bewerking op de bits van de twee gehele parameters.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

BITOR(waarde; waarde)

Parameters
Commentaar: Eerste getal
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Tweede getal
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

BITOR(12;10) retourneert 14 (omdat decimaal 12 binair 1100 is. en decimaal 10 is binair 1010; 1100 OR 1010 is 1110, dit is het gehele decimale getal 14).

Gerelateerde functies
BITAND 
BITXOR 

BITRSHIFT

De functie BITRSHIFT()-functie schuift de bits van de eerste parameter een aantal posities naar rechts. Het aantal bits naar links wordt met de tweede parameter gegeven. Merk op dat als dit aantal negatief is, dit een verschuiving naar links betekent.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

BITRSHIFT(waarde; aantal)

Parameters
Commentaar: Eerste getal
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Hoeveel bits naar rechts te schuiven
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Gerelateerde functies
BITLSHIFT 

BITXOR

De functie BITXOR() doet een exclusieve OR-bewerking op de bits van de twee gehele parameters.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

BITXOR(waarde; waarde)

Parameters
Commentaar: Eerste getal
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Tweede getal
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

BITXOR(12;10) geeft 6 terug (omdat decimaal 12 binair 1100 is en decimaal 10 is binair 1010; 1100 XOR 1010 is 0110, is decimaal 6).

Gerelateerde functies
BITAND 
BITOR 

Conversie

ARABIC

De functie ARABIC() zet een Romeins telwoord om in een getal.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

ARABIC(Romeins getal)

Parameters
Commentaar: Telwoord
Type: Tekst
Voorbeelden

ARABIC("IV") geeft 4 terug

Voorbeelden

ARABIC("XCIX") geeft 99 terug

Gerelateerde functies
ROMAN 

ASCIITOCHAR

De functie ASCIITOCHAR() geeft het karakter terug die behoort bij een opgegeven ASCII-code

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

ASCIITOCHAR(waarde)

Parameters
Commentaar: De te converteren ASCII-waarden
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

ASCIITOCHAR(118) geeft "v" terug

Voorbeelden

ASCIITOCHAR(75; 68; 69) geeft "KDE" terug

BOOL2INT

De functie BOOL2INT() geeft een hele waarde terug voor een opgegeven Booleaanse waarde. Deze methode is bedoeld voor het gebruik van een Booleaanse waarde in methoden die een geheel getal nodig hebben.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

BOOL2INT(waarde)

Parameters
Commentaar: Te converteren Booleaanse waarde
Type: Een Booleaanse waarde (True of False (Waar of Onwaar))
Voorbeelden

BOOL2INT(Waar) geeft 1 terug

Voorbeelden

BOOL2INT(Onwaar) geeft 0 terug

Gerelateerde functies
INT2BOOL 

BOOL2STRING

De functie BOOL2STRING () converteert een Booleaanse waarde naar een tekenreeks. Deze methode is bedoeld voor het gebruik van een Booleaanse waarde in methoden die een tekenreeks nodig hebben

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

BOOL2STRING(waarde)

Parameters
Commentaar: Te converteren Booleaanse waarde
Type: Een Booleaanse waarde (True of False (Waar of Onwaar))
Voorbeelden

BOOL2STRING(Waar) geeft "Waar" terug

Voorbeelden

BOOL2STRING(Onwaar) geeft "Onwaar" terug

Voorbeelden

upper(BOOL2STRING(find("ana";"banaan"))) geeft Waar terug

CARX

De functie CARX() geeft de x-coördinaat terug van een punt in het platte vlak gegeven in poolcoördinaten.

Terug gegeven type: Double
Syntaxis

CARX(straal;hoek)

Parameters
Commentaar: Straal
Type: Double
Commentaar: Hoek (radialen)
Type: Double
Voorbeelden

CARX(12;1.5707) geeft 0.00115592 terug (1.5707 is niet precies PI()/2)

Voorbeelden

CARX(12;0) geeft 12 terug

Gerelateerde functies
CARY 
POLA 
POLR 

CARY

De functie CARY() geeft de y-coördinaat terug van een punt in het platte vlak gegeven in poolcoördinaten.

Terug gegeven type: Double
Syntaxis

CARY(straal;hoek)

Parameters
Commentaar: Straal
Type: Double
Commentaar: Hoek (radialen)
Type: Double
Voorbeelden

CARY(12;1.5707) geeft 12 terug

Voorbeelden

CARY(12;0) geeft 0 terug

Gerelateerde functies
CARX 
POLA 
POLR 

CHARTOASCII

De functie CHARTOASCII() geeft de ASCII-code terug van het opgegeven karakter.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

CHARTOASCII(waarde)

Parameters
Commentaar: Een te converteren tekenreeks van één karakter
Type: Tekst
Voorbeelden

CHARTOASCII("v") geeft 118 terug

Voorbeelden

CHARTOASCII(r) is fout. Een karakter moet tussen aanhalingstekens staan.

DECSEX

De functie DECSEX() converteert een getal met het type "double" naar een tijdwaarde.

Terug gegeven type: Double
Syntaxis

DECSEX(double)

Parameters
Commentaar: Waarde
Type: Double
Voorbeelden

DECSEX(1.6668) returns 1:40

Voorbeelden

DECSEX(7.8) geeft 7:48 terug

INT2BOOL

De functie INT2BOOL() geeft een Booleaanse waarde terug voor een opgegeven geheel getal. Deze methode is bedoeld voor het gebruik van een geheel getal in methoden die een Booleaanse waarde vragen. De functie accepteert alleen 0 of 1. Als er een andere waarde wordt gegeven, dan wordt 'Onwaar' teruggegeven.

Terug gegeven type: Een Booleaanse waarde (True of False (Waar of Onwaar))
Syntaxis

INT2BOOL(waarde)

Parameters
Commentaar: Te converteren geheel getal
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

INT2BOOL(1) geeft Waar terug

Voorbeelden

INT2BOOL(0) geeft Onwaar terug

Voorbeelden

OR(INT2BOOL(1); Onwaar) geeft Waar terug

Gerelateerde functies
BOOL2INT 

NUM2STRING

De functie NUM2STRING() geeft een tekenreekswaarde terug voor een opgegeven getal. Merk op dat Calligra Sheets getallen automatisch kan omzetten naar tekenreeksen indien dit nodig is, waardoor deze functie zelden nodig zal zijn.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

NUM2STRING(waarde)

Parameters
Commentaar: In tekenreeks om te zetten getal
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

NUM2STRING(10) geeft "10" terug

Voorbeelden

NUM2STRING(2.05) geeft "2.05" terug

Voorbeelden

=find("101";NUM2STRING(A1)) (waarin A1 = 2.010102) geeft Waar terug

Gerelateerde functies
STRING 

POLA

De functie POLA() geeft de hoek (in radialen, met de positieve X-as) terug die behoort bij de positie van een punt in een rechthoekig coördinatenstelsel.

Terug gegeven type: Double
Syntaxis

POLA(X;Y)

Parameters
Commentaar: Waarde in X
Type: Double
Commentaar: Waarde in Y
Type: Double
Voorbeelden

POLA(12;12) geeft 0.78539816 terug

Voorbeelden

POLA(12;0) geeft 0 terug

Voorbeelden

POLA(0;12) geeft 1.5707 terug

Gerelateerde functies
POLR 
CARX 
CARY 

POLR

De functie POLR() geeft de straal (dus: de afstand tot de oorsprong) terug die behoort bij de positie van een punt in een rechthoekig coördinatenstelsel.

Terug gegeven type: Double
Syntaxis

POLR(X;Y)

Parameters
Commentaar: Waarde in X
Type: Double
Commentaar: Waarde in Y
Type: Double
Voorbeelden

POLR(12;12) geeft 16.9706 terug

Voorbeelden

POLR(12;0) geeft 12 terug

Gerelateerde functies
POLA 
CARX 
CARY 

ROMAN

De functie ROMAN() geeft een getal terug als Romeins getal. Alleen positieve gehele getallen worden geconverteerd. Het optionele formaatargument geeft de mate van compactheid op en heeft de standaardwaarde 0.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

ROMAN(getal)

Parameters
Commentaar: Getal
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Opmaak
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

ROMAN(99) geeft "XCIX" terug

Voorbeelden

ROMAN(-55) geeft "Err" terug

Gerelateerde functies
ARABIC 

SEXDEC

De functie SEXDEC() geeft een decimale waarde terug. U kunt ook een tijdwaarde opgeven.

Terug gegeven type: Double
Syntaxis

SEXDEC(tijdwaarde) of SEXDEC(uren;minuten;seconden)

Parameters
Commentaar: Uren
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Minuten
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Seconden
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

SEXDEC(1;5;7) returns 1.0852778

Voorbeelden

DECSEX("8:05") geeft 8.08333333 terug

STRING

De functie STRING() geeft een tekenreekswaarde terug voor een opgegeven getal. Het is dezelfde functie als NUM2STRING().

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

Parameters
Commentaar: In tekenreeks om te zetten getal
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Gerelateerde functies
NUM2STRING 

Gegevensbanken

DAVERAGE

Berekent het gemiddelde in een kolom met gegevens, die voldoen aan een aantal voorwaarden voor de getallen hierin

Terug gegeven type: FLOAT
Syntaxis

DAVERAGE(gegevens; "kop"; voorwaarden)

Parameters
Commentaar: Celbereik gegevens
Type: Een bereik (range) van tekenreeksen
Commentaar: Tekenreeks die de kolom met gegevens kenmerkt
Type: Tekst
Commentaar: Bereik voor de voorwaarden
Type: Een bereik (range) van tekenreeksen
Voorbeelden

DAVERAGE(A1:C5; "Salaris"; A9:A11)

DCOUNT

Telt het aantal cellen die numerieke waarden bevatten in een kolom met gegevens, die voldoen aan een aantal voorwaarden.

Terug gegeven type: FLOAT
Syntaxis

DCOUNT(gegevens; "kop"; voorwaarden)

Parameters
Commentaar: Celbereik gegevens
Type: Een bereik (range) van tekenreeksen
Commentaar: Tekenreeks die de kolom met gegevens kenmerkt
Type: Tekst
Commentaar: Bereik voor de voorwaarden
Type: Een bereik (range) van tekenreeksen
Voorbeelden

DCOUNT(A1:C5; "salaris"; A9:A11)

Gerelateerde functies
DCOUNTA 

DCOUNTA

Telt het aantal cellen die numerieke of alfanumerieke waarden bevatten in een kolom met gegevens, die voldoen aan een aantal voorwaarden.

Terug gegeven type: FLOAT
Syntaxis

DCOUNTA(gegevens; "kop"; voorwaarden)

Parameters
Commentaar: Celbereik gegevens
Type: Een bereik (range) van tekenreeksen
Commentaar: Tekenreeks die de kolom met gegevens kenmerkt
Type: Tekst
Commentaar: Bereik voor de voorwaarden
Type: Een bereik (range) van tekenreeksen
Voorbeelden

DCOUNTA(A1:C5; "salaris"; A9:A11)

Gerelateerde functies
DCOUNT 

DGET

Geeft een enkele waarde terug uit een kolom van gegevens, die voldoen aan een aantal voorwaarden. Deze functie geeft een foutmelding als er geen waarde, of meer dan een waarde wordt aanwezig is.

Terug gegeven type: FLOAT
Syntaxis

DGET(gegevens; "kop"; voorwaarden)

Parameters
Commentaar: Celbereik gegevens
Type: Een bereik (range) van tekenreeksen
Commentaar: Tekenreeks die de kolom met gegevens kenmerkt
Type: Tekst
Commentaar: Bereik voor de voorwaarden
Type: Een bereik (range) van tekenreeksen
Voorbeelden

DGET(A1:C5; "salaris"; A9:A11)

DMAX

Geeft het grootste getal terug in een kolom met gegevens, die voldoen aan een aantal voorwaarden.

Terug gegeven type: FLOAT
Syntaxis

DMAX(gegevens; "kop"; voorwaarden)

Parameters
Commentaar: Celbereik gegevens
Type: Een bereik (range) van tekenreeksen
Commentaar: Tekenreeks die de kolom met gegevens kenmerkt
Type: Tekst
Commentaar: Bereik voor de voorwaarden
Type: Een bereik (range) van tekenreeksen
Voorbeelden

DMAX(A1:C5; "salaris"; A9:A11)

Gerelateerde functies
DMIN 

DMIN

Geeft het kleinste getal terug in een kolom met gegevens, die voldoen aan een aantal voorwaarden.

Terug gegeven type: FLOAT
Syntaxis

DMIN(gegevens; "kop"; voorwaarden)

Parameters
Commentaar: Celbereik gegevens
Type: Een bereik (range) van tekenreeksen
Commentaar: Tekenreeks die de kolom met gegevens kenmerkt
Type: Tekst
Commentaar: Bereik voor de voorwaarden
Type: Een bereik (range) van tekenreeksen
Voorbeelden

DMIN(A1:C5; "salaris"; A9:A11)

Gerelateerde functies
DMAX 

DPRODUCT

Geeft het product terug van alle numerieke waarden in een kolom van een gegevensbank (database), die voldoen aan een aantal voorwaarden.

Terug gegeven type: FLOAT
Syntaxis

DPRODUCT(gegevens; "kop"; voorwaarden)

Parameters
Commentaar: Celbereik gegevens
Type: Een bereik (range) van tekenreeksen
Commentaar: Tekenreeks die de kolom met gegevens kenmerkt
Type: Tekst
Commentaar: Bereik voor de voorwaarden
Type: Een bereik (range) van tekenreeksen
Voorbeelden

DPRODUCT(A1:C5; "salaris"; A9:A11)

DSTDEV

Geeft de geschatte standaard deviatie terug van een populatie, gebaseerd op een steekproef, gebruikmakend van alle numerieke waarden in een kolom met gegevens, die voldoen aan een aantal voorwaarden.

Terug gegeven type: FLOAT
Syntaxis

DSTDEV(gegevens; "kop"; voorwaarden)

Parameters
Commentaar: Celbereik gegevens
Type: Een bereik (range) van tekenreeksen
Commentaar: Tekenreeks die de kolom met gegevens kenmerkt
Type: Tekst
Commentaar: Bereik voor de voorwaarden
Type: Een bereik (range) van tekenreeksen
Voorbeelden

DSTDEV(A1:C5; "salaris"; A9:A11)

Gerelateerde functies
DSTDEVP 

DSTDEVP

Geeft de standaard deviatie terug van een populatie, gebaseerd op de gehele populatie, gebruikmakend van alle numerieke waarden in een kolom met gegevens, die voldoen aan een aantal voorwaarden.

Terug gegeven type: FLOAT
Syntaxis

DSTDEVP(gegevens; "kop"; voorwaarden)

Parameters
Commentaar: Celbereik gegevens
Type: Een bereik (range) van tekenreeksen
Commentaar: Tekenreeks die de kolom met gegevens kenmerkt
Type: Tekst
Commentaar: Bereik voor de voorwaarden
Type: Een bereik (range) van tekenreeksen
Voorbeelden

DSTDEVP(A1:C5; "salaris"; A9:A11)

Gerelateerde functies
DSTDEV 

DSUM

Telt alle getallen op in een kolom met gegevens, die voldoen aan een aantal voorwaarden.

Terug gegeven type: FLOAT
Syntaxis

DSUM(gegevens; "kop"; voorwaarden)

Parameters
Commentaar: Celbereik gegevens
Type: Een bereik (range) van tekenreeksen
Commentaar: Tekenreeks die de kolom met gegevens kenmerkt
Type: Tekst
Commentaar: Bereik voor de voorwaarden
Type: Een bereik (range) van tekenreeksen
Voorbeelden

DSUM(A1:C5; "Salaris"; A9:A11)

DVAR

Geeft de geschatte variantie terug van een populatie, gebaseerd op een steekproef, gebruikmakend van alle numerieke waarden in een kolom met gegevens, die voldoen aan een aantal voorwaarden.

Terug gegeven type: FLOAT
Syntaxis

DVAR(gegevens; "kop"; voorwaarden)

Parameters
Commentaar: Celbereik gegevens
Type: Een bereik (range) van tekenreeksen
Commentaar: Tekenreeks die de kolom met gegevens kenmerkt
Type: Tekst
Commentaar: Bereik voor de voorwaarden
Type: Een bereik (range) van tekenreeksen
Voorbeelden

DVAR(A1:C5; "salaris"; A9:A11)

Gerelateerde functies
DVARP 

DVARP

Geeft de variantie terug van een populatie, gebaseerd de gehele populatie, gebruikmakend van alle numerieke waarden in een kolom met gegevens, die voldoen aan een aantal voorwaarden.

Terug gegeven type: FLOAT
Syntaxis

DVARP(gegevens; "kop"; voorwaarden)

Parameters
Commentaar: Celbereik gegevens
Type: Een bereik (range) van tekenreeksen
Commentaar: Tekenreeks die de kolom met gegevens kenmerkt
Type: Tekst
Commentaar: Bereik voor de voorwaarden
Type: Een bereik (range) van tekenreeksen
Voorbeelden

DVARP(A1:C5; "salaris"; A9:A11)

Gerelateerde functies
DVAR 

GETPIVOTDATA

Haalt samenvatting op uit een kruistabel.

Terug gegeven type: FLOAT
Syntaxis

GETPIVOTDATA(gegevens; "verkopen")

Parameters
Commentaar: Bereik waarin de kruistabel
Type: Een bereik (range) van tekenreeksen
Commentaar: Naam van het veld waarvan u de samenvatting wilt hebben
Type: Tekst

Datum & tijd

CURRENTDATE

De functie CURRENTDATE() geeft de huidige datum terug. Deze functie is gelijk aan de functie TODAY().

Terug gegeven type: Datum
Syntaxis

CURRENTDATE()

Parameters

Voorbeelden

CURRENTDATE() geeft de huidige datum terug, opgemaakt volgens uw lokale instellingen

Gerelateerde functies
CURRENTTIME 
TODAY 

CURRENTDATETIME

De functie CURRENTDATETIME() geeft de huidige datum en tijd terug.

Terug gegeven type: Datum
Syntaxis

CURRENTDATETIME()

Parameters

Voorbeelden

CURRENTDATETIME() geeft de huidige datum en tijd terug, opgemaakt volgens uw lokale instellingen

CURRENTTIME

De functie CURRENTTIME() geeft de huidige tijd terug, opgemaakt volgens uw lokale instellingen.

Terug gegeven type: Datum
Syntaxis

CURRENTTIME()

Parameters

Voorbeelden

CURRENTTIME() geeft bijvoorbeeld "19:12:01" terug

DATE

De functie DATE() geeft de datum terug, de opmaak is volgens de lokale instellingen.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

DATE(jaar;maand;dag)

Parameters
Commentaar: Jaar
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Maand
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Dag
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

DATE(2000;5;5) geeft vrijdag 05 mei 2000 terug

DATE2UNIX

De functie DATE2UNIX() converteert datum en tijd naar unixtijd.

De unixtijd is het aantal seconden dat verlopen is sinds middernacht van 1 januari 1970.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

DATE2UNIX(datum)

Parameters
Commentaar: Datum
Type: Tekst
Voorbeelden

DATE2UNIX("01:01:2000") geeft 946,681.200 terug

DATEDIF

De functie DATEDIF() geeft het verschil terug tussen twee data.

Het interval moet een van de volgende zijn: "m": maanden; "d": dagen; "y": gehele jaren; "ym": maanden zonder jaren; "yd": dagen zonder jaren; "md": dagen zonder maanden en jaren

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

DATEDIF(eerste datum; tweede datum; interval)

Parameters
Commentaar: Eerste datum
Type: Tekst
Commentaar: Tweede datum
Type: Tekst
Commentaar: interval
Type: Tekst
Voorbeelden

DATEDIF(A1;A2;"d"), met in A1 "01:01:1995" en in A2 "15:06:1999", geeft het aantal dagen 1626 terug

Voorbeelden

DATEDIF(A1;A2;"m"). met in A1 "1 januari 1995" en in A2 "15 juni 1999". geeft het aantal maanden 53 terug

DATEVALUE

De functie DATEVALUE() geeft het aantal dagen terug dat is verstreken sinds 31 december 1899.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

DATEVALUE(datum)

Parameters
Commentaar: Datum
Type: Tekst
Voorbeelden

DATEVALUE("22-2-2002") geeft 37309 terug

Gerelateerde functies
TIMEVALUE 

DAY

De functie DAY() geeft de dag in een datum terug. Als er geen parameter is opgegeven is dat de actuele dag.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

DAY(datum)

Parameters
Commentaar: Datum
Type: Tekst
Voorbeelden

DAY("22-2-2002") geeft 22 terug

Voorbeelden

DAY(2323.1285) geeft 11 terug

Gerelateerde functies
MONTH 
YEAR 

DAYNAME

De functie DAYNAME() geeft de naam terug van de weekdag (1..7). In sommige landen is maandag de eerste dag van de week, terwijl in andere landen zondag de eerste dag van de week is.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

DAYNAME(weekdag)

Parameters
Commentaar: Dagnummer in de week (1..7)
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

DAYNAME(1) geeft maandag (als de week begint op maandag)

Gerelateerde functies
WEEKDAY 

DAYOFYEAR

De functie DAYOFYEAR() geeft het nummer terug van de dag in het jaar (1...365).

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

DAYOFYEAR(jaar;maand;dag)

Parameters
Commentaar: Jaar
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Maand
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Dag
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

DAYOFYEAR(2000;12;1) geeft 336 terug

Voorbeelden

DAYOFYEAR(2000;2;29) geeft 60 terug

DAYS

De functie DAYS() berekent het verschil tussen twee data in dagen.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

DAYS(datum2; datum1)

Parameters
Commentaar: Eerste (eerdere) datum
Type: Tekst
Commentaar: Tweede datum
Type: Tekst
Voorbeelden

DAYS("2002-02-22"; "2002-02-26") geeft 4 terug

DAYS360

De functie DAYS360() geeft het aantal dagen terug van datum1 tot datum2. Hierbij wordt gebruik gemaakt van een kalender van 360 dagen, waarbij er van uit wordt gegaan dat elke maand 30 dagen heeft. Als de methode Onwaar is (de standaard), dan wordt de Amerikaanse berekeningsmethode gebruikt, is de methode Waar, dan wordt de Europese berekeningsmethode gebruikt.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

DAYS360(datum1; datum2; methode)

Parameters
Commentaar: Datum1
Type: Tekst
Commentaar: Datum2
Type: Tekst
Commentaar: Methode
Type: Een Booleaanse waarde (True of False (Waar of Onwaar))
Voorbeelden

DAYS360("2/22/2002"; "4/21/2002"; Onwaar) geeft 59 terug

Gerelateerde functies
DAYS 
MONTHS 
WEEKS 
YEARS 

DAYSINMONTH

De functie DAYSINMONTH() geeft het aantal dagen terug in opgegeven jaar en maand.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

DAYSINMONTH(jaar;maand)

Parameters
Commentaar: Jaar
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Maand
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

DAYSINMONTH(2000;2) geeft 29 terug

DAYSINYEAR

De functie DAYSINYEAR() geeft het aantal dagen terug in het opgegeven jaar.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

DAYSINYEAR(jaar)

Parameters
Commentaar: Jaar
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

DAYSINYEAR(2000) geeft 366 terug

EASTERSUNDAY

De functie EASTERSUNDAY() geeft de datum terug waarop in het opgegeven jaar Paaszondag valt.

Terug gegeven type: Datum
Syntaxis

EASTERSUNDAY(jaar)

Parameters
Commentaar: Jaar
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

EASTERSUNDAY(2003) geeft "20 april 2003" terug

EDATE

De functie EDATE() geeft de datum terug, een aantal maanden voor of na een opgegeven datum.

Terug gegeven type: Datum
Syntaxis

EDATE(datum; maanden)

Parameters
Commentaar: Datum
Type: Tekst
Commentaar: Maanden
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

EDATE("22-2-2002"; 3) geeft "22-5-2002" terug

Voorbeelden

EDATE("31-3-2002"; -1) geeft "28-2-2002"

Gerelateerde functies
DATE 
EOMONTH 

EOMONTH

De functie EOMONTH() geeft de laatste dag in een maand terug, bepaald door een datum en het aantal maanden daarna of ervoor.

Terug gegeven type: Datum
Syntaxis

EOMONTH(datum; maanden)

Parameters
Commentaar: Datum
Type: Tekst
Commentaar: Maanden
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

EOMONTH("22-2-2002"; 3) geeft "31-5-2002" terug

Voorbeelden

EOMONTH("12-3-2002"; -1) geeft "28-2-2002" terug

Voorbeelden

EOMONTH("12-3-2002"; 0) geeft "31-3-2002" terug

Gerelateerde functies
EDATE 
MONTH 

HOUR

De functie HOUR() geeft het uur van een tijdstip terug. Als er geen parameter is opgegeven, dan is dat het actuele uur.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

HOUR(tijd)

Parameters
Commentaar: Tijd
Type: Tekst
Voorbeelden

HOUR("22:10:12") geeft 22

Voorbeelden

HOUR(0.1285) geeft 3

Gerelateerde functies
MINUTE 
SECOND 

HOURS

De functie HOURS() geeft het aantal uren terug in een expressie voor de tijd.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

HOURS(tijd)

Parameters
Commentaar: Tijd
Type: Tekst
Voorbeelden

HOURS("10:5:2") geeft 10 terug

ISLEAPYEAR

De functie ISLEAPYEAR() geeft 'Waar' terug als het opgegeven jaar een schrikkeljaar is.

Terug gegeven type: Een Booleaanse waarde (True of False (Waar of Onwaar))
Syntaxis

ISLEAPYEAR(jaar)

Parameters
Commentaar: Jaar
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

ISLEAPYEAR(2000) geeft Waar

ISOWEEKNUM

De functie ISOWEEKNUM() geeft het weeknummer terug waarin de opgegeven datum valt. Opmerking: deze functie volgt de ISO8601-standaard: een week begint op een maandag, en eindigt op een zondag. De eerste week van een jaar is de week waarin de eerste donderdag van dat jaar valt.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

ISOWEEKNUM(datum)

Parameters
Commentaar: Datum
Type: Tekst
Voorbeelden

ISOWEEKNUM(A1) geeft 51 terug als A1 "21 december" bevat.

Gerelateerde functies
WEEKNUM 

MINUTE

De functie MINUTE() geeft de minuten van een tijdstip terug. Als er geen parameter wordt opgegeven is dat het actuele aantal minuten.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

MINUTE(tijd)

Parameters
Commentaar: Tijd
Type: Tekst
Voorbeelden

MINUTE("22:10:12") geeft 10 terug

Voorbeelden

MINUTE(0.1234) geeft 57 terug

Gerelateerde functies
HOUR 
SECOND 

MINUTES

De functie MINUTES() geeft het aantal minuten terug in een expressie voor de tijd.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

MINUTES(tijd)

Parameters
Commentaar: Tijd
Type: Tekst
Voorbeelden

MINUTES("10:5:2") geeft 5 terug

MONTH

De functie MONTH() geeft de maand in een datum terug. Als er geen parameter wordt opgegeven is dat de actuele maand.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

MONTH(datum)

Parameters
Commentaar: Datum
Type: Tekst
Voorbeelden

MONTH("22-2-2002") geeft 2 terug

Voorbeelden

MONTH(2323.1285) geeft 5 terug

Gerelateerde functies
DAY 
YEAR 

MONTHNAME

De functie MONTHNAME() geeft de naam terug van de maand (1..12).

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

MONTHNAME(getal)

Parameters
Commentaar: Nummer van de maand (1..12)
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

MONTHNAME(5) geeft mei terug

MONTHS

De functie MONTHS() berekent het verschil tussen twee data in maanden. De derde parameter geeft de berekeningsmethode weer: als de methode 0 is, dan geeft MONTHS() het grootst mogelijke aantal maanden terug tussen deze dagen. Als de methode 1 is, dan geeft de functie alleen het aantal gehele maanden tussen deze dagen.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

MONTHS(datum2; datum1; methode)

Parameters
Commentaar: Eerste (eerdere) datum
Type: Tekst
Commentaar: Tweede datum
Type: Tekst
Commentaar: Berekeningsmethode
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

MONTHS("2002-01-18"; "2002-02-26"; 0) geeft 1 terug, omdat er 1 maand en 8 dagen tussen deze data zijn

Voorbeelden

MONTHS("2002-01-19"; "2002-02-26"; 1) geeft 0, omdat er geen hele maand tussen deze data is, gerekend vanaf de eerste dag van de maand

NETWORKDAY

De functie NETWORKDAY() geeft het aantal werkdagen terug tussen de startdatum en de einddatum.

Vrije_dagen moet een van de volgende zijn: aantal = dagen die bijgeteld moeten worden, een enkele datum of een reeks van dagen.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

NETWORKDAY(startdatum; einddatum; vrije_dagen)

Parameters
Commentaar: Startdatum
Type: Tekst
Commentaar: Einddatum
Type: Tekst
Commentaar: Vrije dagen
Type: Tekst
Voorbeelden

NETWORKDAY("01:01:2001";"08:01:2001") geeft 5 werkdagen terug

Voorbeelden

NETWORKDAY("01:01:2001";"08:01:2001";2) geeft 3 werkdagen terug

NOW

De functie NOW() geeft de huidige datum en tijd terug. Deze functie is gelijk aan CURRENTDATETIME() en is toegevoegd voor de compatibiliteit met andere toepassingen.

Terug gegeven type: Datum
Syntaxis

NOW()

Parameters

Voorbeelden

NOW() geeft de huidige datum en tijd terug, opgemaakt volgens uw lokale instellingen

Gerelateerde functies
CURRENTTIME 
TODAY 

SECOND

De functie SECOND() geeft de seconden in een tijdstip terug. Als er geen parameter wordt opgegeven is dat het actuele aantal seconden.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

SECOND(tijd)

Parameters
Commentaar: Tijd
Type: Tekst
Voorbeelden

SECOND("22:10:12") geeft 12 terug

Voorbeelden

SECOND(0.1234) geeft 42 terug

Gerelateerde functies
HOUR 
MINUTE 

SECONDS

De functie SECONDS() geeft het aantal seconden terug in een expressie voor de tijd.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

SECONDS(tijd)

Parameters
Commentaar: Tijd
Type: Tekst
Voorbeelden

SECONDS("10:5:2") geeft 2 terug

TIME

De functie TIME() geeft de tijd terug, de opmaak is volgens de lokale instellingen.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

TIME(uren;minuten;seconden)

Parameters
Commentaar: Uren
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Minuten
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Seconden
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

TIME(10;2;2) geeft 10:02:02 terug

Voorbeelden

TIME(10;70;0) geeft 11:10:0 terug

Voorbeelden

TIME(10;-40;0) geeft 9:20:0 terug

TIMEVALUE

De functie TIMEVALUE() geeft een getal (tussen 0 en 1) terug voor het tijdstip van de dag.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

TIMEVALUE(tijd)

Parameters
Commentaar: Tijd
Type: Tekst
Voorbeelden

TIMEVALUE("10:05:02") geeft 0.42 terug

Gerelateerde functies
DATEVALUE 

TODAY

De functie TODAY() geeft de huidige datum terug.

Terug gegeven type: Datum
Syntaxis

TODAY()

Parameters

Voorbeelden

TODAY() geeft de huidige datum terug, opgemaakt volgens uw lokale instellingen

Gerelateerde functies
CURRENTTIME 
NOW 

UNIX2DATE

De functie UNIX2DATE() converteert unixtijd naar een datum en tijd.

De unixtijd is het aantal seconden dat verlopen is sinds middernacht van 1 januari 1970.

Terug gegeven type: Datum
Syntaxis

UNIX2DATE(unixtijd)

Parameters
Commentaar: Unixtijd
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

UNIX2DATE(0) geeft "1970:01:01" terug

WEEKDAY

De functie WEEKDAY() geeft de weekdag terug bij een opgegeven datum. Als de methode 1 is (standaard). dan geeft WEEKDAY() 1 terug voor zondag, 2 voor maandag.... Als de methode 2 is, dan is maandag 1, dinsdag 2.... En is de methode 3, dan geeft WEEKDAY() 0 terug voor maandag, 1 voor dinsdag. ...

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

WEEKDAY(datum; methode)

Parameters
Commentaar: Datum
Type: Tekst
Commentaar: Methode (optioneel)
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

WEEKDAY("2011-04-11"; 2) geeft 1 terug

Gerelateerde functies
DAYNAME 

WEEKNUM

De functie WEEKNUM() geeft het weeknummer terug waarin de datum valt, maar niet volgens de ISO-standaard.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

WEEKNUM(datum; methode)

Parameters
Commentaar: Datum
Type: Tekst
Commentaar: Methode (optioneel)
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

WEEKNUM(A1; 1) geeft 11 terug als A1 "9 maart 2008" bevat. Weeknummer in het jaar waarbij een week op zondag begint (1, dit de standaard als methode ontbreekt.)

Voorbeelden

WEEKNUM(A1; 2) geeft 10 terug als A1 "9 maart 2008" bevat. Weeknummer in het jaar waarbij een week op maandag begint (2)

Gerelateerde functies
ISOWEEKNUM 

WEEKS

De functie WEEKS() berekent het verschil tussen de twee data in weken. De derde parameter bepaalt de berekeningsmethode. Als de methode 0 is, dan geeft WEEKS() het grootst mogelijke aantal weken terug tussen deze dagen. Als de methode 1 is, dan geeft het alleen het aantal gehele weken terug tussen deze dagen.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

WEEKS(datum2; datum1; methode)

Parameters
Commentaar: Eerste (eerdere) datum
Type: Tekst
Commentaar: Tweede datum
Type: Tekst
Commentaar: Berekeningsmethode
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

WEEKS("2002-02-18"; "2002-02-26"; 0) geeft 1 terug, omdat er 1 week en 1 dag tussen deze twee data zijn

Voorbeelden

WEEKS("2002-19-02"; "2002-19-02"; 1) geeft 0 terug, omdat er geen hele week tussen deze data is, beschouwd vanaf de eerste dag van de week (afhankelijk van uw lokale instellingen is dat zondag of maandag)

WEEKSINYEAR

De functie WEEKSINYEAR() geeft het aantal weken terug in het opgegeven jaar.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

WEEKSINYEAR(jaar)

Parameters
Commentaar: Jaar
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

WEEKSINYEAR(2000) geeft 52 terug

WORKDAY

De functie WORKDAY() geeft de datum terug, werkdagen na de startdatum.

Vrije_dagen moet een van de volgende zijn: aantal = dagen die bijgeteld moeten worden, een enkele datum of een reeks van dagen.

Terug gegeven type: Datum
Syntaxis

WORKDAY(startdatum; dagen; vrije_dagen)

Parameters
Commentaar: Startdatum
Type: Tekst
Commentaar: Werkdagen
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Vrije dagen
Type: Tekst
Voorbeelden

Indien B9 is "01:01:2001", D3 is "03:01:2001", D4 is "04:01:2003" geeft WORKDAY(B9;2;D3:D4) "Vrij 5 Jan 2001" terug

YEAR

De functie YEAR() geeft het jaartal van een datum terug. Als er geen parameter wordt opgegeven is dat het actuele jaar.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

YEAR(datum)

Parameters
Commentaar: Datum
Type: Tekst
Voorbeelden

YEAR("22-2-2002") geeft 2002 terug

Voorbeelden

YEAR(2323.1285) geeft 1906 terug (2323 dagen na 31 december 1899 valt op 11 mei 1906)

Gerelateerde functies
DAY 
MONTH 

YEARFRAC

De functie YEARFRAC() geeft het aantal volle dagen terug tussen de startdatum en de einddatum volgens de basis.

De basis moet een van de volgende zijn: 0 = 30/360 US, 1 = Actueel/actueel, 2 = Actueel/360, 3 = Actueel/365, 4 = Europees 30/360

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

YEARFRAC(startdatum; einddatum; basis)

Parameters
Commentaar: Eerste datum
Type: Tekst
Commentaar: Tweede datum
Type: Tekst
Commentaar: interval
Type: Tekst

YEARS

De functie YEARS() berekent het verschil tussen twee data in jaren. De derde parameter bepaalt de berekeningsmethode: als de methode 0 is, dan geeft YEARS() het grootst mogelijke aantal jaren terug tussen deze dagen. Als de methode 1 is, dan geeft de functie alleen het aantal hele jaren terug van 1 januari tot en met 31 december.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

YEARS(datum2; datum1; methode)

Parameters
Commentaar: Eerste (eerdere) datum
Type: Tekst
Commentaar: Tweede datum
Type: Tekst
Commentaar: Berekeningsmethode
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

YEARS("2001-02-19"; "2002-02-26"; 0) geeft 1 terug, omdat er 1 jaar en 7 dagen tussen is

Voorbeelden

YEARS("2002-02-19"; "2002-02-26"; 1) geeft 0 terug, omdat er niet een heel jaar tussen is, gerekend vanaf de eerste dag van het jaar

Techniek

BASE

De functie BASE() zet een getal met grondtal 10 om naar een tekenreeks van een getal, met grondtal 2 tot 36.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

BASE(getal;grondtal;nauwkeurigheid)

Parameters
Commentaar: Getal
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Grondtal
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: MinLengte
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

BASE(128;8) geeft "200" terug

BESSELI

De functie BESSELI(x;n) geeft de gemodificeerde Besselfunctie In(x) terug.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

BESSELI(x;n)

Parameters
Commentaar: Waar de functie wordt berekend
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Orde van de functie
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

BESSELI(0.7;3) geeft 0.007367374 terug

Gerelateerde functies
BESSELJ 
BESSELK 
BESSELY 

BESSELJ

De functie BESSELJ(x;n) geeft de Besselfunctie Jn(x) terug.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

BESSELJ(x;n)

Parameters
Commentaar: Waar de functie wordt berekend
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Orde van de functie
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

BESSELJ(0.89;3) geeft 0.013974004 terug

Gerelateerde functies
BESSELI 
BESSELK 
BESSELY 

BESSELK

De functie BESSELK(x;n) geeft de gemodificeerde Besselfunctie Kn(x) terug. Dit is hetzelfde als de Besselfunctie berekend voor puur imaginaire argumenten.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

BESSELK(x;n)

Parameters
Commentaar: Waar de functie wordt berekend
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Orde van de functie
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

BESSELK(3;9) geeft 397.95880 terug

Gerelateerde functies
BESSELI 
BESSELJ 
BESSELY 

BESSELY

De functie BESSELY(x;n) geeft de Besselfunctie Yn(x) terug. Deze wordt ook de Weber functie of Neumann functie genoemd.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

BESSELY(x;n)

Parameters
Commentaar: Waar de functie wordt berekend
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Orde van de functie
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

BESSELY(4;2) geeft 0.215903595 terug

Gerelateerde functies
BESSELI 
BESSELJ 
BESSELK 

BIN2DEC

De functie BIN2DEC() geeft een tekenreeks voor een binaire waarde terug als decimaal getal.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

BIN2DEC(waarde)

Parameters
Commentaar: Te converteren waarde
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

BIN2DEC("1010") returns 10

Voorbeelden

BIN2DEC("11111") geeft 31 terug

BIN2HEX

De functie BIN2HEX() geeft een tekenreeks voor een binaire waarde terug als een tekenreeks voor een hexadecimaal getal.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

BIN2HEX(waarde)

Parameters
Commentaar: Te converteren waarde
Type: Tekst
Commentaar: De minimum lengte van de uitvoer
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

BIN2HEX("1010") geeft "a" terug

Voorbeelden

BIN2HEX("11111") geeft "1f" terug

BIN2OCT

De functie BIN2OCT() geeft een tekenreeks voor een binaire waarde terug als een tekenreeks voor een octaal getal.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

BIN2OCT(waarde)

Parameters
Commentaar: Te converteren waarde
Type: Tekst
Commentaar: De minimum lengte van de uitvoer
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

BIN2OCT("1010") returns "12"

Voorbeelden

BIN2OCT("11111") geeft "37" terug

COMPLEX

De functie COMPLEX(reëel.imaginair) geeft een complex getal terug als de tekenreeks "x+yi".

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

COMPLEX(reëel;imaginair)

Parameters
Commentaar: Reële deel
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Imaginaire deel
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

COMPLEX(1.2;3.4) geeft "1.2+3.4i" terug

Voorbeelden

COMPLEX(0;-1) geeft "-i" terug

CONVERT

De functie CONVERT() geeft de omrekening van de ene naar de andere eenheid terug waarin grootheden worden uitgedrukt.

Ondersteunde eenheden voor massa zijn: g (gram), sg (pieces), lbm (pound), u (atoommassa), ozm (ounce), stone, ton, grain, pweigt (pennyweight), hweight (hundredweight).

Ondersteunde eenheden voor lengte zijn: m (meter), in (inch,duim), ft (feet, voet), mi (mijl), Nmi (zeemijl), ang (Ångström), parsec, lichtjaar.

Ondersteunde eenheden voor druk zijn: Pa (Pascal), atm (atmosfeer), mmhg (mm kwik), psi (pounds per square inch), Torr.

Ondersteunde eenheden voor kracht zijn: N (Newton), dyne, pound.

Ondersteunde eenheden voor energie zijn: J (joule), e (erg), c (thermodynamische calorie), cal (IT-calorie), eV (elektronvolt), HPh (paardekracht uur), Wh (watt uur), flb (foot-pound), BTU (British Thermal Unit).

Ondersteunde eenheden voor vermogen zijn: W (Watt), HP (paardekracht), PS (metrische paardekracht, Pferdestärke).

Ondersteunde eenheden voor magnetisme zijn: T (Tesla), ga (Gauss).

Ondersteunde eenheden voor temperatuur zijn: C (Celsius), F (Fahrenheit), K (Kelvin).

Ondersteunde eenheden voor volume zijn: l (liter), tsp (theelepel), tbs (eetlepel, tablespoon), oz (ounce vloeistof), cup (kop), pt (pint), qt (kwart gallon). gal (gallon), barrel (vat), m3 (kubieke meter), mi3 (kubieke mijl), Nmi3 (kubieke zeemijl), in3 (kubieke inch), ft3 (kubieke foot), yd3 (kubieke yard), GRT of regton (bruto registerton= 2.83 m3= 100 ft3).

Ondersteunde eenheden voor oppervlakte zijn: m2 (vierkante meter), mi2 (vierkante mijl), Nmi2 (vierkante zeemijl), in2 (vierkante inch), ft2 (vierkante foot), yd2 (vierkante yard), acre. ha (hectare).

Ondersteunde eenheden voor snelheid zijn: m/s (meters per seconde), m/h (meters per uur), mph (mijlen per uur), kn (knopen, zeemijlen per uur).

Voor metrische eenheden kan een van de volgende voorvoegsels worden gebruikt: E (exa, 1E+18), P (peta, 1E+15), T (tera, 1E+12), G (giga, 1E+09), M (mega, 1E+06), k (kilo, 1E+03), h (hecto, 1E+02), e (deka, 1E+01), d (deci, 1E-01), c (centi, 1E-02), m (milli, 1E-03), u (micro, 1E-06), n (nano, 1E-09), p (pico, 1E-12), f (femto, 1E-15), a (atto, 1E-18).

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

CONVERT(getal; van_eenheid; naar_eenheid)

Parameters
Commentaar: Getal
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Vanuit eenheid
Type: Tekst
Commentaar: Naar eenheid
Type: Tekst
Voorbeelden

CONVERT(32;"C";"F") geeft 89.6 terug

Voorbeelden

CONVERT(3;"lbm";"kg") geeft 1.3608 terug

Voorbeelden

CONVERT(7.9;"cal";"J") geeft 33.0757 terug

DEC2BIN

De functie DEC2BIN() geeft de decimale waarde terug als een tekenreeks voor een binair getal.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

DEC2BIN(waarde)

Parameters
Commentaar: Te converteren waarde
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: De minimum lengte van de uitvoer
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

DEC2BIN(12) geeft "1100" terug

Voorbeelden

DEC2BIN(55) geeft "110111" terug

DEC2HEX

De functie DEC2HEX() geeft de decimale waarde terug als een tekenreeks voor een hexadecimaal getal.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

DEC2HEX(waarde)

Parameters
Commentaar: Te converteren waarde
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: De minimum lengte van de uitvoer
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

DEC2HEX(12) geeft "c" terug

Voorbeelden

DEC2HEX(55) geeft "37" terug

DEC2OCT

De functie DEC2OCT() geeft de decimale waarde terug als een tekenreeks voor een octaal getal.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

DEC2OCT(waarde)

Parameters
Commentaar: Te converteren waarde
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: De minimum lengte van de uitvoer
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

DEC2OCT(12) geeft "14" terug

Voorbeelden

DEC2OCT(55) geeft "67" terug

DELTA

De functie DELTA(x;y) geeft 1 terug als x gelijk is aan y, en anders 0. Standaardwaarde van y is 0.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

DELTA(x; y)

Parameters
Commentaar: Decimale breuk (met drijvende komma)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Decimale breuk (met drijvende komma)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

DELTA(1.2; 3.4) geeft 0 terug

Voorbeelden

DELTA(3; 3) geeft 1 terug

Voorbeelden

DELTA(1; Waar) geeft 1 terug

ERF

De functie ERF() is de foutfunctie (ook bekend als error function). Met een enkel argument geeft ERF() een waarde terug tussen 0 en dat argument.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

ERF(ondergrens; bovengrens)

Parameters
Commentaar: Ondergrens
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Bovengrens
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

ERF(0.4) geeft 0.42839236 terug

Gerelateerde functies
ERFC 

ERFC

De functie ERFC() geeft de waarde van de complementaire foutfunctie (complementary error function) terug.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

ERFC(ondergrens; bovengrens)

Parameters
Commentaar: Ondergrens
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Bovengrens
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

ERFC(0.4) geeft 0.57160764 terug

Gerelateerde functies
ERF 

GESTEP

De functie GESTEP(x;y) geeft 1 terug als x >= y en anders 0. Standaardwaarde van y is 0.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

GESTEP(x; y)

Parameters
Commentaar: Decimale breuk (met drijvende komma)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Decimale breuk (met drijvende komma)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

GESTEP(1.2; 3.4) geeft 0 terug

Voorbeelden

GESTEP(3; 3) geeft 1 terug

Voorbeelden

GESTEP(0.4; Waar) geeft 0 terug

Voorbeelden

GESTEP(4; 3) geeft 1 terug

HEX2BIN

De functie HEX2BIN() geeft een tekenreeks voor een hexadecimale waarde terug als een tekenreeks voor een binair getal.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

HEX2BIN(waarde)

Parameters
Commentaar: Te converteren waarde
Type: Tekst
Voorbeelden

HEX2BIN("a") geeft "1010" terug

Voorbeelden

HEX2BIN("37") geeft "110111" terug

HEX2DEC

De functie HEX2DEC() geeft een tekenreeks voor een hexadecimale waarde terug als een decimaal getal.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

HEX2DEC(waarde)

Parameters
Commentaar: Te converteren waarde
Type: Tekst
Voorbeelden

HEX2DEC("a") returns 10

Voorbeelden

HEX2DEC("37") geeft 55 terug

HEX2OCT

De functie HEX2OCT() geeft een tekenreeks voor een hexadecimale waarde terug als een tekenreeks voor een octaal getal.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

HEX2OCT(waarde)

Parameters
Commentaar: Te converteren waarde
Type: Tekst
Voorbeelden

HEX2OCT("a") returns "12"

Voorbeelden

HEX2OCT("37") geeft "67" terug

IMABS

De functie IMABS(complex getal) geeft de norm terug van een complex getal x+yi.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

IMABS(complex getal)

Parameters
Commentaar: Complex getal
Type: Tekst
Voorbeelden

IMABS("1.2+5i") geeft 5.1419 terug

Voorbeelden

IMABS("-i") geeft 1 terug

Voorbeelden

IMABS("12") geeft 12 terug

IMAGINARY

De functie IMAGINARY(tekenreeks) geeft het imaginaire deel van een complex getal terug (zonder de toevoeging i, dus als een reëel getal).

Terug gegeven type: Double
Syntaxis

IMAGINARY(tekenreeks)

Parameters
Commentaar: Complex getal
Type: Tekst
Voorbeelden

IMAGINARY("1.2+3.4i") geeft 3.4 terug

Voorbeelden

IMAGINARY("1.2") geeft 0 terug

IMARGUMENT

De functie IMARGUMENT(complex getal) geeft het (hoofd)argument (in radialen) terug van een complex getal x+yi.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

IMARGUMENT(complex getal)

Parameters
Commentaar: Complex getal
Type: Tekst
Voorbeelden

IMARGUMENT("1.2+5i") geeft 1.33525 terug

Voorbeelden

IMARGUMENT("-i") geeft -1.57079633 terug

Voorbeelden

IMARGUMENT("12") geeft "#Div/0" terug

IMCONJUGATE

De functie IMCONJUGATE(complex getal) geeft de complex toegevoegde van een complex getal terug als de tekenreeks "x+yi".

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

IMCONJUGATE(complex getal)

Parameters
Commentaar: Complex getal
Type: Tekst
Voorbeelden

IMCONJUGATE("1.2+5i") geeft "1.2-5i" terug

Voorbeelden

IMCONJUGATE("-i") geeft "i" terug

Voorbeelden

IMCONJUGATE("12") geeft "12" terug

IMCOS

De functie IMCOS(tekenreeks) geeft de cosinus terug van een complex getal

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

IMCOS(tekenreeks)

Parameters
Commentaar: Complex getal
Type: Tekst
Voorbeelden

IMCOS("1+i") geeft "0.83373-0.988898i" terug

Voorbeelden

IMCOS("12i") geeft 81377.4 terug

IMCOSH

De functie IMCOSH(string) geeft de hyperbolische cosinus van een complex getal terug.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

IMCOSH(tekenreeks)

Parameters
Commentaar: Complex getal
Type: Tekst
Voorbeelden

IMCOSH("1+i") geeft "0.83373+0.988898i" terug

Voorbeelden

IMCOSH("12i") geeft 0.84358 terug

IMCOT

De functie IMCOT(tekenreeks) geeft de cotangens terug van een complex getal.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

IMCOT(tekenreeks)

Parameters
Commentaar: Complex getal
Type: Tekst
Voorbeelden

IMCOT("1+i") geeft "0.21762-0.86801i" terug

IMCSC

De functie IMCSC(tekenreeks) geeft de cosecans terug van een complex getal.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

IMCSC(tekenreeks)

Parameters
Commentaar: Complex getal
Type: Tekst
Voorbeelden

IMCSC("1+i") geeft "0.62151-0.30393i" terug

IMCSCH

De functie IMCSCH(string) geeft de hyperbolische cosecans van een complex getal terug.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

IMCSCH(tekenreeks)

Parameters
Commentaar: Complex getal
Type: Tekst
Voorbeelden

IMCSCH("1+i") geeft "0.30393-i0.62151" terug

IMDIV

De functie IMDIV() geeft de deling van een aantal complexe getallen terug als een tekenreeks "x+yi".

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

IMDIV(waarde;waarde;...)

Parameters
Commentaar: Complex getal
Type: Een bereik (range) van tekenreeksen
Commentaar: Complex getal
Type: Een bereik (range) van tekenreeksen
Commentaar: Complex getal
Type: Een bereik (range) van tekenreeksen
Commentaar: Complex getal
Type: Een bereik (range) van tekenreeksen
Commentaar: Complex getal
Type: Een bereik (range) van tekenreeksen
Voorbeelden

IMDIV(1.2;"3.4+5i") geeft "0.111597-0.164114i" terug

Voorbeelden

IMDIV("12+i";"12-i") geeft "0.986207+0.16551i" terug

IMEXP

De functie IMEXP(tekenreeks) geeft de exponent terug van een complex getal als een tekenreeks.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

IMEXP(tekenreeks)

Parameters
Commentaar: Complex getal
Type: Tekst
Voorbeelden

IMEXP("2-i") geeft "3.99232-6.21768i" terug

Voorbeelden

IMEXP("12i") geeft "0.843854-0.536573i" terug

IMLN

De functie IMLN(tekenreeks) geeft de natuurlijke logaritme terug van een complex getal.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

IMLN(tekenreeks)

Parameters
Commentaar: Complex getal
Type: Tekst
Voorbeelden

IMLN("3-i") geeft "1.15129-0.321751i" terug

Voorbeelden

IMLN("12") geeft 2.48491 terug

IMLOG10

De functie IMLOG10(tekenreeks) geeft de logaritme met grondtal 10 terug van een complex getal.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

IMLOG10(tekenreeks)

Parameters
Commentaar: Complex getal
Type: Tekst
Voorbeelden

IMLOG10("3+4i") geeft "0.69897+0.402719i" terug

IMLOG2

De functie IMLOG2(tekenreeks) geeft de logaritme met grondtal 2 terug van een complex getal.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

IMLOG2(tekenreeks)

Parameters
Commentaar: Complex getal
Type: Tekst
Voorbeelden

IMLOG2("3+4i") geeft "2.321928+1.337804i" terug

IMPOWER

De functie IMPOWER(tekenreeks) geeft een macht van een complex getal terug.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

IMPOWER(tekenreeks)

Parameters
Commentaar: Complex getal
Type: Tekst
Commentaar: Macht
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

IMPOWER("4-i";2) geeft "15-8i" terug

Voorbeelden

IMPOWER("1.2";2) geeft 1.44 terug

IMPRODUCT

De functie IMPRODUCT() geeft het product terug van een aantal complexe getallen als de tekenreeks "x+yi".

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

IMPRODUCT(waarde;waarde;...)

Parameters
Commentaar: Complex getal
Type: Een bereik (range) van tekenreeksen
Commentaar: Complex getal
Type: Een bereik (range) van tekenreeksen
Commentaar: Complex getal
Type: Een bereik (range) van tekenreeksen
Commentaar: Complex getal
Type: Een bereik (range) van tekenreeksen
Commentaar: Complex getal
Type: Een bereik (range) van tekenreeksen
Voorbeelden

IMPRODUCT(1.2;"3.4+5i") geeft "4.08+6i" terug

Voorbeelden

IMPRODUCT(1.2;"1i") geeft "+1.2i" terug

IMREAL

De functie IMREAL(tekenreeks) geeft het reële deel terug van een complex getal, als reëel getal.

Terug gegeven type: Double
Syntaxis

IMREAL(tekenreeks)

Parameters
Commentaar: Complex getal
Type: Tekst
Voorbeelden

IMREAL("1.2+3.4i") geeft 1.2 terug

Voorbeelden

IMREAL("1.2i") geeft 0 terug

IMSEC

De functie IMSEC(tekenreeks) geeft de secans terug van een complex getal.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

IMSEC(tekenreeks)

Parameters
Commentaar: Complex getal
Type: Tekst
Voorbeelden

IMSEC("1+i") geeft "0.49833+i0.59108" terug

IMSECH

De functie IMSECH(string) geeft de hyperbolische secans van een complex getal terug.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

IMSECH(tekenreeks)

Parameters
Commentaar: Complex getal
Type: Tekst
Voorbeelden

IMSECH("1+i") geeft "0.49833-i0.59108" terug

IMSIN

De functie IMSIN(tekenreeks) geeft de sinus terug van een complex getal.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

IMSIN(tekenreeks)

Parameters
Commentaar: Complex getal
Type: Tekst
Voorbeelden

IMSIN("1+i") geeft "1.29846+0.634964i" terug

Voorbeelden

IMSIN("1.2") geeft -0.536573 terug

IMSINH

De functie IMSINH(tekenreeks) geeft de hyperbolische sinus van een complex getal terug.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

IMSINH(tekenreeks)

Parameters
Commentaar: Complex getal
Type: Tekst
Voorbeelden

IMSINH("1+i") geeft "0.63496+1.29846i" terug

Voorbeelden

IMSINH("1.2") geeft 1.50946 terug

IMSQRT

De functie IMSQRT(tekenreeks) geeft de vierkantswortel terug van een complex getal.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

IMSQRT(tekenreeks)

Parameters
Commentaar: Complex getal
Type: Tekst
Voorbeelden

IMSQRT("1+i") geeft "1.09868+0.45509i" terug

Voorbeelden

IMSQRT("1.2i") geeft "0.774597+0.774597i" terug

IMSUB

De functie IMSUB() geeft het verschil terug tussen een aantal complexe getallen als de tekenreeks "x+yi".

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

IMSUB(waarde;waarde;...)

Parameters
Commentaar: Complex getal
Type: Een bereik (range) van tekenreeksen
Commentaar: Complex getal
Type: Een bereik (range) van tekenreeksen
Commentaar: Complex getal
Type: Een bereik (range) van tekenreeksen
Commentaar: Complex getal
Type: Een bereik (range) van tekenreeksen
Commentaar: Complex getal
Type: Een bereik (range) van tekenreeksen
Voorbeelden

IMSUB(1.2;"3.4+5i") geeft "-2.2-5i" terug

Voorbeelden

IMSUB(1.2;"1i") geeft "1.2-i" terug

IMSUM

De functie IMSUM() geeft de som van een aantal complexe getallen terug als een tekenreeks "x+yi".

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

IMSUM(waarde;waarde;...)

Parameters
Commentaar: Complex getal
Type: Een bereik (range) van tekenreeksen
Commentaar: Complex getal
Type: Een bereik (range) van tekenreeksen
Commentaar: Complex getal
Type: Een bereik (range) van tekenreeksen
Commentaar: Complex getal
Type: Een bereik (range) van tekenreeksen
Commentaar: Complex getal
Type: Een bereik (range) van tekenreeksen
Voorbeelden

IMSUM(1.2;"3.4+5i") geeft "4.6+5i" terug

Voorbeelden

IMSUM(1.2;"1i") geeft "1.2+i" terug

IMTAN

De functie IMTAN(tekenreeks) geeft de tangens van een complex getal terug.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

IMTAN(tekenreeks)

Parameters
Commentaar: Complex getal
Type: Tekst
Voorbeelden

IMTAN("1+i") geeft "0.27175+1.08392i" terug

Voorbeelden

IMTAN("1.2") geeft 2.57215 terug

IMTANH

De functie IMTANH(tekenreeks) geeft de hyperbolische tangens terug van een complex getal.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

IMTANH(tekenreeks)

Parameters
Commentaar: Complex getal
Type: Tekst
Voorbeelden

IMTANH("1+i") geeft "1.08392+0.27175i" terug

Voorbeelden

IMTANH("1.2") geeft 0.83365 terug

OCT2BIN

De functie OCT2BIN() geeft de octale waarde terug als een tekenreeks voor een een binair getal.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

OCT2BIN(waarde)

Parameters
Commentaar: Te converteren waarde
Type: Tekst
Commentaar: De minimum lengte van de uitvoer
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

OCT2BIN("12") geeft "1010" terug

Voorbeelden

OCT2BIN(55) geeft "101101" terug

OCT2DEC

De functie OCT2DEC() geeft een tekenreeks voor een octale waarde terug als een decimaal getal.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

OCT2DEC(waarde)

Parameters
Commentaar: Te converteren waarde
Type: Tekst
Voorbeelden

OCT2DEC("12") returns 10

Voorbeelden

OCT2DEC("55") geeft 45 terug

OCT2HEX

De functie OCT2HEX() geeft een tekenreeks voor een octale waarde terug als een tekenreeks voor een hexadecimaal getal.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

OCT2HEX(waarde)

Parameters
Commentaar: Te converteren waarde
Type: Tekst
Commentaar: De minimum lengte van de uitvoer
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

OCT2HEX("12") geeft "A" terug (A is het hexadecimale cijfer voor tien)

Voorbeelden

OCT2HEX("55") geeft "2D" terug

Financieel

ACCRINT

De functie ACCRINT() geeft de opgelopen rente terug voor een waardepapier waarop periodiek rente wordt uitbetaald. Toegestane perioden zijn 1 voor jaarlijks, 2 voor halfjaarlijks en 4 voor per kwartaal. Basis is het type dagtelling dat u wilt gebruiken: 0 voor US 30/360 (standaard), 1 voor echte dagen, 2 voor echte dagen/360, 3 voor echte dagen/365 of 4 voor Europees 30/365.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

ACCRINT(uitgavedag; startrente; vervaldatum; jaarrente; nominale waarde; betalingsfrequentie; basis)

Parameters
Commentaar: Uitgavedatum
Type: Datum
Commentaar: Startrente
Type: Datum
Commentaar: Betaaldatum
Type: Datum
Commentaar: Jaarrente van een waardepapier
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Nominale waarde
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Aantal betalingen per jaar
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Basis van dagbetaling
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

ACCRINT("28:2:2001"; "31:8:2001"; "1:5:2001"; 0.1;1000; 2; 0) geeft 16,944 terug

Gerelateerde functies
ACCRINTM 

ACCRINTM

De functie ACCRINTM() geeft de opgelopen rente voor een waardepapier welke op de vervaldatum wordt uitbetaald. Basis is het type dagtelling dat u wilt gebruiken: 0 voor US 30/360 (standaard), 1 voor echte dagen, 2 voor echte dagen/360, 3 voor echte dagen/365 of 4 voor Europees 30/365.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

ACCRINTM(uitgavedag; vervaldatum; rente; nominale waarde; basis)

Parameters
Commentaar: Uitgavedatum
Type: Datum
Commentaar: Betaaldatum
Type: Datum
Commentaar: Jaarrente van een waardepapier
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Nominale waarde
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Basis van dagbetaling
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

ACCRINTM("28:2:2001"; "31:8:2001"; 0.1; 100) geeft 5.0278 terug

Gerelateerde functies
ACCRINT 

AMORDEGRC

De AMORDEGRC-functie berekent de afschrijvingswaarde voor het Franse boekhoudsysteem met gebruik van degressieve afschrijving.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

AMORDEGRC( kosten; koopDatum; eerstePeriodeEindDatum; restwaarde; periode; rate; basis)

Parameters
Commentaar: Kosten
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Pv
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Fv
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

AMORDEGRC( 1000; 01:02:2006; 31:12:2006; 10; 0; 0.1; 1 ) geeft 228 terug

Gerelateerde functies
AMORLINC 
DB 
DDB 
YEARFRAC 

AMORLINC

De AMORLINC-functie berekent de afschrijvingswaarde voor het Franse boekhoudsysteem met gebruik van lineaire afschrijving.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

AMORLINC( kosten; koopDatum; eerstePeriodeEindDatum; restwaarde; periode; rate; basis)

Parameters
Commentaar: P
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Pv
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Fv
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

AMORLINC( 1000; "01:02:2004"; "31:12:2004"; 10; 0; 0.1; 1 ) geeft 91.256831 terug

Gerelateerde functies
AMORDEGRC 
DB 
DDB 
YEARFRAC 

COMPOUND

De functie COMPOUND() geeft de waarde terug van een investering, gegeven het startkapitaal, de nominale rente, de stortingsfrequentie en tijd. Voorbeeld: $5000 tegen 12% rente, gedurende 5 jaar opgespaard met een stortingsfrequentie van elk kwartaal levert een eindbedrag op van COMPOUND(5000;0.12;4;5) oftewel $9030.56.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

COMPOUND(beginkapitaal;rente;perioden;perioden_per_jaar)

Parameters
Commentaar: Startkapitaal
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Rente
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Perioden per jaar
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Jaren
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

COMPOUND(5000;0.12;4;5) geeft 9030.56 terug

CONTINUOUS

De functie CONTINUOUS() berekent de uitkomst van een continue samengestelde rente, gegeven het startkapitaal, de nominale rente en de tijdsduur in jaren. Voorbeeld: $1000 tegen 10% rente gedurende 1 jaar levert CONTINUOUS(1000;1;1) oftewel $1105.17 op.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

CONTINUOUS(startkapitaal;rente;jaren)

Parameters
Commentaar: Startkapitaal
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Rente
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Jaren
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

CONTINUOUS(1000;0.1;1) geeft 1105.17 terug

COUPNUM

De functie COUPNUM() geeft het aantal coupons die tussen de betaaldatum en de vervaldatum moeten worden betaald. Basis is het type dagtelling dat u wilt gebruiken: 0 voor US 30/360 (standaard), 1 voor echte dagen, 2 voor echte dagen/360, 3 voor echte dagen/365 of 4 voor Europees 30/365.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

COUPNUM(betaaldatum; vervaldatum; frequentie; basis)

Parameters
Commentaar: Betaaldatum
Type: Datum
Commentaar: Vervaldatum
Type: Datum
Commentaar: Frequentie
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Basis van dagbetaling
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

COUPNUM("28:2:2001"; "3:.8:2001"; 2; 0) geeft 1 terug

CUMIPMT

Berekent de cumulatieve rentebetaling.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

CUMIPMT(rente; perioden; waarde; start; einde; type)

Parameters
Commentaar: rente
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: perioden
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: waarde
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: start
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: einde
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: type
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

CUMIPMT( 0.06/12; 5*12; 100000; 5; 12; 0 ) is gelijk aan -3562.187023

Gerelateerde functies
IPMT 
CUMPRINC 

CUMPRINC

Berekent de cumulatieve hoofdbetaling.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

CUMPRINC(rente; perioden; waarde; start; einde; type)

Parameters
Commentaar: rente
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: perioden
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: waarde
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: start
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: einde
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: type
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

CUMPRINC( 0.06/12; 5*12; 100000; 5; 12; 0 ) is gelijk aan -11904.054201

Gerelateerde functies
PPMT 
CUMIPMT 

DB

De functie DB() berekent de afschrijving van een kredietpost over een opgegeven periode met behulp van de vaste degressieve afschrijvingsmethode. Maand is optioneel, indien weggelaten wordt 12 als waarde aangenomen.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

DB(kosten; restwaarde; levensduur; periode [;maand])

Parameters
Commentaar: Kosten
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Restwaarde
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Levensduur
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Periode
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Maand
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

DB(8000;400;6;3) geeft 1158.40 terug

Voorbeelden

DB(8000;400;6;3;2) geeft 1783.41 terug

Gerelateerde functies
DDB 
SLN 

DDB

De functie DDB() berekent de afschrijving van een kredietpost over een opgegeven periode met behulp van de "arithmetic-declining" afschrijvingsmethode. De factor is optioneel, indien weggelaten wordt 2 als waarde aangenomen. Alle parameters moeten groter dan nul zijn.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

DDB(kosten; restwaarde; levensduur; periode [;factor])

Parameters
Commentaar: Kosten
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Restwaarde
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Levensduur
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Periode
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Factor
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

DDB(75000;1;60;12;2) geeft 1721.81 terug

Gerelateerde functies
SLN 

DISC

De functie DISC() geeft de disconto voor een waardepapier. Basis is het type dagtelling dat u wilt gebruiken: 0 voor US 30/360 (standaard), 1 voor echte dagen, 2 voor echte dagen/360, 3 voor echte dagen/365 of 4 voor Europees 30/365.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

DISC(betaaldatum; vervaldatum; nominale waarde; uitbetaling [; basis ] )

Parameters
Commentaar: Betaaldatum
Type: Datum
Commentaar: Vervaldatum
Type: Datum
Commentaar: Prijs per $100 nominale waarde
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Aflossing
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Basis van dagbetaling
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

DISC("28:2:2001"; "31:8:2001"; 12; 14) geeft 0.2841 terug

Gerelateerde functies
YEARFRAC 

DOLLARDE

De functie DOLLARDE() geeft een dollarprijs uitgedrukt in een decimaal breuk. De fractionele dollar is het getal dat geconverteerd wordt en de fractie is de noemer van de breuk

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

DOLLARDE(fractionele dollar; noemer)

Parameters
Commentaar: Fractionele Dollar
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Fractie
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

DOLLARDE(1.02; 16) - betekent 1 en 2/16 - geeft 1.125 terug

Gerelateerde functies
DOLLARFR 
TRUNC 

DOLLARFR

De functie DOLLARFR() geeft de dollarprijs als een breuk. De decimale dollar is het getal dat wordt geconverteerd, en de fractie is de noemer van de breuk

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

DOLLARFR(fractionele dollar; fractie)

Parameters
Commentaar: Decimale Dollar
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Fractie
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

DOLLARFR(1.125; 16) returns 1.02 terug. (1 + 2/16)

Gerelateerde functies
DOLLARDE 
TRUNC 

DURATION

Geeft het aantal perioden terug die nodig zijn om een investering de gewenste waarde te laten bereiken.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

DURATION(rente; pv; fv)

Parameters
Commentaar: Rente
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Huidige waarde (PV)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Toekomstige waarde (FV)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

DURATION(0.1; 1000; 2000) geeft 7.27 terug

Gerelateerde functies
FV 
PV 

DURATION_ADD

Geeft de Macauley-duur van een vaste-rente waardepapier in jaren.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

DURATION_ADD(Betaaldatum; Vervaldatum; Coupon; Opbrengst; Frequentie; Basis)

Parameters
Commentaar: Betaaldatum
Type: Datum
Commentaar: Vervaldatum
Type: Datum
Commentaar: Coupon
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Opbrengst
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Frequentie
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Basis
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

DURATION_ADD( "01:01:1998"; "01:01:2006"; 0.08; 0.09; 2; 1 ) geeft 5.9937749555 terug

Gerelateerde functies
MDURATION 

EFFECT

De functie EFFECT() berekent de effectieve rente bij een nominaal rentepercentage (jaarlijkse rente of APR). Voorbeeld: 8% maandelijks samengestelde rente levert een effectieve rente op van EFFECT(.08 ;12) oftewel 8.3%.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

EFFECT(nominaal;perioden)

Parameters
Commentaar: Nominale rente
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Perioden
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

EFFECT(0.08;12) geeft 0.083 terug

Gerelateerde functies
EFFECTIVE 
NOMINAL 

EFFECTIVE

De functie EFFECTIVE() berekent de effectieve rente bij een nominaal rentepercentage.(jaarlijkse rente of APR). en is gelijk aan de functie EFFECT.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

EFFECTIVE(nominaal;perioden)

Parameters
Commentaar: Nominale rente
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Perioden
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Gerelateerde functies
EFFECT 

EURO

De functie EURO() converteert een Euro naar een gegeven nationale valuta in de Europese monetaire unie. De munt is er een van de volgende: ATS (Oostenrijk), BEF (België), DEM (Duitsland), ESP (Spanje), EUR (Euro), FIM (Finland), FRF (Frankrijk), GRD (Griekenland), IEP (Ierland), ITL (Italië), LUF (Luxemburg), NLG (Nederland) of PTE (Portugal).

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

EURO(valuta)

Parameters
Commentaar: Valuta
Type: Tekst
Voorbeelden

EURO("NLG") geeft 2.20371 terug

Gerelateerde functies
EUROCONVERT 

EUROCONVERT

De functie EUROCONVERT() converteert een bedrag uitgedrukt in een nationale valuta naar een andere valuta en gebruikt daarbij de EURO als tussenstation. De munt is er een van de volgende: ATS (Oostenrijk), BEF (België), DEM (Duitsland), ESP (Spanje), EUR (Euro), FIM (Finland), FRF (Frankrijk), GRD (Griekenland), IEP (Ierland), ITL (Italië), LUF (Luxemburg), NLG (Nederland) of PTE (Portugal).

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

EUROCONVERT(bedrag; bronvaluta; doelvaluta)

Parameters
Commentaar: Getal
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Bronvaluta
Type: Tekst
Commentaar: Doelvaluta
Type: Tekst
Voorbeelden

EUROCONVERT(1; "EUR"; "NLG") is gelijk aan 2.20371

Gerelateerde functies
EURO 

FV

De functie FV() geeft de toekomstige waarde van een investering terug, gegeven de rente en de verstreken tijd. Met bijv. $1000 op een spaarrekening tegen 8% rente, krijgt u over 2 jaar FV(1000;0.08;2) oftewel $1166.40.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

FV(huidige waarde;rente;periodes)

Parameters
Commentaar: Huidige waarde
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Rente
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Perioden
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

FV(1000;0.08;2) is gelijk aan 1166.40

Gerelateerde functies
PV 
NPER 
PMT 
RATE 

FV_ANNUITY

De functie FV_ANNUITY() geeft de toekomstige waarde terug van een reeks uitkeringen, gegeven de hoogte van de uitkering, het rentepercentage en het aantal perioden. Voorbeeld: u ontvangt $500 per jaar over een periode van 20 jaar. Dit investeert u tegen 8% rente. Na 20 jaar zal het totaal FV_ANNUITY(500;0.08;20) oftewel $22.880.98 bedragen. Er wordt ervan uitgegaan dat de uitkering aan het einde van elke maand plaatsvind.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

FV_ANNUITY(bedrag;rente;perioden)

Parameters
Commentaar: Betaling per periode
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Rente
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Perioden
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

FV_ANNUITY(1000;0.05;5) is gelijk aan 5525.63

INTRATE

De functie INTRATE() geeft de rentewaarde voor een volledig geïnvesteerd waardepapier. Basis is het type dagtelling dat u wilt gebruiken: 0 voor US 30/360 (standaard), 1 voor echte dagen, 2 voor echte dagen/360, 3 voor echte dagen/365 of 4 voor Europees 30/365.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

INTRATE(betaaldatum; vervaldatum; investering; uitbetaling; basis)

Parameters
Commentaar: Betaaldatum
Type: Datum
Commentaar: Vervaldatum
Type: Datum
Commentaar: Investering
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Aflossing
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Basis van dagbetaling
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

INTRATE("28:2:2001"; "31:8:2001"; 1000000; 2000000;1)geeft 1.98 terug

IPMT

IPMT() berekent het rentebedrag van de annuïteit.

Rente is het periodieke rentepercentage.

Periode is de afnameperiode. 1 voor de eerste en NPER voor de laatste periode.

NPER is het totaal aantal perioden waarin een annuïteit wordt afbetaald.

PV is de huidige waarde in de rij van afbetalingen.

FV (optioneel) is de verlangde (toekomstige) waarde. Standaard: 0.

Type (optioneel) definieert de einddatum. 1 voor betaling aan het begin van een periode en 0 (standaard) voor betaling aan het eind van een periode.

Het voorbeeld toont het te betalen rentebedrag in het laatste jaar van een 3-jarige lening. Het rentepercentage is 10 procent.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

IPMT(rente; periode; NPer; PV; FV; type)

Parameters
Commentaar: Rente
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Periode
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Aantal perioden
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Huidige waarden
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Toekomstige waarde (optioneel)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Type (optioneel)
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

IPMT(0.1;3;3;8000) is gelijk aan -292.45

Gerelateerde functies
PPMT 
PV 
PMT 

IRR

De functie IRR berekent de interne opbrengstrente voor een reeks kasbetalingen.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

IRR( Waarden; Data[; Geschat = 0.1 ] )

Parameters
Commentaar: Waarden
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Schatting
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Gerelateerde functies
XIRR 

ISPMT

Berekent de betaalde rente over de opgegeven periode van een investering.

Rente is het periodieke rentepercentage.

Periode is de periode van afname. 1 staat voor eerste en NPer voor de laatste periode.

NPer is het totaal aantal perioden waarin een annuïteit wordt afbetaald.

PV is de huidige waarde in de rij van afbetalingen.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

ISPMT(rente; periode; NPer; PV)

Parameters
Commentaar: Rente
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Periode
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Aantal perioden
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Huidige waarden (PV)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

ISPMT(0.1; 1; 3; 8000000) is gelijk aan -533333

Gerelateerde functies
PV 
FV 
NPER 
PMT 
RATE 

LEVEL_COUPON

De functie LEVEL_COUPON() berekent de waarde van een level-coupon-obligatie. Voorbeeld: Stel, de rente is 10%. Een obligatie ter waarde van $1000 met halfjaarlijkse coupons met een rente van 13% die 4 jaar duurt heeft de volgende waarde: LEVEL_COUPON(1000;.13;2;4;.1) oftewel $1096.95.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

LEVEL_COUPON(zichtwaarde;couponrente;coupons per jaar;jaren;marktrente)

Parameters
Commentaar: Nominale waarde
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Couponrente
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Coupons per jaar
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Jaren
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Marktrentevoet
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

LEVEL_COUPON(1000;.13;2;4;.1) is gelijk aan 1096.95

MDURATION

De functie MDURATION() berekent de gemodificeerde Macauley-duur van een vaste-rente waardepapier in jaren.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

MDURATION( Betaaldatum; Vervaldatum; Coupon; Opbrengst; Frequentie; [ Basis=0 ])

Parameters
Commentaar: Betaaldatum
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Vervaldatum
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Coupon
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Opbrengst
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Frequentie
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Basis
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

MDURATION("01:02:2004"; "31:05:2004"; 0.08; 0.09; 2; 0) geeft 0.316321106 terug

Gerelateerde functies
DURATION 

MIRR

De functie MIRR() berekent de aangepaste interne opbrengstvoet (IRR) als een serie van periodieke investeringen.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

MIRR(waarden; investering; herinvestering)

Parameters
Commentaar: Waarden
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Investering
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Herinvestering
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

MIRR({100;200;-50;300;-200}. 5%. 6%) is gelijk aan 34.2823387842%

Gerelateerde functies
IRR 

NOMINAL

De functie NOMINAL() berekent het nominale rentepercentage bij een effectief rentepercentage (op jaarbasis) samengesteld na gegeven tijdsintervallen. Voorbeeld: om 8% te verdienen bij een maandelijks samengestelde rente is een rente nodig van NOMINAL(.08;12) oftewel 7.72%.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

NOMINAL(effectief;perioden)

Parameters
Commentaar: Effectieve rente
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Perioden
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

NOMINAL(0.08;12) geeft 0.0772 terug

Gerelateerde functies
EFFECT 

NPER

Geeft het aantal perioden van een investering terug.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

NPER(rente;betaling;pv;fv;type)

Parameters
Commentaar: Rente
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Betaalwijze
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Huidige waarde (PV)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Toekomstige waarde (FV - optioneel)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Type (optioneel)
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

NPER(0.1; -100; 1000) is gelijk aan 11

Voorbeelden

NPER(0.06; 0; -10000; 20000 ;0) is gelijk aan 11.906

Gerelateerde functies
FV 
RATE 
PMT 
PV 

NPV

De netto huidige waarde (NPV) voor een serie van periodieke kasbetalingen.

Berekent de netto huidige waarde (Net Present Value) voor een serie kasbetalingen met de kortingsrente Rente. De Waarden zijn positief als ze ontvangen worden als inkomen en negatief als het uitgaven zijn.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

NPV(Rente; Waarden)

Parameters
Commentaar: Rente
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Waarden (reeks)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

NPV(100%;4;5;7) = 4.125

Gerelateerde functies
FV 
IRR 
NPER 
PMT 
PV 

ODDLPRICE

De functie ODDLPRICE berekent de waarde van een waardepapier per 100 valuta-eenheden van de nominale waarde. Het waardepapier heeft een onregelmatige eindrentedatum.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

ODDLPRICE( Betaaldatum; Vervaldatum; Eind; Rente; JaarlijkseOpbrengst; Uitbetaling; Frequentie [; Basis = 0] )

Parameters
Commentaar: Betaaldatum
Type: Datum
Commentaar: Vervaldatum
Type: Datum
Commentaar: Laatste
Type: Datum
Commentaar: Rente
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: JaarlijkseOpbrengst
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Aflossing
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Frequentie
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Basis
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

ODDLPRICE(DATE(1990;6;1);DATE(1995;12;31);DATE(1990;1;1);3%;5%;100;2) geeft 90.991042345 terug

ODDLYIELD

De functie ODDYIELD berekent de opbrengst van een waardepapier met een onregelmatige eindrentedatum.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

ODDLYIELD( Betaaldatum; Vervaldatum; Laatste; Rente; Prijs; Aflossing; Frequentie [; Basis = 0 ] )

Parameters
Commentaar: Betaaldatum
Type: Datum
Commentaar: Vervaldatum
Type: Datum
Commentaar: Laatste
Type: Datum
Commentaar: Rente
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Prijs
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Aflossing
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Frequentie
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Basis
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

ODDLYIELD(DATE(1990;6;1);DATE(1995;12;31);DATE(1990;1;1);3%;91;100;2) geeft 4.997775351 terug

Gerelateerde functies
ODDLPRICE 

PMT

PMT() geeft het bedrag terug voor een lening, gebaseerd op een constante rente en een constante afbetaling (iedere keer hetzelfde bedrag afbetalen).

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

PMT(rente; nper ; pv [; fv = 0 [; type = 0]] )

Parameters
Commentaar: Rente
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Aantal perioden (NPer)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Huidige waarde (PV)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Toekomstige waarde (FV - optioneel)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Type (optioneel)
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

PMT(0.1; 4; 10000) geeft -3154.71 terug

Gerelateerde functies
NPER 
IPMT 
PPMT 
PV 

PPMT

PPMT berekent het bedrag dat per periode betaald moet worden aan een annuïteit van een kapitaal.

Rente is het periodieke rentepercentage.

Periode is de afnameperiode. 1 voor de eerste en NPER voor de laatste periode.

NPER is het totaal aantal perioden waarin een annuïteit wordt afbetaald.

PV is de huidige waarde in de rij van afbetalingen.

FV (optioneel) is de verlangde (toekomstige) waarde. Standaard: 0.

Type (optioneel) definieert de einddatum. 1 voor betaling aan het begin van een periode en 0 (standaard) voor betaling aan het eind van een periode.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

PPMT(Rente; Periode; NPer; PV [; FV = 9 [; Type = 0 ]] )

Parameters
Commentaar: Rente
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Periode
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Aantal perioden
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Huidige waarde
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Toekomstige waarde (optioneel)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Type (optioneel)
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

PPMT(0.0875;1;36;5000;8000;1) is gelijk aan -18.48

Gerelateerde functies
IPMT 
PMT 
PV 

PRICEMAT

PRICEMAT berekent de prijs per 100 valuta-eenheden van de zichtwaarde van waardepapieren die rente betalen op de vervaldatum.

Basis rekenmethode

0 US-methode, 12 maanden, elke maand heeft 30 dagen

1 Werkelijk aantal dagen in een jaar, werkelijk aantal dagen in de maanden

2 360 dagen in een jaar, werkelijk aantal dagen in de maanden

4 365 dagen in een jaar, werkelijk aantal dagen in de maanden

5 Europese methode, 12 maanden, elke maand heeft 30 dagen

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

PRICEMAT(betaaldatum; vervaldatum; uitgavedag; rente; opbrengstrente [; basis = 0 ] )

Parameters
Commentaar: Betaaldatum
Type: Datum
Commentaar: Vervaldatum
Type: Datum
Commentaar: Uitgave
Type: Datum
Commentaar: Kortingstarief
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Opbrengst
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Basis
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

PRICEMAT(DATE(1990;6;1);DATE(1995;12;31);DATE(1990;1;1);6%;5%) geeft 103.819218241 terug

PV

De functie PV() geeft de huidige waarde terug van een investering -- de waarde vandaag van een toekomstig geldbedrag. gegeven het rentepercentage of de inflatie. Voorbeeld: Er is $1166.40 nodig voor een nieuwe computer. en u wilt deze over 2 jaar kunnen kopen. terwijl u 8% rente over uw spaargeld krijgt. Uw kapitaal moet dan PV(1166;4;0.08;2) oftewel $1000.00 bedragen.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

PV(toekomstige waarde;rente;perioden)

Parameters
Commentaar: Toekomstige waarde
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Rente
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Perioden
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

PV(1166.4;0.08;2) is gelijk aan 1000

PV_ANNUITY

De functie PV_ANNUITY() geeft de huidige waarde terug van een annuïteit of een vaste gelduitkering gedurende een bepaalde tijd. Voorbeeld: een "million dollar"l loterijprijs keert $50.000.00 per jaar uit over een periode van 20 jaar, terwijl de rente 5% bedraagt. De uiteindelijke waarde van deze prijs is dan PV_ANNUITY(500000;0.05;20) oftewel $623111. Er wordt ervan uitgegaan dat de uitkering aan het einde van elke maand plaats vindt.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

PV_ANNUITY(geldbedrag;rente;perioden)

Parameters
Commentaar: Betaling per periode
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Rente
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Perioden
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

PV_ANNUITY(1000;0.05;5) is gelijk aan 4329.48

RATE

De functie RATE() berekent de constante periodieke rente van een investering.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

RATE(nper;betaling;beginwaarde;eindwaarde;type;gis)

Parameters
Commentaar: Periode betaling
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Regelmatige betalingen
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Huidige waarde
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Toekomstige waarde
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Type
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Schatting
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

RATE(4*12;-200;8000) geeft 0.007701472 terug

RECEIVED

De functie RECEIVED() geeft het bedrag dat wordt uitbetaald op de vervaldatum van een waardepapier. Basis is het type dagtelling dat zal worden gebruikt: 0 voor US 30/360 (standaard). 1 voor echte dagen, 2 voor echte dagen/360, 3 voor echte dagen/365 of vier voor Europese 30/365. De betaaldatum moet voor de vervaldatum liggen.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

RECEIVED(betaaldatum; vervaldatum; investering; korting; basis)

Parameters
Commentaar: Betaaldatum
Type: Datum
Commentaar: Vervaldatum
Type: Datum
Commentaar: Investering
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Kortingstarief
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Basis
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

RECEIVED("28:02:2001"; "31:08:2001"; 1000; 0.05; 0) geeft 1025.787 terug

RRI

De functie RRI berekent de rente aan de hand van wat een investering opbrengt.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

RRI( P; Pv; Fv)

Parameters
Commentaar: P
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Pv
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Fv
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

RRI(1;100;200) geeft 1 terug

Gerelateerde functies
FV 
NPER 
PMT 
PV 
RATE 

SLN

De functie SLN() berekent de lineaire afschrijving van een kredietpost voor een bepaalde afschrijvingperiode. "Kosten" is het bedrag dat voor de kredietpost betaald werd. "Restwaarde" is het resterende bedrag aan het einde van de afschrijvingperiode. "Levensduur" is het aantal perioden waarover de kredietpost wordt afgeschreven. SLN verdeelt de kosten evenredig over de levensduur van een kredietpost.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

SLN(kosten;restwaarde;levensduur)

Parameters
Commentaar: Kosten
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Restwaarde
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Levensduur
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

SLN(10000;700;10) geeft 930 terug

Gerelateerde functies
SYD 
DDB 

SYD

De functie SYD() berekent de "sum-of-years digits"-afschrijving voor een kredietpost gebaseerd op aanschafkosten, restwaarde, verwachte levensduur en afschrijfperiode. Deze methode versnelt de afschrijving, zodat er meer afschrijfkosten zijn in de beginperiode dan in de latere perioden. De afschrijfkosten zijn de aanschafkosten minus de restwaarde. De gebruiksduur is het aantal perioden (meestal jaren) waarover de kredietpost wordt afgeschreven.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

SYD(aanschafkosten;restwaarde;gebruiksduur;perioden)

Parameters
Commentaar: Kosten
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Restwaarde
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Levensduur
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Periode
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

SYD(5000; 200; 5; 2) geeft 1280 terug

Gerelateerde functies
SLN 
DDB 

TBILLEQ

De functie TBILLEQ() geeft de passende obligatie voor een "facturering". De vervaldatum moet na de betaaldatum liggen, maar niet meer dan 365 dagen.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

TBILLEQ(betaaldatum; vervaldatum; korting)

Parameters
Commentaar: Betaaldatum
Type: Datum
Commentaar: Vervaldatum
Type: Datum
Commentaar: Kortingstarief
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

TBILLEQ("28:02:2001"; "31:08:2001"; 0.1) geeft 0.1068 terug

Gerelateerde functies
TBILLPRICE 
TBILLYIELD 

TBILLPRICE

De functie TBILLPRICE geeft de prijs per $100-waarde voor een facturering. De vervaldatum moet na de betaaldatum liggen, maar niet meer dan 365 dagen. De korting moet positief te zijn.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

TBILLPRICE(betaaldatum; vervaldatum; korting)

Parameters
Commentaar: Betaaldatum
Type: Datum
Commentaar: Vervaldatum
Type: Datum
Commentaar: Kortingstarief
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

TBILLPRICE("28:02:2001"; "31:08:2001"; 0.05) geeft 97.4444 terug

Gerelateerde functies
TBILLEQ 
TBILLYIELD 

TBILLYIELD

De functie TBILLYFIELD() geeft opbrengst voor een facturering. De vervaldatum moet na de betaaldatum, doch binnen de 365 dagen liggen. De prijs moet positief zijn.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

TBILLYFIELD(betaaldatum; vervaldatum; prijs)

Parameters
Commentaar: Betaaldatum
Type: Datum
Commentaar: Vervaldatum
Type: Datum
Commentaar: Prijs per $100 nominale waarde
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

TBILLYIELD("28:02:2001"; "31:08:2001"; 600) geeft -1.63 terug

Gerelateerde functies
TBILLEQ 
TBILLPRICE 

VDB

VDB berekent de afschrijving van een bezitting met een initiële waarde, een verwachte bruikbare levensduur en aan het eind een restwaarde voor een gespecificeerde periode met gebruik van de variabele-rente afnemende balans-methode.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

VDB(kosten; restwaarde; levensduur; start-periode; eind-periode; [; afschrijvingsfactor = 2 [; switch = false ]] )

Parameters
Commentaar: Betaaldatum
Type: Datum
Commentaar: Vervaldatum
Type: Datum
Commentaar: Prijs
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Aflossing
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Basis
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

VDB(10000;600;10;0;0.875;1.5) geeft 1312.5 terug

XIRR

De functie XIRR berekent de interne opbrengstrente voor een niet-periodieke serie kasbetalingen.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

XIRR( Waarden; Data[; Geschat = 0.1 ] )

Parameters
Commentaar: Waarden
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Data
Type: Datum
Commentaar: Schatting
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

XIRR(B1:B4;C1:C4) Stel B1:B4 bevat -20000. 4000. 12000. 8000 en C1:C4 bevat "=DATE(2000;1;1)". "=DATE(2000;6;1)". "=DATE(2000;12;30)". "=DATE(2001;3;1)"; geeft 0.2115964 terug

Gerelateerde functies
IRR 

XNPV

De functie XNPV berekent de netto huidige waarde van een serie kasbetalingen.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

XNPV( Rente; Waarden; Datums )

Parameters
Commentaar: Rente
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Waarden
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Data
Type: Datum
Voorbeelden

XNPV(5%;B1:B4;C1:C4) Stel B1:B4 bevat -20000. 4000. 12000. 8000 enC1:C4 bevat "=DATE(2000;1;1)". "=DATE(2000;6;1)". "=DATE(2000;12;30)". "=DATE(2001;3;1)"; geeft 2907.83187 terug

Gerelateerde functies
NPV 

YIELDDISC

YIELDDISC berekent de opbrengstrente van een waardepapier met korting per 100 valuta-eenheden van de zichtwaarde.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

YIELDDISC(betaaldatum; vervaldatum; prijs; uitbetaling; basis)

Parameters
Commentaar: Betaaldatum
Type: Datum
Commentaar: Vervaldatum
Type: Datum
Commentaar: Prijs
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Aflossing
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Basis
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

YIELDDISC(DATE(1990;6;1);DATE(1990;12;31);941.66667;1000) geeft 0.106194684 terug

YIELDMAT

De functie YIELDMAT berekent de opbrengst van een waardepapier waarvan de rente op de vervaldatum betaalt wordt.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

YIELDMAT( Betaaldatum; Vervaldatum; Uitgavedatum; Rente; Prijs; Basis )

Parameters
Commentaar: Betaaldatum
Type: Datum
Commentaar: Vervaldatum
Type: Datum
Commentaar: Uitgave
Type: Datum
Commentaar: Kortingstarief
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Prijs
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Basis
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

YIELDMAT(DATE(1990;6;1);DATE(1995;12;31);DATE(1990; 1; 1); 6%;103.819218241) geeft 0.050000000 terug

Gerelateerde functies
YIELDDISC 

ZERO_COUPON

De functie ZERO_COUPON() berekent de waarde van een zero-coupon (purekorting) obligatie. Bijvoorbeeld: als het rentetarief 10% is, dan zal een obligatie van $1000 na een looptijd van 20 jaar een waarde vertegenwoordigen van ZERO_COUPON(1000;.1;20) oftewel $148.64.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

ZERO_COUPON(nominale waarde;rente;jaren)

Parameters
Commentaar: Nominale waarde
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Rente
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Jaren
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

ZERO_COUPON(1000;.1;20) geeft 148.64 terug

Informatie

ERRORTYPE

De functie ERRORTYPE() vertaalt een fout naar een getal. Indien de waarde geen fout is, wordt er een foutmelding teruggegeven, en anders een getal als code. Foutcodes zijn dezelfde als die in Excel.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

ERRORTYPE(waarde)

Parameters
Commentaar: Fout
Type: Elk type waarde
Voorbeelden

ERRORTYPE(NA()) geeft 7 terug

Voorbeelden

ERRORTYPE(0) geeft een foutmelding terug

FILENAME

Geeft de huidige bestandsnaam. Als het huidige document niet is opgeslagen wordt er een lege tekenreeks teruggegeven.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

FILENAME()

Parameters

FORMULA

De functie FORMULA() geeft de formule in een cel terug als een tekenreeks.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

FORMULA(x)

Parameters
Commentaar: Referentie
Type: Referentie
Voorbeelden

FORMULA(A1) geeft de tekenreeks "=SUM(1+2)" terug als deze formule de inhoud is van de cel A1.

INFO

De functie INFO(type) geeft informatie over de huidige werkomgeving terug. De parameter type geeft aan welk type informatie u wilt terug ontvangen. Dit is een van de volgende: "directory" geeft het pad van de huidige map, "numfile" geeft het aantal actieve documenten, "release" geeft de versie van Calligra Sheets als tekst, "recalc" geeft de huidige herberekeningsmethode: "automatisch" of "handmatig", "system" geeft de naam van de werkomgeving, en "osversion" geeft het huidige besturingssysteem terug.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

INFO(type)

Parameters
Commentaar: Type van informatie
Type: Tekst

ISBLANK

De functie ISBLANK() geeft Waar terug als de parameter leeg is. Anders geeft de functie Onwaar terug.

Terug gegeven type: Een Booleaanse waarde (True of False (Waar of Onwaar))
Syntaxis

ISBLANK(x)

Parameters
Commentaar: Elke waarde
Type: Elk type waarde
Voorbeelden

ISBLANK(A1) geeft Waar terug als A1 leeg is

Voorbeelden

ISBLANK(A1) geeft Onwaar terug als A1 een waarde bevat

ISDATE

De functie ISDATE() geeft Waar terug als de parameter een datumwaarde is, anders geeft deze Onwaar terug

Terug gegeven type: Een Booleaanse waarde (True of False (Waar of Onwaar))
Syntaxis

ISDATE(x)

Parameters
Commentaar: Elke waarde
Type: Elk type waarde
Voorbeelden

ISDATE("02:02:2000") geeft Waar terug

Voorbeelden

ISDATE("hallo") geeft Onwaar terug

ISERR

De functie ISERR() geeft Waar terug als de parameter een fout is anders dan N/A, en anders Onwaar. Gebruik ISERROR() als u ook de fout N/A wilt meenemen.

Terug gegeven type: Een Booleaanse waarde (True of False (Waar of Onwaar))
Syntaxis

ISERR(x)

Parameters
Commentaar: Elke waarde
Type: Elk type waarde
Gerelateerde functies
ISERROR 
ISNA 

ISERROR

De functie ISERROR() geeft Waar terug als de parameter een fout is (elk type fout), anders geeft deze Onwaar terug.

Terug gegeven type: Een Booleaanse waarde (True of False (Waar of Onwaar))
Syntaxis

ISERROR(x)

Parameters
Commentaar: Elke waarde
Type: Elk type waarde
Gerelateerde functies
ISERR 
ISNA 

ISEVEN

De functie ISEVEN() geeft Waar terug als het getal even is, anders geeft deze Onwaar terug.

Terug gegeven type: Een Booleaanse waarde (True of False (Waar of Onwaar))
Syntaxis

ISEVEN(x)

Parameters
Commentaar: Elke waarde
Type: Elk type waarde
Voorbeelden

ISEVEN(12) geeft Waar terug

Voorbeelden

ISEVEN(-7) geeft Onwaar terug

ISFORMULA

De functie ISBLANK() geeft Waar terug als de parameter leeg is. Anders geeft de functie Onwaar terug

Terug gegeven type: Een Booleaanse waarde (True of False (Waar of Onwaar))
Syntaxis

ISFORMULA(x)

Parameters
Commentaar: Referentie
Type: Referentie

ISLOGICAL

De functie ISLOGICAL() geeft Waar terug als de parameter een Booleaanse waarde is, anders geeft deze Onwaar terug.

Terug gegeven type: Een Booleaanse waarde (True of False (Waar of Onwaar))
Syntaxis

ISLOGICAL(x)

Parameters
Commentaar: Elke waarde
Type: Elk type waarde
Voorbeelden

ISLOGICAL(A1 >A2) geeft Waar terug

Voorbeelden

ISLOGICAL(12) geeft Onwaar terug

ISNA

De functie ISNA() geeft Waar als de parameter een fout is van het type N/A, anders geeft deze Onwaar terug.

Terug gegeven type: Een Booleaanse waarde (True of False (Waar of Onwaar))
Syntaxis

ISNA(x)

Parameters
Commentaar: Elke waarde
Type: Elk type waarde
Gerelateerde functies
ISERR 
ISERROR 

ISNONTEXT

De functie ISNONTEXT() geeft Waar terug als de parameter geen tekenreeks is, anders geeft deze Onwaar terug. Is gelijk aan ISNOTTEXT().

Terug gegeven type: Een Booleaanse waarde (True of False (Waar of Onwaar))
Syntaxis

ISNONTEXT(x)

Parameters
Commentaar: Elke waarde
Type: Elk type waarde
Voorbeelden

ISNONTEXT(12) geeft Waar terug

Voorbeelden

ISNONTEXT("hallo") geeft Onwaar terug

Gerelateerde functies
ISNOTTEXT 

ISNOTTEXT(x)

De functie ISNOTTEXT() geeft Waar terug als de parameter geen tekenreeks is, anders geeft deze Onwaar terug. Is gelijk aan ISNONTEXT().

Terug gegeven type: Een Booleaanse waarde (True of False (Waar of Onwaar))
Syntaxis

ISNOTTEXT(x)

Parameters
Commentaar: Elke waarde
Type: Elk type waarde
Voorbeelden

ISNOTTEXT(12) geeft Waar terug

Voorbeelden

ISNOTTEXT("hallo") geeft Onwaar terug

Gerelateerde functies
ISNONTEXT 

ISNUM

De functie ISNUM() geeft Waar terug als de parameter een numerieke waarde is, anders geeft die Onwaar terug. Is gelijk aan ISNUMBER().

Terug gegeven type: Een Booleaanse waarde (True of False (Waar of Onwaar))
Syntaxis

ISNUM(x)

Parameters
Commentaar: Elke waarde
Type: Elk type waarde
Voorbeelden

ISNUM(12) geeft Waar terug

Voorbeelden

ISNUM(hallo) geeft Onwaar terug

Gerelateerde functies
ISNUMBER 

ISNUMBER

De functie ISNUMBER() geeft Waar terug als de parameter een numerieke waarde is, anders geeft die Onwaar terug. Is gelijk aan ISNUM().

Terug gegeven type: Een Booleaanse waarde (True of False (Waar of Onwaar))
Syntaxis

ISNUMBER(x)

Parameters
Commentaar: Elke waarde
Type: Elk type waarde
Voorbeelden

ISNUMBER(12) geeft Waar terug

Voorbeelden

ISNUMBER(hallo) geeft Onwaar terug

Gerelateerde functies
ISNUM 

ISODD

De functie ISODD() geeft Waar terug als het getal oneven is, anders geeft deze Onwaar terug.

Terug gegeven type: Een Booleaanse waarde (True of False (Waar of Onwaar))
Syntaxis

ISODD(x)

Parameters
Commentaar: Elke waarde
Type: Elk type waarde
Voorbeelden

ISODD(12) geeft Onwaar terug

Voorbeelden

ISODD(-7) geeft Waar terug

ISREF

De functie ISREF() geeft Waar terug als de parameter verwijst naar een referentie (verwijzing), anders geeft deze Onwaar terug

Terug gegeven type: Een Booleaanse waarde (True of False (Waar of Onwaar))
Syntaxis

ISREF(x)

Parameters
Commentaar: Elke waarde
Type: Elk type waarde
Voorbeelden

ISREF(A12) geeft Waar terug

Voorbeelden

ISREF("hallo") geeft Onwaar terug

ISTEXT

De functie ISTEXT() geeft Waar terug als de parameter een tekenreeks is, anders geeft deze Onwaar terug

Terug gegeven type: Een Booleaanse waarde (True of False (Waar of Onwaar))
Syntaxis

ISTEXT(x)

Parameters
Commentaar: Elke waarde
Type: Elk type waarde
Voorbeelden

ISTEXT(12) geeft Onwaar terug

Voorbeelden

ISTEXT("hallo") geeft Waar terug

ISTIME

De functie ISTIME() geeft Waar terug als de parameter een tijdwaarde is, anders geeft die Onwaar terug.

Terug gegeven type: Een Booleaanse waarde (True of False (Waar of Onwaar))
Syntaxis

ISTIME(x)

Parameters
Commentaar: Elke waarde
Type: Elk type waarde
Voorbeelden

ISTIME("12:05") geeft Waar terug

Voorbeelden

ISTIME("hallo") geeft Onwaar terug

N

De functie N() converteert een waarde naar een getal. Als de waarde een getal is, of naar een getal verwijst, dan geeft deze functie het getal terug. Als de waarde Waar is, geeft de functie 1 terug. Als de waarde een datum is, dan geeft de functie het dagnummer van de datum terug. Bij alle overige geeft de functie een 0 terug.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

N(waarde)

Parameters
Commentaar: Waarde
Type: Elk type waarde
Voorbeelden

N(3.14) geeft 3.14 terug

Voorbeelden

N("7") geeft 0 terug (omdat "7" een tekst is)

NA

De functie NA() geeft de constante foutwaarde N/A terug.

Terug gegeven type: Fout
Syntaxis

NA()

Parameters

Gerelateerde functies
ISNA 
ISERR 
ISERROR 

TYPE

De functie TYPE() geeft 1 terug, als de waarde een getal is, 2 als de waarde tekst is, 4 als de waarde een Booleaanse (logische) waarde is, 16 als er een fout- (error) waarde staat of 64 als de waarde een reeks is. Als de cel die de waarde representeert een formule bevat, dan wordt het type dat door de formule wordt teruggegeven genoemd.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

TYPE(x)

Parameters
Commentaar: Elke waarde
Type: Elk type waarde
Voorbeelden

TYPE(A1) geeft 2 terug als A1 "tekst" bevat

Voorbeelden

TYPE(-7) geeft 1 terug

Voorbeelden

TYPE(A2) geeft 1 terug. als "=CURRENTDATE()" de inhoud is van A2

Logisch

AND

De functie AND() geeft de waarde Waar terug als alle waarden Waar zijn, en anders wordt de waarde Onwaar teruggegeven (als een of meer van de waarden een fout is wordt een foutmelding teruggegeven).

Terug gegeven type: Een Booleaanse waarde (True of False (Waar of Onwaar))
Syntaxis

AND(waarde;waarde;...)

Parameters
Commentaar: Booleaanse waarden
Type: Een bereik (range) van Booleaanse waarden (True of False (Waar of Onwaar))
Commentaar: Booleaanse waarden
Type: Een bereik (range) van Booleaanse waarden (True of False (Waar of Onwaar))
Commentaar: Booleaanse waarden
Type: Een bereik (range) van Booleaanse waarden (True of False (Waar of Onwaar))
Commentaar: Booleaanse waarden
Type: Een bereik (range) van Booleaanse waarden (True of False (Waar of Onwaar))
Commentaar: Booleaanse waarden
Type: Een bereik (range) van Booleaanse waarden (True of False (Waar of Onwaar))
Voorbeelden

AND(Waar;Waar;Waar) geeft Waar terug

Voorbeelden

AND(Waar;Onwaar) geeft Onwaar terug

FALSE

De functie FALSE() geeft de Booleaanse waarde Onwaar terug.

Terug gegeven type: Een Booleaanse waarde (True of False (Waar of Onwaar))
Syntaxis

FALSE()

Parameters

Voorbeelden

FALSE() geeft Onwaar terug

IF

De functie IF() is een voorwaardelijke functie. De functie geeft de tweede parameter terug als de voorwaarde Waar is, en anders de derde parameter (waarvan de standaard waarde Onwaar is).

Terug gegeven type: Elk type waarde
Syntaxis

IF(voorwaarde;indien_Waar;indien_Onwaar)

Parameters
Commentaar: Voorwaarde
Type: Een Booleaanse waarde (True of False (Waar of Onwaar))
Commentaar: Indien Waar
Type: Elk type waarde
Commentaar: Indien Onwaar
Type: Elk type waarde
Voorbeelden

A1=4;A2=6;IF(A1 >A2;5;3) geeft 3 terug

IFERROR

Geef niet foutieve X terug, en anders een alternatieve waarde.

Terug gegeven type: Elk type waarde
Syntaxis

IFERROR(ElkeX;ElkAlternatief)

Parameters
Commentaar: Elke x
Type: Elk type waarde
Commentaar: Elk alternatief
Type: Elk type waarde
Voorbeelden

IFERROR(A1;A2) geeft de inhoud terug van A1 indien die niet foutief is en anders de inhoud van A2.

IFNA

Geef X terug indien het geen NA is, en anders een alternatieve waarde.

Terug gegeven type: Elk type waarde
Syntaxis

IFNA(ElkeX;ElkAlternatief)

Parameters
Commentaar: Elke x
Type: Elk type waarde
Commentaar: Elk alternatief
Type: Elk type waarde
Voorbeelden

IFNA(A1;A2) geeft de inhoud terug van A1 indien die niet een #N/A is en anders de inhoud van A2. Een #N/A is een "No Answer" (Geen (toepasselijk) antwoord).

NAND

De functie NAND() geeft Onwaar terug als alle waarden Waar zijn, en anders wordt Onwaar teruggegeven.(NAND() is NOT (AND())).

Terug gegeven type: Een Booleaanse waarde (True of False (Waar of Onwaar))
Syntaxis

NAND(Waarde;Waarde;...)

Parameters
Commentaar: Booleaanse waarden
Type: Een bereik (range) van Booleaanse waarden (True of False (Waar of Onwaar))
Commentaar: Booleaanse waarden
Type: Een bereik (range) van Booleaanse waarden (True of False (Waar of Onwaar))
Commentaar: Booleaanse waarden
Type: Een bereik (range) van Booleaanse waarden (True of False (Waar of Onwaar))
Commentaar: Booleaanse waarden
Type: Een bereik (range) van Booleaanse waarden (True of False (Waar of Onwaar))
Commentaar: Booleaanse waarden
Type: Een bereik (range) van Booleaanse waarden (True of False (Waar of Onwaar))
Voorbeelden

NAND(Waar;Onwaar;Onwaar) geeft Waar terug

Voorbeelden

NAND(Waar;Waar) geeft Onwaar terug

NOR

De functie NOR() geeft Onwaar terug als op zijn minst één waarde Waar is en anders wordt Waar teruggegeven. (NOR is NOT (OR())).

Terug gegeven type: Een Booleaanse waarde (True of False (Waar of Onwaar))
Syntaxis

NOR(Waarde;Waarde;...)

Parameters
Commentaar: Booleaanse waarden
Type: Een bereik (range) van Booleaanse waarden (True of False (Waar of Onwaar))
Commentaar: Booleaanse waarden
Type: Een bereik (range) van Booleaanse waarden (True of False (Waar of Onwaar))
Commentaar: Booleaanse waarden
Type: Een bereik (range) van Booleaanse waarden (True of False (Waar of Onwaar))
Commentaar: Booleaanse waarden
Type: Een bereik (range) van Booleaanse waarden (True of False (Waar of Onwaar))
Commentaar: Booleaanse waarden
Type: Een bereik (range) van Booleaanse waarden (True of False (Waar of Onwaar))
Voorbeelden

NOR(Waar;Onwaar;Onwaar) geeft Onwaar terug

Voorbeelden

NOR(Onwaar;Onwaar) geeft Waar terug

NOT

De functie NOT() geeft Waar terug als de waarde Onwaar is en Onwaar als de waarde Waar is. Het geeft een foutmelding terug als de waarde een fout is.

Terug gegeven type: Een Booleaanse waarde (True of False (Waar of Onwaar))
Syntaxis

NOT(bool)

Parameters
Commentaar: Booleaanse waarde
Type: Een Booleaanse waarde (True of False (Waar of Onwaar))
Voorbeelden

NOT(Onwaar) geeft Waar terug

Voorbeelden

NOT(Waar) geeft Onwaar terug

OR

De functie OR() geeft Waar terug als minstens een der waarden Waar is, en anders wordt Onwaar teruggegeven (als een of meer van de waarden een fout is wordt een foutmelding teruggegeven).

Terug gegeven type: Een Booleaanse waarde (True of False (Waar of Onwaar))
Syntaxis

OR(Waarde;Waarde;...)

Parameters
Commentaar: Booleaanse waarden
Type: Een bereik (range) van Booleaanse waarden (True of False (Waar of Onwaar))
Commentaar: Booleaanse waarden
Type: Een bereik (range) van Booleaanse waarden (True of False (Waar of Onwaar))
Commentaar: Booleaanse waarden
Type: Een bereik (range) van Booleaanse waarden (True of False (Waar of Onwaar))
Commentaar: Booleaanse waarden
Type: Een bereik (range) van Booleaanse waarden (True of False (Waar of Onwaar))
Commentaar: Booleaanse waarden
Type: Een bereik (range) van Booleaanse waarden (True of False (Waar of Onwaar))
Voorbeelden

OR(Onwaar;Onwaar;Onwaar) geeft Onwaar terug

Voorbeelden

OR(Waar;Onwaar) geeft Waar terug

TRUE

De functie TRUE() geeft de Booleaanse waarde Waar terug.

Terug gegeven type: Een Booleaanse waarde (True of False (Waar of Onwaar))
Syntaxis

TRUE()

Parameters

Voorbeelden

TRUE() geeft Waar terug

XOR

Per definitie geeft XOR(Waar;Waar) en XOR(Onwaar;Onwaar) Onwaar terug, en XOR(Waar;Onwaar) en XOR(Onwaar;Waar) geeft Waar terug. Dus de tweede parameter Waar is een soort schakelaar, voor de eerste parameter. Daardoor, wanneer er meer dan twee parameters zijn, geeft XOR() Waar terug bij een oneven aantal parameters Waar, en Onwaar indien dit aantal even is. Indien een parameter een fout is wordt een fout teruggegeven.(Noot vertaler: de functie werkt niet goed, bijvoorbeeld XOR(Onwaar;Waar;Waar;Waar) geeft als antwoord Onwaar, en dit moet Waar zijn; is op 2011-04-22 verbeterd, maar niet getest)

Terug gegeven type: Een Booleaanse waarde (True of False (Waar of Onwaar))
Syntaxis

XOR(Waarde;Waarde;...)

Parameters
Commentaar: Booleaanse waarden
Type: Een bereik (range) van Booleaanse waarden (True of False (Waar of Onwaar))
Commentaar: Booleaanse waarden
Type: Een bereik (range) van Booleaanse waarden (True of False (Waar of Onwaar))
Commentaar: Booleaanse waarden
Type: Een bereik (range) van Booleaanse waarden (True of False (Waar of Onwaar))
Commentaar: Booleaanse waarden
Type: Een bereik (range) van Booleaanse waarden (True of False (Waar of Onwaar))
Commentaar: Booleaanse waarden
Type: Een bereik (range) van Booleaanse waarden (True of False (Waar of Onwaar))
Voorbeelden

XOR(Onwaar;Onwaar;Onwaar) geeft Onwaar terug (Vert.: volgens de Engelse tekst Waar, maar dat is onjuist)

Voorbeelden

XOR(Waar;Onwaar) geeft Waar terug

Naslag & referentie

ADDRESS

De functie ADDRESS() maakt een celadres aan. Parameter rij is het rijnummer en kol is het kolomnummer.

Absoluut getal specificeert het type referentie: 1, of weggelaten = Absoluut, 2 = Absolute rij; relatieve kolom, 3 = Relatieve rij; absolute kolom en 4 = Relatief.

A1-stijl specificeert de stijl van het adres dat wordt teruggegeven. Als A1 Waar is (standaard), dan wordt het adres gegeven in de A1-stijl. Als A1 Onwaar is, dan wordt het adres gegeven in de R1K1-stijl.

Werkbladnaam is de tekst voor de naam van het werkblad.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

ADDRESS(rij; kol; absoluut; stijl; Werkbladnaam)

Parameters
Commentaar: Rijnummer
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Kolomnummer
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Absoluut getal (optioneel)
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: A1-stijl (optioneel)
Type: Een Booleaanse waarde (True of False (Waar of Onwaar))
Commentaar: Naam werkblad
Type: Tekst
Voorbeelden

ADDRESS(6; 4) geeft $D$6 terug

Voorbeelden

ADDRESS(6; 4; 2) geeft D$6 terug

Voorbeelden

ADDRESS(6; 4; 2; Onwaar; "Werkblad1") geeft Werkblad1!R6K[4] terug

Voorbeelden

ADDRESS(6; 4; 1; Onwaar; "Werkblad1") geeft Werkblad!R6K4 terug

Voorbeelden

ADDRESS(6; 4; 4; Waar; "Werkblad1") geeft Werkblad1!D6 terug

AREAS

Geeft het aantal bereiken in de referentietekenreeks. Een bereik kan een losse cel zijn of een verzameling cellen.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

AREAS(referentie)

Parameters
Commentaar: Referentie
Type: Een bereik (range) van tekenreeksen
Voorbeelden

AREAS(A1) geeft 1 terug

Voorbeelden

AREAS((A1; A2:A4)) geeft 2 terug

CELL

Geeft informatie terug over positie, opmaak of inhoud in een referentie.

Terug gegeven type: Elk type waarde
Syntaxis

CELL(type; referentie)

Parameters
Commentaar: Type
Type: Tekst
Commentaar: Referentie
Type: Referentie
Voorbeelden

CELL("COL", C7) geeft 3 terug

Voorbeelden

CELL("ROW", C7) geeft 7 terug

Voorbeelden

CELL("ADDRESS", C7) geeft $C$7 terug

CHOOSE

Geeft de parameter terug die door de index wordt aangewezen.

Terug gegeven type: Elk type waarde
Syntaxis

CHOOSE(index; parameter1; parameter2;...)

Parameters
Commentaar: Index
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Argumenten
Type:
Voorbeelden

CHOOSE(1; "1st"; "2nd") geeft "1st" terug

Voorbeelden

CHOOSE(2; 3; 2; 4) geeft 2 terug

COLUMN

De functie COLUMN() geeft de kolom terug van een opgegeven celreferentie. Als er geen parameter wordt opgegeven, dan wordt de kolom van de huidige cel teruggegeven.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

COLUMN(referentie)

Parameters
Commentaar: Referentie
Type: Tekst
Voorbeelden

COLUMN(A1) geeft 1 terug

Voorbeelden

COLUMN(D2) geeft 4 terug

Gerelateerde functies
COLUMNS 
ROW 

COLUMNS

De functie COLUMNS() geeft het aantal kolommen in een referentie terug.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

COLUMNS(referentie)

Parameters
Commentaar: Referentie
Type: Tekst
Voorbeelden

COLUMNS(A1:C3) geeft 3 terug

Voorbeelden

COLUMNS(D2) geeft 1 terug

Gerelateerde functies
COLUMN 
ROWS 

HLOOKUP

Zoeken naar een overeenkomstige waarde in de eerste rij van de gegeven tabel, en teruggeven van de waarde van de aangegeven rij.

Zoekt de 'opzoekwaarde' op in de eerste rij van de 'gegevensbron'. Als een waarde hiermee overeenkomt, wordt de waarde in de 'rij' en de kolom waarin de gevonden waarde zich bevindt, teruggegeven. Als 'gesorteerd' Waar is (standaard), wordt aangenomen dat de eerste rij gesorteerd is. Het zoeken wordt beëindigd als de 'opzoekwaarde' kleiner is dan de waarde waar die nu mee wordt vergeleken.

Terug gegeven type: Tekenreeks/numeriek
Syntaxis

HLOOKUP(opzoekwaarde; gegevensbron; rij; gesorteerd)

Parameters
Commentaar: Opzoekwaarde
Type: Tekenreeks/numeriek
Commentaar: Gegevensbron
Type: Reeks
Commentaar: Rij
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Gesorteerd (optioneel)
Type: Een Booleaanse waarde (True of False (Waar of Onwaar))

INDEX

Als een bereik wordt gegeven wordt de waarde teruggegeven die is opgeslagen in een gegeven rij/kolom. Als een cel wordt gegeven die een rij waarden bevat wordt een element uit de rij teruggegeven.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

INDEX(cel. rij. kolom)

Parameters
Commentaar: Referentie
Type: Tekst
Commentaar: Rij
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Kolom
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

INDEX(A1:C3;2;2) geeft inhoud terug van B2

Voorbeelden

INDEX(A1;2;2), als A1 het resultaat is van een reeks-berekening, wordt het element (2,2) ervan teruggegeven.

INDIRECT

Geeft de inhoud van een cel terug, die wordt aangewezen door de referentietekst. De tweede parameter is optioneel.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

INDIRECT(referentekst, a1-stijl)

Parameters
Commentaar: Referentie
Type: Tekst
Commentaar: A1-stijl (optioneel)
Type: Een Booleaanse waarde (True of False (Waar of Onwaar))
Voorbeelden

INDIRECT(A1). Stel dat A1 bevat "B1", en B1 bevat 1 = > geeft 1 terug

Voorbeelden

INDIRECT("A1"), geeft inhoud terug van A1 terug

LOOKUP

De functie LOOKUP() zoekt de eerste parameter op in de opzoekvector, en geeft een waarde terug in de resultaatvector met dezelfde index als van de overeenkomende waarde in de opzoekvector. Als de waarde van de parameter niet voorkomt in de opzoekvector wordt de volgende parameter opgezocht. Als voor geen enkele parameter een overeenkomende waarde wordt gevonden in de opzoekvector wordt een fout teruggegeven. De opzoekvector moet in stijgende volgorde zijn gesorteerd en de opzoek- en resultaatvectoren moeten dezelfde grootte hebben. Numerieke waarden, tekenrijen en Booleaanse (logische) waarden worden herkend. Bij vergelijkingen tussen tekenreeksen wordt verschil gemaakt tussen hoofd- en kleine letters.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

LOOKUP(waarde; opzoekvector; resultaatvector)

Parameters
Commentaar: Opzoekwaarde
Type: Tekenreeks/numeriek
Commentaar: Opzoekvector
Type: Tekenreeks/numeriek
Commentaar: Resultaatvector
Type: Tekenreeks/numeriek
Voorbeelden

LOOKUP(1.232; A1:A6; B1:B6) met A1 = 1, A2 = 2 geeft de waarde terug van B1.

MATCH

Zoekt naar een zoekwaarde in een zoekgebied, en geeft de positie ervan terug (geteld vanaf 1). Zoektype kan -1, 0 of 1 zijn, en bepaalt hoe naar de waarde wordt gezocht. Indien het zoektype 0 is, dan wordt de index teruggegeven van de eerste waarde die gelijk is aan de zoekwaarde. Inien het zoektype 1 is (of wordt weggelaten), wordt de index teruggegeven van de eerste waarde die kleiner is of gelijk aan de zoekwaarde, en de waarden in het zoekgebied moeten in oplopende volgorde zijn gesorteerd. Indien het zoektype -1 is, wordt de kleinste waarde gevonden groter dan of gelijk aan de zoekwaarde, het zoekgebied moet dan aflopend zijn gesorteerd.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

MATCH(zoekwaarde; zoekgebied; zoektype)

Parameters
Commentaar: Zoekwaarde
Type: Tekenreeks/numeriek
Commentaar: Zoekgebied
Type: Referentie/reeks
Commentaar: Zoektype (optioneel)
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)

MULTIPLE.OPERATIONS

MULTIPLE.OPERATIONS voert de formule uit waarnaar wordt verwezen (pointed to) door Formulecel, en alle formules waarvan het afhankelijk is. Tegelijkertijd worden alle verwijzingen naar Rijcel vervangen door verwijzingen naar Rijvervanging, en alle verwijzingen naar Kolomcel door verwijzingen naar Kolomvervanging. De functie is nuttig voor het aanmaken van tabellen van uitdrukkingen met twee invoerparameters.

Terug gegeven type: Tekenreeks/numeriek
Syntaxis

MULTIPLE.OPERATIONS(Formulecel; Rijcel; Rijvervanging; Kolomcel; Kolomvervanging)

Parameters
Commentaar: Cel met formule
Type: Referentie
Commentaar: Rijcel
Type: Referentie
Commentaar: Vervanging van rij
Type: Referentie
Commentaar: Kolomcel(optioneel)
Type: Referentie
Commentaar: Vervanging van kolom (optioneel)
Type: Referentie

OFFSET

Wijzigt positie en dimensie van een referentie.

Terug gegeven type: Referentie
Syntaxis

OFFSET(Reference referentie; Integer rijOffset; Integer kolomOffset; Integer nieuweHoogte; Integer nieuweBreedte)

Parameters
Commentaar: Referentie of bereik
Type: Referentie
Commentaar: Vanaf welk aantal rijen
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Vanaf welk aantal kolommen
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Hoogte offsetbereik (vanafbereik,optioneel)
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Breedte offsetbereik (vanafbereik,optioneel)
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)

ROW

De functie ROW() geeft de rij van een opgegeven celreferentie. Als er geen parameter wordt opgegeven wordt de rij van de huidige cel teruggegeven.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

ROW(referentie)

Parameters
Commentaar: Referentie
Type: Tekst
Voorbeelden

ROW(A1) geeft 1 terug

Voorbeelden

ROW(D2) geeft 2 terug

Gerelateerde functies
ROWS 
COLUMN 

ROWS

De functie ROWS() geeft het aantal rijen in een referentie terug.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

ROWS(referentie)

Parameters
Commentaar: Referentie
Type: Tekst
Voorbeelden

ROWS(A1:C3) geeft 3 terug

Voorbeelden

ROWS(D2) geeft 1 terug

Gerelateerde functies
ROW 
COLUMNS 

SHEET

Geeft het nummer terug van het werkblad van de referentie, of de tekenreeks van de naam van een werkblad.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

SHEET(referentie)

Parameters
Commentaar: Referentie
Type: Referentie
Voorbeelden

SHEET(Sheet1!C7) geeft 1 terug

Voorbeelden

SHEET(Sheet2!C7) geeft 2 terug

SHEETS

Geeft het aantal werkbladen terug in een referentie of huidig document.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

SHEETS(referentie)

Parameters
Commentaar: Referentie
Type: Referentie

VLOOKUP

Zoeken naar een overeenkomstige waarde in de eerste kolom van een gegeven tabel, en terug geven van de waarde van die kolom.

Zoekt de 'opzoekwaarde' op in de eerste kolom van de 'gegevensbron'. Als een waarde hiermee overeenkomt wordt de waarde in de 'kolom' en de rij waarin de gevonden waarde zich bevindt, teruggegeven. Als 'gesorteerd' Waar is (standaard), wordt aangenomen dat de eerste kolom gesorteerd is. Het zoeken wordt beëindigd als de 'opzoekwaarde' kleiner is dan de waarde waar die nu mee wordt vergeleken.

Terug gegeven type: Tekenreeks/numeriek
Syntaxis

VLOOKUP(opzoekwaarde; gegevensbron;kolom; gesorteerd)

Parameters
Commentaar: Opzoekwaarde
Type: Tekenreeks/numeriek
Commentaar: Gegevensbron
Type: Reeks
Commentaar: Kolom
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Gesorteerd (optioneel)
Type: Een Booleaanse waarde (True of False (Waar of Onwaar))

Wiskunde

ABS

De functie ABS(x) geeft de absolute waarde terug van de decimale breuk x.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

ABS(x)

Parameters
Commentaar: Een decimale breuk (float)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

ABS(12.5) geeft 12.5 terug

Voorbeelden

ABS(-12.5) geeft 12.5 terug

CEIL

De functie CEIL(x) rondt x naar boven af naar het dichtstbijzijnde gehele getal, en geeft de waarde terug als een double (dus met dubbele precisie).

Terug gegeven type: Een geheel getal (zoals 0, -5, 14)
Syntaxis

CEIL(x)

Parameters
Commentaar: Een decimale breuk (float)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

CEIL(12.5) wordt 13

Voorbeelden

CEIL(-12.5) wordt -12

Gerelateerde functies
CEILING 
FLOOR 
ROUND 
ROUNDUP 

CEILING

De functie CEILING(x, significantie, modus) rondt x naar boven af (dus weg van nul) naar het eerstvolgende veelvoud van significantie. De standaardwaarde van significantie is 1 (of -1 als x negatief is), wat dan dus naar boven afronden betekent naar het eerste gehele getal. Als de parameter modus ongelijk is aan nul, rondt deze functie dus af in de richting weg van nul, in plaats van naar boven in de richting van positief oneindig.

Terug gegeven type: Een geheel getal (zoals 0, -5, 14)
Syntaxis

CEILING(x)

Parameters
Commentaar: Een decimale breuk (float)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Significantie (optioneel)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Modus (optioneel)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

CEILING(12.5) wordt 13 terug

Voorbeelden

CEILING(6.43; 4) geeft 8 terug (8 is het eerste veelvoud van 4 groter dan 6.43)

Voorbeelden

CEILING(-6.43; -4; 1) geeft -8 terug (afronden van 0 af)

Voorbeelden

CEILING(-6.43; -4; 0) geeft -4 terug

Gerelateerde functies
CEIL 
FLOOR 
ROUND 
ROUNDUP 

COUNT

De functie COUNT() telt het aantal getallen in de opgegeven argumenten. U kunt tellen in een bereik: COUNT(A1:B5) of in een lijst met waarden, zoals COUNT(12;5;12.5).

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

COUNT(waarde;waarde;...)

Parameters
Commentaar: Waarden
Type: FLOAT
Voorbeelden

COUNT(-5;"KSpread";3) geeft 2 terug

Voorbeelden

COUNT(5) geeft 1 terug

Gerelateerde functies
COUNTA 
COUNTIF 
SUM 

COUNTA

De functie COUNTA() telt het aantal niet-lege argumenten. U kunt tellen in een bereik: COUNTA(A1:B5), of in een lijst met waarden, zoals COUNTA(12;5;12.5).

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

COUNTA(waarde;waarde;waarde...)

Parameters
Commentaar: Waarden
Type: FLOAT
Voorbeelden

COUNTA(-5;"KSpread";2) geeft 3 terug

Voorbeelden

COUNTA(5) geeft 1 terug

Gerelateerde functies
COUNT 
COUNTIF 

COUNTBLANK

De functie COUNTBLANK() geeft het aantal lege cellen in het bereik terug.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

COUNTBLANK(bereik)

Parameters
Commentaar: Cellenbereik
Type: Bereik
Voorbeelden

COUNTBLANK(A1:B5)

Gerelateerde functies
COUNT 
COUNTA 
COUNTIF 

COUNTIF

De functie COUNTIF() geeft het aantal cellen binnen een opgegeven bereik terug, die aan de opgegeven criteria (voorwaarden) voldoen.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

COUNTIF(bereik;criteria)

Parameters
Commentaar: Bereik
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Criteria
Type: Tekst
Voorbeelden

COUNTIF(A2:A3;"14") geeft 1 terug, als A2 is -4 en A3 is 14

Gerelateerde functies
COUNT 
SUMIF 

CUR

De functie CUR(x) geeft de derdemachtswortel terug van niet negatieve x.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

CUR(x)

Parameters
Commentaar: Een decimale breuk (float)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

CUR(27) geeft 3 terug CUR(-27) geeft 0 terug (is dus fout).

Gerelateerde functies
SQRT 

DIV

De functie DIV() deelt de eerste waarde achtereenvolgens door de andere waarden.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

DIV(waarde;waarde...)

Parameters
Commentaar: Waarden
Type: FLOAT
Voorbeelden

DIV(20;2;2) geeft 5 terug

Voorbeelden

DIV(25;2.5) geeft 10 terug

Gerelateerde functies
MULTIPLY 
MOD 

EPS

De functie EPS() geeft de "machine-epsilon". Dit is het verschil tussen 1 en de eerstvolgende decimale breuk groter dan 1 dat kan worden opgeslagen in het geheugen. Omdat computers slechts een beperkte verzameling getallen kunnen opslaan in een eindig aantal (8, 16, 32, etc. ) bits. zullen er altijd afrondfouten op kunnen treden in alle berekeningen met decimale breuken. Deze zijn over het algemeen onbeduidend klein. (maar kunnen niettemin leiden tot zeer grote fouten, zoals bij een deling door het verschil van twee bijna gelijke getallen, waarvan er een of beide afgerond zijn. Denk bijvoorbeeld aan differentiëren dat juist om deze reden moeilijk is om nauwkeurig te doen. Een verder minstens zo groot probleem is wanneer twee decimale breuken (floats) met elkaar worden vergeleken die mogelijk gelijk zijn, maar afrondfouten kunnen hebben: hierdoor lijken zij ongelijk te zijn, waardoor bijvoorbeeld een IF()-functie verkeerd wordt uitgevoerd. Conclusie: twee mogelijk (bijna) gelijke decimale breuken met elkaar vergelijken moet worden vermeden).

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

EPS()

Parameters

Voorbeelden

Op meeste systemen geeft deze functie 2^-52=2.2204460492503131e-16 terug

Voorbeelden

0.5*EPS() geeft de "afrondingseenheid"; deze waarde is interessant, want het is de grootste waarde x waarvoor (1+x)-1=0 is (vanwege afrondfouten).

Voorbeelden

EPS() is zo klein dat Calligra Sheets 1+eps() terug geeft als 1

Voorbeelden

Neem een getal x tussen 0 en EPS(). Merk op dat (1+x) of naar 0 of naar EPS() wordt afgerond, in (1+x)-1

EVEN

De functie EVEN() geeft het eerste even getal terug dat groter of gelijk is aan de parameter.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

EVEN(waarde)

Parameters
Commentaar: Decimale breuk (met drijvende komma)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

EVEN(1.2) geeft 2 terug

Voorbeelden

EVEN(2) geeft 2 terug

Gerelateerde functies
ODD 

EXP

De functie EXP(x) geeft de waarde van e tot de macht x terug (e = 2.71828.... is het grondtal voor natuurlijke logaritmen. EXP() is dus de inverse functie van LN()).

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

EXP(x)

Parameters
Commentaar: Een decimale breuk (float)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

EXP(9) geeft 8103.08392758 terug

Voorbeelden

EXP(-9) geeft 0.00012341 terug

Gerelateerde functies
LN 

FACT

De functie FACT() berekent de faculteit van (het gehele deel) van de parameter. De wiskundige uitdrukking is (waarde)!, uitgesproken als bijvoorbeeld 3 faculteit (3!= 1*2*3 = 6).

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

FACT(getal)

Parameters
Commentaar: Een decimale breuk (float)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

FACT(10) geeft 3628800 terug

Voorbeelden

FACT(0) geeft 1 terug (dit is per definitie)

FACTDOUBLE

De functie FACTDOUBLE() berekent de dubbele faculteit van een getal. De wiskundige uitdrukking hiervoor is x!!. Zie de voorbeelden.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

FACTDOUBLE(getal)

Parameters
Commentaar: Een decimale breuk (float)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

FACTDOUBLE(6) geeft 48 terug ( is 2*4*6)

Voorbeelden

FACTDOUBLE(7) geeft 105 terug (is 1*3*5*7)

FIB

De functie FIB() berekent de n-de term van een Fibonacci-reeks (1, 1, 2, 3, 5, 8, 13, 21 ...). Hierin is na de eerste twee termen elke term de som van beide termen die er direct aan vooraf gaan. FIB(0) is per definitie 0.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

FIB(n)

Parameters
Commentaar: N-de term
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

FIB(9) geeft 34 terug

Voorbeelden

FIB(26) geeft 121393 terug

FLOOR

Rondt een getal x naar beneden af naar het eerstvolgende veelvoud van de tweede parameter, significantie.

De functie FLOOR(x, significantie) rondt x naar beneden (naar nul toe) af naar het eerstvolgende veelvoud van significantie. De standaardwaarde van significantie is 1, als x positief is, en -1 als x negatief is, wat dan afronden naar boven betekent naar het eerstvolgende gehele getal.Indien modus wordt gegeven, ongelijk aan nul, wordt x in de richting van 0 afgerond tot een veelvoud van significantie, en daarna van teken voorzien. Anders wordt afgerond in de richting van negatief oneindig.Indien een van de parameters x of significantie nul is, is het antwoord nul.

Terug gegeven type: Een geheel getal (zoals 0, -5, 14)
Syntaxis

FLOOR(x)

Parameters
Commentaar: Een decimale breuk (float)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Significantie (optioneel)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Modus (optioneel)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

FLOOR(12.5) geeft 12 terug

Voorbeelden

FLOOR(-12.5) geeft -13 terug

Voorbeelden

FLOOR(5; 2) is gelijk aan 4

Voorbeelden

FLOOR(5; 2.2) is gelijk aan 4.4

Gerelateerde functies
CEIL 
CEILING 
ROUND 
ROUNDDOWN 

GAMMA

De functie GAMMA() geeft de waarde van de gammafunctie terug.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

GAMMA(waarde)

Parameters
Commentaar: Decimale breuk (met drijvende komma)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

GAMMA(1) geeft 1 terug

Gerelateerde functies
FACT 

GCD

De functie GCD() (Greatest Common Divider; is GGD: Grootste Gemene Deler) geeft het grootste deeltal (deler) terug van twee of meer gehele waarden.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

GCD(waarde; waarde)

Parameters
Commentaar: Eerste getal
Type: Een bereik (range) van gehele getallen (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Tweede getal
Type: Een bereik (range) van gehele getallen (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Derde getal
Type: Een bereik (range) van gehele getallen (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

GCD(6;4) geeft 2 terug

Voorbeelden

GCD(10;20) geeft 10 terug

Voorbeelden

GCD(20;15;10) geeft 5 terug

Gerelateerde functies
LCM 

G_PRODUCT

De functie G_PRODUCT() is gelijk aan KPRODUCT(), en is aanwezig vanwege de compatibiliteit met Gnumeric.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

G_PRODUCT(waarde;waarde;...)

Parameters
Commentaar: Waarden
Type: FLOAT
Gerelateerde functies
KPRODUCT 

INT

De functie INT() geeft het gehele gedeelte van de waarde terug.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

INT(x)

Parameters
Commentaar: Een decimale breuk (float)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

INT(12.55) geeft 12 terug

Voorbeelden

INT(15) geeft 15 terug

Gerelateerde functies
FLOOR 
QUOTIENT 

INV

De functie INV() vermenigvuldigt een waarde met -1.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

INV(waarde)

Parameters
Commentaar: Decimale breuk (met drijvende komma)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

INV(-5) geeft 5 terug

Voorbeelden

INV(5) geeft -5 terug

Voorbeelden

INV(0) geeft 0 terug

KPRODUCT

De functie KPRODUCT() berekent het product van alle waarden die als parameter zijn opgegeven. U kunt het product in een bepaald bereik, KPRODUCT(A1:B5), berekenen of van een lijst van waarden, zoals KPRODUCT(12;5.12.5). Als er geen numerieke waarden worden gevonden wordt 1 teruggegeven.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

KPRODUCT(waarde;waarde;...)

Parameters
Commentaar: Waarden
Type: FLOAT
Voorbeelden

KPRODUCT(3;5;7) geeft 105 terug

Voorbeelden

KPRODUCT(12.5;2) geeft 25 terug

Gerelateerde functies
G_PRODUCT 
MULTIPLY 
PRODUCT 

LCM

De functie LCM() (Least Common Multiple; is KGV: Kleinste Gemene Veelvoud) geeft het kleinste gemene veelvoud terug van twee of meer decimale breuken

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

LCM(waarde;waarde)

Parameters
Commentaar: Eerste getal
Type: FLOAT
Commentaar: Tweede getal
Type: FLOAT
Voorbeelden

LCM(6;4) geeft 12 terug

Voorbeelden

LCM(1.5;2.25) geeft 4.5 terug

Voorbeelden

LCM(2;3;4) geeft 12 terug

Gerelateerde functies
GCD 

LN

De functie LN(x) geeft de natuurlijke logaritme van x terug; voor x >0 (grondtal is e = 2.71828..... ).

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

LN(x)

Parameters
Commentaar: Een decimale breuk (float)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

LN(0.8) geeft -0.22314355 terug

Voorbeelden

LN(0) is een fout

Gerelateerde functies
LOG 
LOG10 
LOG2 

LOG

De functie LOG(x) geeft de logaritme, met grondtal10, van x terug; x >0.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

LOG(x)

Parameters
Commentaar: Een decimale breuk, groter dan nul
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

LOG(0.8) geeft -0.09691001 terug

Voorbeelden

LOG(0) is een fout.

Gerelateerde functies
LN 
LOGN 
LOG10 
LOG2 

LOG10

De functie LOG10(x) geeft de logaritme, met grondtal 10, van x terug; x >0.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

LOG10(x)

Parameters
Commentaar: Een positieve decimale breuk
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

LOG10(10) is gelijk aan 1.

Voorbeelden

LOG10(0) is een fout.

Gerelateerde functies
LN 
LOGN 
LOG 
LOG2 

LOG2

De functie LOG2(x) geeft de logaritme, met grondtal 2, van x terug; x >0.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

LOG2(x)

Parameters
Commentaar: Een decimale breuk (float)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

LOG2(0.8) geeft -0.32192809 terug

Voorbeelden

LOG2(0) is een fout

Gerelateerde functies
LN 
LOGN 
LOG 
LOG10 

LOGN

De functie LOGn(x;n) geeft de logaritme, met grondtal n, van x terug.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

LOGn(waarde;grondtal)

Parameters
Commentaar: Een decimale breuk (float)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Grondtal
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

LOGn(12;10) geeft 1.07918125 terug

Voorbeelden

LOGn(12;2) geeft 3.5849625 terug

Gerelateerde functies
LOG 
LN 
LOG10 
LOG2 

MAX

De functie MAX() geeft de grootste waarde terug van de gegeven parameters. Tekenreeksen en Booleaanse (logische) waarden worden niet meegerekend.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

MAX(waarde;waarde;...)

Parameters
Commentaar: Waarden
Type: FLOAT
Voorbeelden

MAX(12;5;7) geeft 12 terug

Voorbeelden

MAX(12.5;2) geeft 12.5 terug

Voorbeelden

MAX(0.5; 0.4; Waar; 0.2) geeft 0.5 terug

Gerelateerde functies
COUNT 
COUNTA 
MAXA 
MIN 
MINA 

MAXA

De functie MAXA() geeft de grootste waarde terug van de gegeven parameters, met inbegrip van Booleaanse (logische) waarden, waarbij Waar = 1 is en Onwaar = 0. Tekenreeksen worden niet meegerekend.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

MAXA(waarde;waarde;...)

Parameters
Commentaar: Waarden
Type: FLOAT
Voorbeelden

MAXA(12;5;7) geeft 12 terug

Voorbeelden

MAXA(12.5;2) geeft 12.5 terug

Voorbeelden

MAXA(0.5; 0.4; Waar; 0.2) geeft 1 terug

Gerelateerde functies
COUNT 
COUNTA 
MAX 
MIN 
MINA 

MDETERM

De functie MDETERM() berekent de determinant van een gegeven matrix. De matrix moet vierkant zijn (nxn matrix).

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

MDETERM(matrix)

Parameters
Commentaar: Bereik
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

MDETERM(A1:C3)

Gerelateerde functies
MMULT 

MIN

De functie MIN() geeft de kleinste waarde terug van de gegeven parameters. Tekenreeksen en Booleaanse (logische) waarden worden niet meegerekend.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

MIN(waarde;waarde;...)

Parameters
Commentaar: Waarden
Type: FLOAT
Voorbeelden

MIN(12;5;7) geeft 5 terug

Voorbeelden

MIN(12.5; 2) geeft 2 terug

Voorbeelden

MIN(0.4; 2; Onwaar; 0.7) geeft 0.4 terug

Gerelateerde functies
COUNT 
COUNTA 
MAX 
MAXA 
MINA 

MINA

De functie MINA() geeft de kleinste waarde terug van de gegeven parameters, met inbegrip van Booleaanse waarden, waarbij Waar = 1 is en Onwaar = 0. Tekenreeksen worden niet meegerekend.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

MINA(waarde;waarde;...)

Parameters
Commentaar: Waarden
Type: FLOAT
Voorbeelden

MINA(12;5;7) geeft 5 terug

Voorbeelden

MINA(12.5; 2) geeft 2 terug

Voorbeelden

MINA(0.4; 2; Onwaar; 0.7) geeft 0 terug

Gerelateerde functies
COUNT 
COUNTA 
MAX 
MAXA 
MIN 

MINVERSE

Berekent de inverse van de matrix.

De matrix vermenigvuldigd met zijn inverse levert de eenheidsmatrix op met dezelfde dimensies.

De determinant van een inverteerbare matrix is ongelijk aan 0.

Terug gegeven type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

MINVERSE(matrix)

Parameters
Commentaar: Matrix
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

MINVERSE(A1:C3)

Gerelateerde functies
MDETERM 
MUNIT 

MMULT

De functie MMULT() vermenigvuldigt twee matrices met elkaar. Het aantal kolommen van de eerste matrix moet gelijk zijn aan het aantal rijen van de tweede matrix. Het resultaat is een matrix.

Terug gegeven type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

MMULT(matrix1;matrix2)

Parameters
Commentaar: Eerste matrix
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Tweede matrix
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

MMULT(A1:C2; D1:E3)

Gerelateerde functies
MDETERM 

MOD

De functie MOD() geeft de rest terug na een deling. Als de tweede parameter nul is, dan geeft de functie de foutmelding #DIV/0.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

MOD(waarde;waarde)

Parameters
Commentaar: Decimale breuk (met drijvende komma)
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Decimale breuk (met drijvende komma)
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

MOD(17;5) geeft 2 terug

Voorbeelden

MOD(5;5) geeft 0 terug

Gerelateerde functies
DIV 

MROUND

De functie MROUND() geeft de waarde afgerond op het aangegeven veelvoud terug. De waarde en het veelvoud moeten beiden hetzelfde teken hebben

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

MROUND(waarde; veelvoud)

Parameters
Commentaar: Decimale breuk (met drijvende komma)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Veelvoud
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

MROUND(1.252; 0.5) geeft 1.5 terug

Voorbeelden

MROUND(-1.252; -0.5) geeft -1.5 terug

Gerelateerde functies
ROUND 

MULTINOMIAL

De functie MULTINOMINAL() berekent de multinomiaalcoëfficient van de getallen in de parameters. De volgende formule wordt gebruikt voor MULTINOMINAL(a.b.c):

(a+b+c)! / (a!b!c!) (Noot: 3! betekent 3 faculteit, is 1*2*3 = 6)

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

MULTINOMIAL(waarde;waarde;...)

Parameters
Commentaar: Waarden
Type: FLOAT
Voorbeelden

MULTINOMIAL(3;4;5) geeft 27720 terug

MULTIPLY

De functie MULTIPLY() vermenigvuldigt alle waarden van de gegeven parameters met elkaar. U kunt de waarden met elkaar vermenigvuldigen in een gegeven bereik, zoals MULTIPLY(A1:B5), of in een met lijst van waarden, zoals MULTIPLY(12;5;12.5). Deze functie is gelijk aan de functie PRODUCT().

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

MULTIPLY(waarde;waarde;...)

Parameters
Commentaar: Waarden
Type: FLOAT
Voorbeelden

MULTIPLY(12;5;7) geeft 420 terug

Voorbeelden

MULTIPLY(12.5;2) geeft 25 terug

Gerelateerde functies
DIV 
PRODUCT 
KPRODUCT 

MUNIT

Maakt de eenheidsmatrix aan volgens de gegeven dimensie.

Terug gegeven type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

MUNIT(dimensie)

Parameters
Commentaar: Dimensie
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

MUNIT(3) maakt een 3x3 eenheidsmatrix aan

Gerelateerde functies
MINVERSE 

ODD

De functie ODD() geeft het eerste oneven getal terug dat groter of gelijk is aan de parameter; of het eerste oneven getal kleiner of gelijk aan de parameter als die negatief is. Per definitie is ODD(0) is 1.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

ODD(waarde)

Parameters
Commentaar: Decimale breuk (met drijvende komma)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

ODD(1.2) geeft 3 terug

Voorbeelden

ODD(2) geeft 3 terug

Voorbeelden

ODD(-2) geeft -3 terug

Gerelateerde functies
EVEN 

POW

De functie POW(x;y) geeft de waarde van x tot de macht y en is gelijk aan POWER().

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

POW(waarde;waarde)

Parameters
Commentaar: Decimale breuk (met drijvende komma)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Decimale breuk (met drijvende komma)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

POW(1.2;3.4) geeft 1.85873 terug

Voorbeelden

POW(2;3) geeft 8 terug

Gerelateerde functies
POWER 

POWER

De functie POWER(x;y) geeft de waarde van x tot de macht y.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

POWER(waarde;waarde)

Parameters
Commentaar: Decimale breuk (met drijvende komma)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Decimale breuk (met drijvende komma)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

POWER(1.2;3.4) geeft 1.85873 terug

Voorbeelden

POWER(2;3) geeft 8 terug

Gerelateerde functies
POW 

PRODUCT

De functie PRODUCT() berekent het product van alle waarden die als parameter zijn opgegeven. U kunt het product in een bepaald bereik, PRODUCT(A1:B5), berekenen, of van een lijst van waarden, zoals PRODUCT(12;5.12.5). Als er geen numerieke waarden worden gevonden wordt 0 teruggegeven.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

PRODUCT(waarde;waarde;...)

Parameters
Commentaar: Waarden
Type: FLOAT
Voorbeelden

PRODUCT(3;5;7) geeft 105 terug

Voorbeelden

PRODUCT(12.5;2) geeft 25 terug

Gerelateerde functies
MULTIPLY 
KPRODUCT 

QUOTIENT

De functie QUOTIENT() geeft het gehele deel van de breuk (teller/noemer) terug.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

QUOTIENT(teller;noemer)

Parameters
Commentaar: Teller
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Noemer
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

QUOTIENT(21;4) geeft 5 terug

Gerelateerde functies
INT 

RAND

De functie RAND() geeft een pseudo-willekeurig getal tussen 0 en 1 terug.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

RAND()

Parameters

Voorbeelden

RAND() geeft bijvoorbeeld 0.78309922...

Gerelateerde functies
RANDBETWEEN 
RANDEXP 

RANDBERNOULLI

De functie RANDBEROUILLI() geeft een Bernoulli-verdeeld pseudo-willekeurig getal terug.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

RANDBERNOULLI(x)

Parameters
Commentaar: Een decimale breuk (tussen 0 en 1)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Een decimale breuk (float)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

RANDBERNOULLI(0.45)

Gerelateerde functies
RAND 

RANDBETWEEN

De functie RANDBETWEEN() geeft een pseudo-willekeurig getal terug tussen de bodem- en topwaarde. Als bodem > top, dan geeft de functie "Err" terug.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

RANDBETWEEN(bodem;top)

Parameters
Commentaar: Onderwaarde
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Topwaarde
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

RANDBETWEEN(12;78) heeft bijvoorbeeld 61.0811... terug als resultaat (of een andere waarde tussen 12 en 78)

Gerelateerde functies
RAND 

RANDBINOM

De functie RANDBINOM() geeft een binomiaal-verdeeld pseudo-willekeurig getal terug.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

RANDBINOM(x)

Parameters
Commentaar: Een decimale breuk (tussen 0 en 1)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Aantal pogingen (groter dan 0)
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

RANDBINOM(4)

Gerelateerde functies
RAND 
RANDNEGBINOM 

RANDEXP

De functie RANDEXP() geeft een exponentieel verdeeld pseudo-willekeurig getal terug.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

RANDEXP(x)

Parameters
Commentaar: Een decimale breuk (groter dan 0)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

RANDEXP(0.88)

Gerelateerde functies
RAND 

RANDNEGBINOM

De functie RANDNEGBINOM() geeft een negatief-binomiaal-verdeeld pseudo-willekeurig getal terug.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

RANDNEGBINOM(x)

Parameters
Commentaar: Een decimale breuk (tussen 0 en 1)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Aantal mislukkingen (groter dan 0)
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

RANDNEGBINOM(4)

Gerelateerde functies
RAND 
RANDBINOM 

RANDNORM

De functie RANDNORM() geeft een normaal- (Gaussisch-) verdeeld pseudo-willekeurig getal terug.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

RANDNORM(mu; sigma) (mu is het gemiddelde, sigma is de spreiding)

Parameters
Commentaar: Gemiddelde waarde van de normale verdeling
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Spreiding van de normale verdeling
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

RANDNORM(0; 1)

Gerelateerde functies
RAND 

RANDPOISSON

De functie RANDPOISSON() geeft een Poisson-verdeeld pseudo-willekeurig getal terug.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

RANDPOISSON(x)

Parameters
Commentaar: Een decimale breuk (groter dan 0)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Een decimale breuk (float)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

RANDPOISSON(4)

Gerelateerde functies
RAND 

ROOTN

De functie ROOTN(x;n) geeft de niet negatieve n-demachtswortel terug van x.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

ROOTN(x;n)

Parameters
Commentaar: Een decimale breuk (float)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Waarde
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

ROOTN(9;2) geeft 3 terug

Gerelateerde functies
SQRT 

ROUND

De functie ROUND(waarde;[cijfers]) rondt een getal af. Cijfers is het aantal cijfers achter de komma waarop u het getal wilt afronden. Als cijfers nul is of weggelaten wordt, dan wordt de waarde afgerond naar het dichtstbijzijnde gehele getal. Als cijfers kleiner is dan nul, dan wordt het hiermee overeenkomende gehele deel van het getal afgerond.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

ROUND(waarde;[cijfers])

Parameters
Commentaar: Decimale breuk (met drijvende komma)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Cijfers
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

ROUND(1.252;2) geeft 1.25 terug

Voorbeelden

ROUND(-1.252;2) geeft -1.25 terug

Voorbeelden

ROUND(1.258;2) geeft 1.26 terug

Voorbeelden

ROUND(-12.25;-1) geeft -10 terug

Voorbeelden

ROUND(-1.252;0) geeft -1 terug

Gerelateerde functies
MROUND 
ROUNDDOWN 
ROUNDUP 

ROUNDDOWN

De functie ROUNDDOWN(waarde;[cijfers]) rondt de waarde absoluut naar beneden af.cijfers is het aantal cijfers achter de komma waar op moet worden afgerond. Als cijfers 0 is of wordt weggelaten, dan wordt de waarde naar beneden afgerond naar het dichtstbijzijnde gehele getal.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

ROUNDDOWN(waarde;[cijfers])

Parameters
Commentaar: Decimale breuk (met drijvende komma)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Cijfers
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

ROUNDDOWN(1.252) geeft 1 terug

Voorbeelden

ROUNDDOWN(1.252;2) geeft 1.25 terug

Voorbeelden

ROUNDDOWN(-1.252;2) geeft -1.25 terug

Voorbeelden

ROUNDDOWN(-1.252) geeft -1 terug

Gerelateerde functies
ROUND 
ROUNDUP 

ROUNDUP

De functie ROUNDUP(waarde;[cijfers]) rondt een getal absoluut naar boven af. Cijfers is het aantal cijfers achter de komma waarop u het getal wilt afronden. Als cijfers nul is of wordt weggelaten, dan wordt de waarde naar boven afgerond naar het dichtstbijzijnde hele getal.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

ROUNDUP(waarde;[cijfers])

Parameters
Commentaar: Decimale breuk (met drijvende komma)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Cijfers
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

ROUNDUP(1.252) geeft 2 terug

Voorbeelden

ROUNDUP(1.252;2) geeft 1.26 terug

Voorbeelden

ROUNDUP(-1.252;2) geeft -1.26 terug

Voorbeelden

ROUNDUP(-1.252) geeft -2 terug

Gerelateerde functies
ROUND 
ROUNDDOWN 

SERIESSUM

De functie SERIESSUM() geeft de som terug van een machtreeks.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

SERIESSUM( X; N; M; coeff)

Parameters
Commentaar: X de onafhankelijke variabele van de machtreeks
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: N de aanvankelijke macht voor X
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: M de toename (increment) van N in elke volgende term in de reeks
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Coeff is een verzameling van coëfficiënten waarmee elke volgende macht van de variabele X wordt vermenigvuldigd
Type: FLOAT
Voorbeelden

SERIESSUM(2;0;2;{1;2}) geeft 9 terug

SIGN

De functie SIGN(getal) geeft: -1 terug als het getal negatief is, 0 als het getal nul is en 1 als het getal positief is (sign betekent teken).

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

SIGN(waarde)

Parameters
Commentaar: Decimale breuk (met drijvende komma)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

SIGN(5) geeft 1 terug

Voorbeelden

SIGN(0) geeft 0 terug

Voorbeelden

SIGN(-5) geeft -1 terug

SQRT

De functie SQRT() geeft de niet-negatieve vierkantswortel terug van het argument. Het is een fout als het argument negatief is.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

SQRT(x)

Parameters
Commentaar: Een decimale breuk (float)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

SQRT(9) geeft 3 terug

Voorbeelden

SQRT(-9) is een fout

Gerelateerde functies
IMSQRT 

SQRTPI

De functie SQRTPI(x) geeft de niet-negatieve vierkantswortel terug van x*PI. Het is een fout als het argument negatief is.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

SQRTPI(x)

Parameters
Commentaar: Een decimale breuk (float)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

SQRTPI(2) geeft 2.506628 terug

SUBTOTAL

De functie SUBTOTAL() geeft een subtotaal terug van een gegeven lijst met argumenten. Daarbij worden andere subtotalen in de lijst genegeerd. De parameter kan een van de volgende getallen zijn: 1 - Gemiddelde, 2 - Aantal, 3 - AantalA, 4 - Max, 5 - Min, 6 - Produkt, 7 - StDev, 8 - StDevP, 9 - Som, 10 - Var, 11 - VarP.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

SUBTOTAL(functie; waarde)

Parameters
Commentaar: Functie
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Waarden
Type: FLOAT
Voorbeelden

Als in de inhoud van A1:A5 de getallen 7, 24, 23, 56 en 9 zijn:

Voorbeelden

SUBTOTAL(1; A1:A5) geeft 23.8

Voorbeelden

SUBTOTAL(4; A1:A5) geeft 56

Voorbeelden

SUBTOTAL(9; A1:A5) geeft 119

Voorbeelden

SUBTOTAL(11; A1:A5) geeft 307.76

Gerelateerde functies
AVERAGE 
COUNT 
COUNTA 
MAX 
MIN 
PRODUCT 
STDEV 
STDEVP 
SUM 
VAR 
VARP 

SUM

De functie SUM() berekent de som van alle waarden die als parameter zijn opgegeven. U kunt de som van een bepaald bereik, SUM(A1:B5) berekenen, of van een lijst van waarden, zoals SUM(12;5;12.5).

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

SUM(waarde;waarde;...)

Parameters
Commentaar: Waarden
Type: FLOAT
Voorbeelden

SUM(12;5;7) geeft 24 terug

Voorbeelden

SUM(12.5;2) geeft 14.5 terug

Gerelateerde functies
SUMA 
SUMSQ 
SUMIF 

SUMA

De functie SUMA() berekent de som van alle waarden die als parameter zijn opgegeven. U kunt de som van een bepaald bereik, SUMA(A1:B5), berekenen of van een lijst van waarden, zoals SUMA(12;5.12.5). Als een parameter tekst of de Booleaanse waarde Onwaar bevat, dan wordt deze als 0 geteld, als de parameter de Booleaanse waarde Waar blijkt te hebben, wordt deze als 1 geteld.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

SUM(waarde;waarde;...)

Parameters
Commentaar: Waarden
Type: FLOAT
Voorbeelden

SUMA(12;5;7) geeft 24 terug

Voorbeelden

SUMA(12.5; 2; Waar) geeft 15.5 terug

Gerelateerde functies
SUM 
SUMSQ 

SUMIF

De functie SUMIF() berekent de som van alle waarden die als parameters zijn opgegeven die aan de voorwaarden voldoen. Het sombereik is optioneel. Wanneer die niet wordt opgegeven worden de waarden in het voorwaardebereik opgeteld. De lengte van het voorwaardebereik mag niet groter zijn dan de lengte van het sombereik.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

SUMIF(voorwaardebereik;voorwaarden;sombereik)

Parameters
Commentaar: Bereik controleren
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Criteria
Type: Tekst
Commentaar: Sombereik
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

SUMIF(A1:A4;" >1") telt alle waarden op in A1:A4 die groter zijn dan 1

Voorbeelden

SUMIF(A1:A4;"=0";B1:B4) telt alle waarden in B1:B4 bij elkaar op als de bijbehorende waarde in A1:A4 gelijk is aan 0

Gerelateerde functies
SUM 
COUNTIF 

SUMSQ

De functie SUMSQ() berekent de som van alle kwadraten (tweede machten) van de waarden die als parameter zijn opgegeven. U kunt deze som in een bepaald bereik, bijv. SUMSQ(A1:B5), berekenen, of van een lijst van waarden. zoals SUMSQ(12;5;12.5).

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

SUMSQ(waarde;waarde;...)

Parameters
Commentaar: Waarden
Type: FLOAT
Voorbeelden

SUMSQ(12;5;7) geeft 218 terug

Voorbeelden

SUMSQ(12.5;2) geeft 160.25 terug

Gerelateerde functies
SUM 

TRANSPOSE

Geeft de getransponeerde terug van een matrix. dat wil zeggen dat de rijen en de kolommen van de matrix worden verwisseld.

Terug gegeven type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

TRANSPOSE(matrix)

Parameters
Commentaar: Matrix
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

TRANSPOSE(A1:C3)

TRUNC

De functie TRUNC() kapt een getalswaarde af na een opgegeven aantal cijfers achter de komma (decimalen). Als dit aantal niet wordt opgegeven wordt 0 gebruikt.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

TRUNC(waarde; aantal_decimalen)

Parameters
Commentaar: Decimale breuk (met drijvende komma)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Nauwkeurigheid
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

TRUNC(1.2) geeft 1 terug (na 0 cijfers achter de komma afgekapt)

Voorbeelden

TRUNC(213.232; 2) geeft 213.23 terug

Gerelateerde functies
ROUND 
ROUNDDOWN 
ROUNDUP 

Statistisch

AVEDEV

De functie AVEDEV() berekent het (rekenkundige) gemiddelde van de absolute deviaties van een verzameling gegevens met hun gemiddelde waarde.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

AVEDEV(waarde;waarde;...)

Parameters
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

AVEDEV(11.4;17.3;21.3;25.9;40.1) geeft 7.84 terug

Voorbeelden

AVEDEV(A1:A5) ...

AVERAGE

De functie AVERAGE() berekent het (rekenkundige) gemiddelde van alle waarden die als parameters zijn opgegeven. U kunt het gemiddelde van een opgegeven bereik AVERAGE(A1:B5) berekenen, of van een lijst van waarden zoals AVERAGE(12;5;12.5).

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

AVERAGE(waarde;waarde;...)

Parameters
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

AVERAGE(12;5;7) geeft 8 terug

Voorbeelden

AVERAGE(12.5;2) geeft 7.25 terug

AVERAGEA

De functie AVERAGEA() berekent het (rekenkundige) gemiddelde van de opgegeven argumenten. Getallen, tekst en Booleaanse (logische) waarden worden allemaal in de berekening meegenomen. Als een cel tekst bevat, of een argument dat Onwaar blijkt te zijn wordt deze als nul (0) gerekend. Als het argument Waar blijkt te zijn, dan wordt het gerekend als een een (1). Opmerking: lege cellen worden niet meegeteld.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

AVERAGEA(waarde;waarde;...)

Parameters
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Tekenreekswaarden
Type: Tekst
Voorbeelden

AVERAGEA(11.4;17.3;"wattekst";25.9;40.1) geeft 18.94 terug (gemiddelde van 5 waarden)

BETADIST

De functie BETADIST() berekent de cumulatieve beta-kansdichtheidsfunctie.

De derde en vierde parameters zijn optioneel. Zij bepalen de onder- en bovengrenzen, die anders standaard de waarden 0.0 en 1.0 hebben.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

BETADIST(getal;alfa;beta;start;einde;[cumulatief=Waar])

Parameters
Commentaar: Getal
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Parameter alpha
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Parameter beta
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Start
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Einde
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Cumulatief
Type: Een Booleaanse waarde (True of False (Waar of Onwaar))
Voorbeelden

BETADIST(0.2859;0.2606;0.8105) geeft 0.6754444 terug

Voorbeelden

BETADIST(0.2859;0.2606;0.8105;0.2;0.9) geeft 0.537856 terug

BETAINV

De functie BETAINV() geeft de inverse van BETADIST(x;alfa;beta;a;b;Waar())

De start- en eindparameters zijn optioneel. Zij bepalen de onder- en bovengrenzen, die anders standaard de respectievelijke waarden 0.0 en 1.0 hebben.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

BETAINV(getal;alfa;beta [; start=0 [; einde=1]])

Parameters
Commentaar: Getal
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Parameter alpha
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Parameter beta
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Start
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Einde
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

BETADIST(BETAINV(0.1;3;4);3;4) is gelijk aan 0.1

Voorbeelden

BETADIST(BETAINV(0.3;3;4);3;4) is gelijk aan 0.3

BINO

De functie BINO() geeft de binomiale verdeling terug.

De eerste parameter is het aantal pogingen, de tweede is het aantal succesvolle pogingen en de derde is de kans op succes. Het aantal pogingen moet groter zijn dan het aantal succesvolle pogingen, en de succeskans (zoals elke kans) moet groter zijn dan of gelijk aan 0 en kleiner zijn dan of gelijk aan 1.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

BINO(pogingen;successen;succeskans)

Parameters
Commentaar: Aantal pogingen
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Aantal succesvolle pogingen (successen)
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Kans op succes (succeskans)
Type: Double
Voorbeelden

BINO(12;9;0.8) geeft 0.236223201 terug

CHIDIST

De functie CHIDIST() berekent de kans dat een hypothese wordt bevestigd, met behulp van de Chi-kwadraat-toets.

CHIDIST() vergelijkt de Chi-kwadraat-waarde voor een willekeurige steekproef, die berekend wordt uit de som van (waargenomen waarde -verwachte waarde)^2/verwachte waarde, voor alle waarden, met de theoretische Chi-kwadraat verdeling, en berekent aan de hand hiervan de kans dat de geteste hypothese fout is.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

CHIDIST(getal;vrijheidsgraden)

Parameters
Commentaar: Getal
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Vrijheidsgraden
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

CHIDIST(13.27;5) geeft 0.021 terug

COMBIN

De functie COMBIN(N;k) berekent het aantal mogelijke combinaties van k elementen uit N (binomiaalcoëfficiënt). De eerste parameter is het totaal aantal elementen. De tweede parameter is het aantal te kiezen elementen. Beide parameters moeten positief zijn. De eerste parameter moet groter dan of gelijk zijn aan de tweede. Indien dit niet het geval is geeft de functie een foutmelding terug.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

COMBIN(N;k)

Parameters
Commentaar: Totaal aantal elementen
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Aantal te kiezen elementen
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

COMBIN(12;5) geeft 792 terug

Voorbeelden

COMBIN(5;5) geeft 1 terug

COMBINA

De functie COMBINA(N;k) berekent het aantal mogelijke combinaties van k elementen uit N. De eerste parameter is het totaal aantal elementen. De tweede parameter is het aantal te kiezen elementen. Beide parameters moeten positief zijn. De eerste parameter moet groter dan of gelijk zijn aan de tweede. Indien dit niet het geval is geeft de functie een foutmelding terug.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

COMBIN(N;k)

Parameters
Commentaar: Totaal aantal elementen
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Aantal te kiezen elementen
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

COMBIN(12;5) geeft 792 terug

Voorbeelden

COMBIN(5;5) geeft 1 terug

CONFIDENCE

De functie CONFIDENCE() geeft het betrouwbaarheidsinterval voor een populatiegemiddelde terug.

De parameter alfa moet tussen 0 en 1 (open interval) liggen. stddev moet positief te zijn en de grootte (van de populatie) moet groter dan of gelijk aan 1 zijn.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

CONFIDENCE(alfa;stddev;grootte)

Parameters
Commentaar: Niveau van het betrouwbaarheidsinterval
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Standaard deviatie van de totale populatie
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Grootte van de totale populatie
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

CONFIDENCE(0.05;1.5;100) geeft 0.294059 terug

CORREL

De functie CORREL() berekent de correlatiecoëfficiënt van twee celbereiken.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

CORREL(bereik1; bereik2)

Parameters
Commentaar: Celbereik van waarden
Type: Double
Commentaar: Tweede celbereik van waarden
Type: Double
Voorbeelden

CORREL(A1:A3; B1:B3)

Gerelateerde functies
PEARSON 

COVAR

De functie COVAR() berekent de covariantie van twee celbereiken.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

COVAR(bereik1; bereik2)

Parameters
Commentaar: Celbereik van waarden
Type: Double
Commentaar: Tweede celbereik van waarden
Type: Double
Voorbeelden

COVAR(A1:A3; B1:B3)

DEVSQ

De functie DEVSQ() berekent de som van de kwadraten van deviaties.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

DEVSQ(waarde; waarde...)

Parameters
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Double
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Double
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Double
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Double
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Double
Voorbeelden

DEVSQ(A1:A5)

Voorbeelden

DEVSQ(21; 33; 54; 23) geeft 684.75 terug

EXPONDIST

De functie EXPONDIST() geeft de exponentiële verdeling terug.

De parameter lambda moet positief te zijn.

Cumulatief = 0: de kansdichtheidsfunctie wordt berekend; cumulatief = 1: de kansverdeling wordt berekend.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

EXPONDIST(getal;lambda;cumulatief)

Parameters
Commentaar: Getal
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Parameter lambda
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: 0 = kansdichtheid, 1 = kansverdeling
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

EXPONDIST(3;0.5;0) geeft 0.111565 terug

Voorbeelden

EXPONDIST(3;0.5;1) geeft 0.776870 terug

FDIST

De functie FDIST() geeft de f-verdeling terug.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

FDIST(getal;vrijheidsgraden_1;vrijheidsgraden_2)

Parameters
Commentaar: Getal
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Vrijheidsgraden 1
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Vrijheidsgraden 2
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

FDIST(0.8;8;12) geeft 0.61 terug

FINV

De functie FINV() geeft het unieke, positieve getal x waarvoor geldt dat FDIST(x;r1;r2) = p.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

FINV(getal; r1; r2)

Parameters
Commentaar: Getal
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Getal r1
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Getal r2
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

FDIST(FINV(0.1;3;4);3;4) is gelijk aan 0.1

FISHER

De functie FISHER() berekent de Fisher-transformatie voor x en maakt een functie aan die een normale verdeling benadert.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

FISHER(getal)

Parameters
Commentaar: Getal
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

FISHER(0.2859) geeft 0.294096 terug

Voorbeelden

FISHER(0.8105) geeft 1.128485 terug

FISHERINV

De functie FISHERINV() berekent de inverse van de Fisher transformatie voor x, en maakt een functie aan die een normale verdeling benadert.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

FISHERINV(getal)

Parameters
Commentaar: Getal
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

FISHERINV(0.2859) geeft 0.278357 terug

Voorbeelden

FISHERINV(0.8105) geeft 0.669866 terug

FREQUENCY

Telt het aantal waarden in elk interval gegeven door de grenswaarden in de tweede parameter.

De waarden in de tweede parameter bepalen de bovengrenzen van de intervallen. De bovengrenzen behoren tot de intervallen. De teruggegeven reeks is een kolomvector en bevat een element meer dan de tweede parameter; het laatste element is het aantal van alle elementen groter dan de laatste waarde in de tweede parameter. Indien er geen tweede parameter is worden alle waarden in de eerste parameter geteld.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

FREQUENCY(bereik gegevens; bereik klassen)

Parameters
Commentaar: Te tellen decimale breuken.
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Decimale breuken, voor de bovengrenzen van de intervallen.
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)

GAMMADIST

De functie GAMMADIST() geeft de gamma-kansverdeling terug.

Als de laatste parameter (cumulatief) 0 is, dan wordt de kansdichtheidsfunctiewaarde berekend. Als die 1 is, dan wordt de kansverdeling teruggegeven.

De eerste drie parameters moeten positief te zijn.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

GAMMADIST(getal;alfa;beta;cumulatief)

Parameters
Commentaar: Getal
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Parameter alpha
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Parameter beta
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Cumulatief vlag
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

GAMMADIST(0.758;0.1;0.35;1) geeft 0.995450 terug

Voorbeelden

GAMMADIST(0.758;0.1;0.35;0) geeft 0.017179 terug

GAMMAINV

De functie GAMMAINV() geeft het unieke getal x >= 0 teug, zodat GAMMAINV(x;alfa;beta;Waar()) = p.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

GAMMAINV(getal;alfa;beta)

Parameters
Commentaar: Getal
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Parameter alpha
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Parameter beta
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

GAMMADIST(GAMMAINV(0.1;3;4);3;4) is gelijk aan 0.1

Voorbeelden

GAMMADIST(GAMMAINV(0.3;3;4);3;4) is gelijk aan 0.3

GAMMALN

De functie GAMMALN(x) berekent de natuurlijke logaritme van de gammafunctie: G(x). De parameter moet een positief getal zijn.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

GAMMALN(getal)

Parameters
Commentaar: Getal
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

GAMMALN(2) geeft 0 terug

GAUSS

De functie GAUSS(x) geeft de integraal terug van 0 tot x van de standaard normale kansdichtheidsfunctie.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

GAUSS(waarde)

Parameters
Commentaar: Het getal waarvoor de integraal, van 0 tot het getal, van de standaard normale kansdichtheidsfunctie moet worden berekend
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

GAUSS(0.25) geeft 0.098706 terug

GEOMEAN

De functie GEOMEAN() geeft het meetkundig (geometrisch) gemiddelde terug van de gegeven argumenten. Dit is gelijk aan de N-demachtswortel van het product van N argumenten.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

GEOMEAN(waarde; waarde;...)

Parameters
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Double
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Double
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Double
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Double
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Double
Voorbeelden

GEOMEAN(A1:A5)

Voorbeelden

GEOMEAN(21; 33; 54; 23) geeft 30.45886 terug

Gerelateerde functies
HARMEAN 

HARMEAN

De functie HARMEAN() geeft het harmonisch gemiddelde terug van N gegeven waarden (N gedeeld door de som van de N omgekeerde waarden).

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

HARMEAN(waarde; waarde;...)

Parameters
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Double
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Double
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Double
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Double
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Double
Voorbeelden

HARMEAN(A1:A5)

Voorbeelden

HARMEAN(21; 33; 54; 23) geeft 28.588 terug

Gerelateerde functies
GEOMEAN 

HYPGEOMDIST

De functie HYPGEOMDIST() geeft de hypergeometrische verdeling terug.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

HYPGEOMDIST(x; n; M; N)

Parameters
Commentaar: Aantal successen in de steekproef
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Aantal pogingen
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Totaal aantal succesvolle pogingen
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Populatiegrootte
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

HYPGEOMDIST(2; 5; 6; 20) geeft 0.3522 terug

INTERCEPT

De functie INTERCEPT() berekent het snijpunt van de lineaire regressielijn en de y-as.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

INTERCEPT(y;x)

Parameters
Commentaar: y-waarden(reeks)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: x-waarden(reeks)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)

INVBINO

De functie INVBINO() geeft de negatieve binomiale verdeling terug. De eerste parameter is het aantal pogingen, de tweede het aantal mislukte pogingen en de derde de kans op geen succes. Het aantal pogingen moet groter zijn dan het aantal mislukte pogingen en de kans (zoals elke kans) moet groter zijn dan of gelijk aan 0 en kleiner zijn dan of gelijk aan 1.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

INVBINO(pogingen;mislukkingen;kans_op_geen_succes)

Parameters
Commentaar: Aantal pogingen
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Aantal pogingen zonder succes (missers)
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Kans op geen succes
Type: Double
Voorbeelden

INVBINO(12;3;0.2) geeft 0.236223201

KURT

De functie KURT() berekent een schatting, zonder voorkeur (unbiased), van de kurtosis (piekvormigheid) van een verzameling gegevens. U moet tenminste 4 waarden opgeven, anders komt er een foutmelding.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

KURT(waarde; waarde;...)

Parameters
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Double
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Double
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Double
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Double
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Double
Voorbeelden

KURT(A1:A5)

Voorbeelden

KURT(21; 33; 54; 23) geeft 1.344239 terug

Gerelateerde functies
KURTP 

KURTP

De functie KURTP() berekent een populatie-kurtosis van een verzameling gegevens. U moet tenminste 4 waarden opgeven, anders komt er een foutmelding.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

KURTP(waarde; waarde;...)

Parameters
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Double
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Double
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Double
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Double
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Double
Voorbeelden

KURTP(A1:A5)

Voorbeelden

KURTP(21; 33; 54; 23) geeft -1.021 terug

Gerelateerde functies
KURT 

LARGE

De functie LARGE(..;k) geeft de k-de grootste waarde terug van de verzameling gegevens.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

LARGE(bereik; k)

Parameters
Commentaar: Celbereik van waarden
Type: Double
Commentaar: Positie (vanaf de grootste)
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

A1: 3, A2: 1, A3: 5 = > LARGE(A1:A3; 2) geeft 3 terug

LEGACYFDIST

De functie LEGACYFDIST() geeft de f-verdeling terug.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

LEGACYFDIST(getal;vrijheidsgraden_1;vrijheidsgraden_2)

Parameters
Commentaar: Getal
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Vrijheidsgraden 1
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Vrijheidsgraden 2
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

LEGACYFDIST(0.8;8;12) geeft 0.61 terug

LOGINV

De functie LOGINV() geeft de inverse terug van de lognormale cumulatieve verdeling.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

LOGINV(p; gemiddelde; stdev)

Parameters
Commentaar: Waarschijnlijkheid
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Gemiddelde waarde van de standaard logaritmische verdeling
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Standaard deviatie van de standaard logaritmische verdeling
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

LOGINV(0.1;0;1) geeft 0.2776 terug

LOGNORMDIST

De functie LOGNORMDIST() berekent de cumulatieve lognormale kansverdeling.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

LOGNORMDIST(getal;gemiddelde;std)

Parameters
Commentaar: Kanswaarde waarvoor de standaard logaritmische kansverdeling moet worden berekend
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Gemiddelde waarde van de standaard logaritmische verdeling
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Standaard deviatie van de standaard logaritmische verdeling
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

LOGNORMDIST(0.1;0;1) geeft 0.01 terug

MEDIAN

De functie MEDIAN() berekent de mediaan van alle waarden die als parameters zijn opgegeven. U kunt de mediaan van een bereik berekenen als MEDIAN(A1:B5) of van een lijst met waarden, zoals MEDIAN(12; 5; 12.5). Lege cellen zullen beschouwd worden als nul, en cellen met tekst zullen worden genegeerd.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

MEDIAN(waarde;waarde;...)

Parameters
Commentaar: Decimale breuk of waardenbereik
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Decimale breuken of waardenbereik
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Decimale breuken of waardenbereik
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Decimale breuken of waardenbereik
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Decimale breuken of waardenbereik
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

MEDIAN(12; 5; 5.5) geeft 5.5 terug

Voorbeelden

MEDIAN(12; 7; 8;2) geeft 7.5 terug

MODE

De functie MODE() geeft de meest frequent voorkomende waarde (de modus) in een verzameling van gegevens.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

MODE(getal1; getal2; ...)

Parameters
Commentaar: Decimale breuk (float)
Type: Double
Commentaar: Decimale breuk (float)
Type: Double
Commentaar: Decimale breuk (float)
Type: Double
Commentaar: Decimale breuk (float)
Type: Double
Voorbeelden

MODE(12; 14; 12; 15) geeft 12 terug

NEGBINOMDIST

De functie NEGBINOMDIST() geeft de negatieve binomiale verdeling terug.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

NEGBINOMDIST(missers; successen; succeskans)

Parameters
Commentaar: Aantal pogingen zonder succes (missers)
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Aantal succesvolle pogingen (successen)
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Kans op succes (succeskans)
Type: Double
Voorbeelden

NEGBINOMDIST(2;5;0.55) geeft 0.152872629 terug

NORMDIST

De functie NORMDIST() geeft de normale cumulatieve kansverdeling terug.

Getal is de waarde van de verdeling, op basis waarvan de normale verdeling wordt berekend.

midden is het lineaire midden van de verdeling.

std is de standaard deviatie van de verdeling.

Met K = 0 wordt de kansdichtheidsfunctiewaarde berekend; met K = 1 de kansverdeling.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

NORMDIST(getal;midden;std;K)

Parameters
Commentaar: Getal
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Lineaire midden van de verdeling
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Standaard deviatie van de verdeling
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: 0 = kansdichtheid, 1 = kansverdeling
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

NORMDIST(0.859;0.6;0.258;0) geeft 0.934236 terug

Voorbeelden

NORMDIST(0.859;0.6;0.258;1) geeft 0.842281 terug

NORMINV

De functie NORMINV(x;..;std) berekent de inverse van een normale cumulatieve verdeling. Het getal x (een kanshoeveelheid) moet tussen de 0 en 1 liggen (exclusief) en std moet postief zijn.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

NORMINV(getal;midden;std)

Parameters
Commentaar: Kanswaarde waarvoor de standaard logaritmische kansverdeling moet worden berekend
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Midden van de normale verdeling
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Standaard deviatie van de normale verdeling
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

NORMINV(0.9;63;5) geeft 69.41 terug

NORMSDIST

De functie NORMSDIST() geeft de standaardnormale kansverdeling terug.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

NORMSDIST(getal)

Parameters
Commentaar: Waarde waarvoor de standaardnormale kansverdeling wordt berekend
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

NORMSDIST(1) geeft 0.84 terug

NORMSINV

De functie NORMINV(x) berekent de inverse van de standaardnormale cumulatieve kansverdeling. Het getal x (een kanshoeveelheid) moet tussen 0 en 1 liggen (exclusief).

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

NORMSINV(getal)

Parameters
Commentaar: Getal
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

NORMSINV(0.908789) geeft 1.3333 terug

PEARSON

De functie PEARSON() berekent de correlatiecoëfficiënt van twee celbereiken. Is gelijk aan de functie CORREL().

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

PEARSON(bereik1; bereik2)

Parameters
Commentaar: Celbereik van waarden
Type: Double
Commentaar: Tweede celbereik van waarden
Type: Double
Voorbeelden

PEARSON(A1:A3; B1:B3)

Gerelateerde functies
CORREL 

PERCENTILE

De functie PERCENTILE() geeft de x-de percentielwaarde terug van de waarden in gegevens. Voor alpha is 50 (mediaan) is de percentielwaarde die waarde waarvoor geldt dat 50% van de getallen in de gegevensverzameling kleiner zijn of gelijk aan deze waarde, en 50% groter. Voor alpha is 25 is dit 25% en 75% (eerste kwartiel), en soortgelijk ook voor alpha is 75% (derde kwartiel). En eveneens voor alpha=0 (kleinste waarde) en alpha=1 (grootste waarde). De waarden in lege cellen worden beschouwd de waarde 0 te bevatten, en cellen met tekst worden overgeslagen.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

PERCENTILE(gegevens;alpha)

Parameters
Commentaar: Waardenbereik
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: De percentielwaarde tussen 0 en 1, inclusief.
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Gerelateerde functies
MEDIAN 

PERMUT

De functie PERMUT() geeft het aantal permutaties terug. De eerste parameter is het aantal elementen en de tweede parameter is het aantal elementen dat wordt gebruikt in de permutatie.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

PERMUT(totaal;gepermuteerd)

Parameters
Commentaar: Totaal aantal elementen
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Aantal te permuteren elementen
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

PERMUT(8;5) geeft 6720 terug

Voorbeelden

PERMUT(5;5) geeft 120 terug

PERMUTATIONA

De functie PERMUTATIONA(totaal;gekozen) geeft het aantal geordende permutaties terug, waarbij herhalingen zijn toegestaan. De eerste parameter is het aantal elementen en de tweede parameter is het aantal te kiezen elementen. Beiden moeten positief zijn.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

PERMUTATIONA(totaal;gekozen)

Parameters
Commentaar: Totaal aantal elementen
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Aantal te kiezen elementen
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

PERMUTATIONA(2,3) geeft 8 terug

Voorbeelden

PERMUTATIONA(0,0) geeft 1 terug

PHI

De functie PHI(x) geeft de functiewaarde terug voor x van de kansdichtheidsfunctie voor de standaardnormale verdeling.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

PHI(waarde)

Parameters
Commentaar: Het getal waarvoor de functiewaarde van de kansdichtheidsfunctie voor de standaardnormale verdeling wordt berekend
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

PHI(0.25) geeft 0.386668 terug

POISSON

De functie POISSON() geeft de Poisson verdeling terug.

De parameters lambda en getal moeten positief zijn.

Cumulatief = 0: de kansdichtheidsfunctie wordt berekend; cumulatief = 1: de kansverdeling wordt berekend.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

POISSON(getal;lambda;cumulatief)

Parameters
Commentaar: Getal
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Parameter lambda (de middenwaarde)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: 0 = kansdichtheid, 1 = kansverdeling
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

POISSON(60;50;0) geeft 0.020105 terug

Voorbeelden

POISSON(60;50;1) geeft 0.927840 terug

RANK

De functie RANK() geeft de plaats van een getal in een lijst van getallen weer.

Volgorde geeft aan hoe de getallen te rangschikken:

Als de 0 is weggelaten, dan worden Gegevens afdalend gerangschikt.

Indien niet gelijk aan 0, worden Gegevens oplopend geordend.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

RSQ(Waarde; Gegevens; Volgorde)

Parameters
Commentaar: Waarde
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Gegevens (reeks)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Volgorde
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

RANK (2;{1;2;3}) is gelijk aan 2

RSQ

De functie RSQ() geeft het kwadraat van het Pearson productmoment correlatiecoëfficient door punten met bekende_y en bekende_x.

Als "reeksY" en "reeksX" leeg zijn of een verschillend aantal punten bevatten, dan wordt #N/A teruggegeven.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

RSQ(bekende Y; bekende X)

Parameters
Commentaar: bekende Y (reeks)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: bekende X (reeks)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)

SKEW

De functie SKEW() geeft een schatting terug voor de scheefheid van een kansverdeling

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

SKEW(getal1; getal2; ...)

Parameters
Commentaar: Decimale breuk (float)
Type: Double
Commentaar: Decimale breuk (float)
Type: Double
Commentaar: Decimale breuk (float)
Type: Double
Commentaar: Decimale breuk (float)
Type: Double
Voorbeelden

SKEW(11.4; 17.3; 21.3; 25.9; 40.1) geeft 0.9768 terug

Gerelateerde functies
SKEWP 

SKEWP

De functie SKEWP() geeft de populatiescheefheid terug van een kansverdeling

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

SKEWP(getal1; getal2; ...)

Parameters
Commentaar: Decimale breuk (float)
Type: Double
Commentaar: Decimale breuk (float)
Type: Double
Commentaar: Decimale breuk (float)
Type: Double
Commentaar: Decimale breuk (float)
Type: Double
Voorbeelden

SKEWP(11.4; 17.3; 21.3; 25.9; 40.1) geeft 0.6552 terug

Gerelateerde functies
SKEW 

SLOPE

De functie SLOPE() geeft de hellingshoek van een lineaire regressielijn terug.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

SLOPE(y;x)

Parameters
Commentaar: y-waarden(reeks)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: x-waarden(reeks)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)

SMALL

De functie SMALL(..;k) geeft de k-de kleinste waarde terug van de verzameling gegevens.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

SMALL(bereik; k)

Parameters
Commentaar: Celbereik van waarden
Type: Double
Commentaar: Positie (vanaf de kleinste)
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

A1: 3, A2: 1, A3: 5 = > SMALL(A1:A3; 1) geeft 1 terug

STANDARDIZE

De functie STANDARDIZE() geeft een genormaliseerde waarde terug.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

STANDARDIZE(x; gemiddelde; stdev)

Parameters
Commentaar: Te normaliseren getal
Type: Double
Commentaar: Gemiddelde van de verdeling
Type: Double
Commentaar: Standaard deviatie
Type: Double
Voorbeelden

STANDARDIZE(4; 3; 7) geeft 0.1429 terug

STDEV

De functie STDEV() geeft de geschatte standaard deviatie terug, gebaseerd op een steekproef. De standaarddeviatie is een maat voor de spreiding van de waarden om hun gemiddelde.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

STDEV(waarde;waarde;...)

Parameters
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

STDEV(6;7;8) geeft 1 terug

Gerelateerde functies
STDEVP 

STDEVA

De functie STDEVA() geeft de geschatte standaard deviatie terug, gebaseerd op een steekproef. De standaarddeviatie is een maat voor de spreiding van de waarden om hun gemiddelde. Als een cel tekst bevat of de Booleaanse (logische) waarde Onwaar, dan wordt deze meegeteld als 0. Is de Booleaanse waarde Waar, dan wordt deze geteld als 1.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

STDEVA(waarde;waarde;...)

Parameters
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

STDEVA(6; 7; A1; 8) geeft 1 terug, als A1 leeg is

Voorbeelden

STDEVA(6; 7; A1; 8) geeft 3.109 terug, als A1 de waarde Waar bevat

Gerelateerde functies
STDEV 
STDEVP 

STDEVP

De functie STDEVP() geeft de standaard deviatie, gebaseerd op een gehele populatie

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

STDEVP(waarde;waarde;...)

Parameters
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

STDEVP(6;7;8) is 0.816497...

Gerelateerde functies
STDEV 

STDEVPA

De functie STDEVPA() geeft de standaarddeviatie terug, gebaseerd op een gehele populatie. Als een cel tekst bevat, of de Booleaanse (logische) waarde Onwaar, dan wordt deze als 0 meegeteld. Als de Booleaanse waarde Waar is, dan wordt deze geteld als 1.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

STDEVPA(waarde;waarde;...)

Parameters
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

STDEVPA(6; 7; A1; 8) geeft 0.816497... terug, als A1 leeg is

Voorbeelden

STDEVPA(6; 7; A1; 8) geeft 2.69... terug, als A1 de waarde Waar bevat

Voorbeelden

STDEVPA(6; 7; A1; 8) geeft 3.11... terug, als A1 de waarde Onwaar bevat

Gerelateerde functies
STDEV 
STDEVP 

STEYX

De functie STEYX() berekent de standaard fout van de voorspelde y-waarde voor elke x in de regressie.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

SLOPE(y;x)

Parameters
Commentaar: y-waarden(reeks)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: x-waarden(reeks)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)

SUM2XMY

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

SLOPE(y;x)

Parameters

SUMPRODUCT

De functie SUMPRODUCT() (SUM(X*Y)) geeft de som terug van de producten van de overeenkomende waarden in de twee reeksen. Het aantal waarden in beide reeksen moet gelijk zijn. Anders geeft deze functie "Err" terug.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

SUMPRODUCT(reeks1;reeks2)

Parameters
Commentaar: Waarde (reeks)
Type: Double
Commentaar: Waarde (reeks)
Type: Double
Voorbeelden

SUMPRODUCT(A1:A2;B1:B2) met A1=2, A2=5, B1=3 en B2=5 geeft 31 terug

SUMX2MY2

De functie SUMX2MY2() (SUM(X^2-Y^2)) geeft de som terug van de verschillen van de kwadraten van deze waarden. Het aantal waarden in beide reeksen moet gelijk zijn. Anders geeft deze functie "Err" terug.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

SUMX2MY2(reeks1;reeks2)

Parameters
Commentaar: Waarde (reeks)
Type: Double
Commentaar: Waarde (reeks)
Type: Double
Voorbeelden

SUMX2MY2(A1:A2;B1:B2) met A1=,2 A2=5, B1=3 en B2=5 geeft -5 terug

SUMX2PY2

De functie SUMX2PY2() (SUM(X^2+Y^2)) geeft de som terug van de kwadraten van de overeenkomende waarden in de beide reeksen. Het aantal waarden in beide reeksen moet gelijk zijn. Anders geeft deze functie "Err" terug.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

SUMX2PY2(reeks1;reeks2)

Parameters
Commentaar: Waarde (reeks)
Type: Double
Commentaar: Waarde (reeks)
Type: Double
Voorbeelden

SUMX2PY2(A1:A2;B1:B2) met A1=2, A2=5, B1=3 en B2=5 geeft 63 terug

SUMXMY2

De functie SUMXMY2() (SUM((X-Y)^2)) geeft de som van de kwadraten van de verschillen van deze waarden. Het aantal waarden in beide reeksen moet gelijk zijn. Anders geeft deze functie "Err" terug.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

SUMXMY2(reeks1;reeks2)

Parameters
Commentaar: Waarde (reeks)
Type: Double
Commentaar: Waarde (reeks)
Type: Double
Voorbeelden

SUMXMY2(A1:A2;B1:B2) met A1=2, A2=5, B1=3 en B2=5, geeft 1 terug

TDIST

De functie TDIST() geeft de t-verdeling terug.

Modus = 1 geeft de test gebaseerd op een van de staarten (van de verdelingsfunctie). Modus = 2 geeft de test voor beide staarten.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

TDIST(getal;vrijheidsgraden;modus)

Parameters
Commentaar: Getal
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Vrijheidsgraden voor de t-verdeling
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Modus (1 of 2)
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

TDIST(12;5;1) geeft 0.000035 terug

TREND

De functie TREND() berekent een reeks van waarden op basis van lineaire regressie van bekende waardenparen.

Voorwaarden: COUNT(bekendeY) = COUNT(bekendeX).

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

TREND(bekendeY[;bekendeX[;nieuweX[;toestaanOffset = TRUE]]])

Parameters
Commentaar: BekendeY
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: BekendeX
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: NummerReeks nieuweX
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: toestaanOffset
Type: Een Booleaanse waarde (True of False (Waar of Onwaar))

TRIMMEAN

De functie TRIMMEAN() berekent het gemiddelde van een deel van een verzameling van gegevens.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

TRIMMEAN(gegevensverzameling; afbreekFractie)

Parameters
Commentaar: gegevensverzameling
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: afbreekFractie
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)

TTEST

De functie TTEST() berekent de kans van een t-test.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

TTEST(x; y; type; modus)

Parameters
Commentaar: x (reeks)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: y (reeks)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: type
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: modus
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)

VAR

De functie VAR() berekent de geschatte variantie, gebaseerd op een steekproef.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

VAR(waarde; waarde;...)

Parameters
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

VAR(12;5;7) geeft 13 terug

Voorbeelden

VAR(15;80;3) geeft 1716.333... terug

Voorbeelden

VAR(6;7;8) geeft 1 terug

Gerelateerde functies
VARIANCE 
VARA 
VARP 
VARPA 

VARA

De functie VARA() berekent de variantie, gebaseerd op een steekproef.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

VARA(waarde;waarde;...)

Parameters
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

VARA(12;5;7) geeft 13 terug

Voorbeelden

VARA(15;80;3) geeft 1716.333... terug

Voorbeelden

VARA(6;7;8) geeft 1 terug

Gerelateerde functies
VAR 
VARP 
VARPA 

VARIANCE

De functie VARIANCE() berekent de geschatte variantie, gebaseerd op een steekproef. Is gelijk aan VAR().

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

VARIANCE(waarde;waarde;...)

Parameters
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

VARIANCE(12;5;7) geeft 13 terug

Voorbeelden

VARIANCE(15;80;3) geeft 1716.333... terug

Voorbeelden

VARIANCE(6;7;8) geeft 1 terug

Gerelateerde functies
VAR 
VARA 
VARP 
VARPA 

VARP

De functie VARP() berekent de variantie, gebaseerd op een gehele populatie.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

VARP(waarde;waarde;...)

Parameters
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

VARP(12;5;7) geeft 8.666... terug

Voorbeelden

VARP(15;80;3) geeft 1144.22... terug

Voorbeelden

VARP(6;7;8) geeft 0.6666667... terug

Gerelateerde functies
VAR 
VARA 
VARPA 

VARPA

De functie VARPA() berekent de variantie, gebaseerd op de gehele populatie. Tekst en de Booleaanse waarden Onwaar worden meegeteld als 0. De Booleaanse waarde Waar worden geteld als 1.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

VARPA(waarde;waarde;...)

Parameters
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Decimale breuken (floats)
Type: Een bereik (range) van decimale (floating point) breuken (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

VARPA(12;5;7) geeft 8.666... terug

Voorbeelden

VARPA(15;80;3) geeft 1144.22... terug

Voorbeelden

VARPA(6;7;8) geeft 0.6666667... terug

Gerelateerde functies
VAR 
VARA 
VARP 

WEIBULL

De functie WEIBULL() geeft de Weibull-verdeling terug.

De parameters alfa en beta moeten positief zijn. Het getal (eerste parameter) moet niet-negatief zijn.

Cumulatief = 0: de kansdichtheidsfunctie wordt berekend; cumulatief = 1: de kansverdeling wordt berekend.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

WEIBULL(getal;alfa;beta;cumulatief)

Parameters
Commentaar: Getal
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Parameter alpha
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Parameter beta
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: 0 = kansdichtheid, 1 = kansverdeling
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

WEIBULL(2;1;1;0) geeft 0.135335 terug

Voorbeelden

WEIBULL(2;1;1;1) geeft 0.864665 terug

ZTEST

De functie ZTEST() berekent de kans van een z-test met normale kansverdeling gebaseerd op beide staarten van de verdeling.

Voert een test uit van de nul-hypothese, dat de steekproefer een is van een normaal verdeelde willekeurige variabelemet als gemiddelde gemiddelde en standaard deviatie sigma. Een teruggegeven waarde 1 betekent dat denulhypothese wordt verworpen: de steekproef is dan niet een willekeurige steekproef van de normale kansverdeling. Indien sigma wordt weggelaten wordt die geschat uit de steekproef, door middel van STDEV.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

ZTEST(x; gemiddelde; sigma)

Parameters
Commentaar: x (reeks)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: gemiddelde
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: standaarddeviatie
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)

Tekst

ASC

De functie ASC() geeft karakters met halve breedte terug die overeenkomen met het argument met volle breedte. Van belang voor Japanse karakters.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

ASC(tekst)

Parameters
Commentaar: Karakters met volle breedte
Type: Tekst
Gerelateerde functies
JIS 

BAHTTEXT

De functie BAHTTEXT() converteert een getal naar een tekst in Thaise karakters (baht).

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

BAHTTEXT(getal)

Parameters
Commentaar: Getal
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

BAHTTEXT(23) geeft "ยี่สิบสามบาทถ้วน" terug

CHAR

De functie CHAR() geeft het karakter terug, dat volgens de ASCII-tabel behoort bij een opgegeven (decimaal) getal.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

CHAR(code)

Parameters
Commentaar: Karaktercode
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

CHAR(65) geeft "A" terug

Gerelateerde functies
CODE 

CLEAN

De functie CLEAN() verwijdert alle niet afdrukbare tekens uit een tekenreeks

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

CLEAN(tekst)

Parameters
Commentaar: Brontekenreeks
Type: Tekst
Voorbeelden

CLEAN(AsciiToChar(7) + "HALLO") geeft "HALLO" terug

CODE

De functie CODE() geeft de decimale ASCII-code terug van het eerste karakter uit een tekenreeks.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

CODE(tekst)

Parameters
Commentaar: Tekst
Type: Tekst
Voorbeelden

CODE("KDE") geeft 75 terug

Gerelateerde functies
CHAR 

COMPARE

De functie COMPARE() geeft 0 terug als de twee tekenreeksen aan elkaar gelijk zijn, -1 als de eerste een lagere waarde heeft dan de tweede en anders wordt 1 teruggegeven.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

COMPARE(tekenreeks1; tekenreeks2; Waar|Onwaar)

Parameters
Commentaar: Eerste tekenreeks
Type: Tekst
Commentaar: Tekenreeks waarmee wordt vergeleken
Type: Tekst
Commentaar: Hoofdlettergevoelig vergelijken (Waar/Onwaar)
Type: Een Booleaanse waarde (True of False (Waar of Onwaar))
Voorbeelden

COMPARE("Calligra"; "Calligra"; Waar) geeft 0 terug

Voorbeelden

COMPARE("calligra"; "Calligra"; Waar) geeft 1 terug

Voorbeelden

COMPARE("kspread"; "Calligra"; Onwaar) geeft 1 terug

Gerelateerde functies
EXACT 

CONCATENATE

De functie CONCATENATE() geeft een tekenreeks terug die wordt gevormd door alle als parameter opgegeven tekenreeksen aan elkaar te plakken.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

CONCATENATE(waarde;waarde;...)

Parameters
Commentaar: Tekenreekswaarden
Type: Een bereik (range) van tekenreeksen
Commentaar: Tekenreekswaarden
Type: Een bereik (range) van tekenreeksen
Commentaar: Tekenreekswaarden
Type: Een bereik (range) van tekenreeksen
Commentaar: Tekenreekswaarden
Type: Een bereik (range) van tekenreeksen
Commentaar: Tekenreekswaarden
Type: Een bereik (range) van tekenreeksen
Voorbeelden

CONCATENATE("Sheets";"Calligra";"KDE") geeft "SheetsCalligraKDE" terug

DOLLAR

De functie DOLLAR() converteert een getal naar tekst met behulp van de valuta-opmaak. De tweede parameter geeft aan op hoeveel cijfers achter de komma wordt afgerond. Hoewel de naam van de functie DOLLAR is, zal de conversie worden gedaan met behulp van de op uw systeem ingestelde valuta, bijvoorbeeld Euro's.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

DOLLAR(getal;decimalen)

Parameters
Commentaar: Getal
Type: Double
Commentaar: Decimalen
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

DOLLAR(1403.77) geeft "€ 1,403.77" terug

Voorbeelden

DOLLAR(-0.123;4) geeft "€ -0.1230" terug

EXACT

De functie EXACT() geeft Waar terug als de twee tekenreeksen aan elkaar gelijk zijn, en anders Onwaar.

Terug gegeven type: Een Booleaanse waarde (True of False (Waar of Onwaar))
Syntaxis

EXACT(tekenreeks1;tekenreeks2)

Parameters
Commentaar: Tekenreeks
Type: Tekst
Commentaar: Tekenreeks
Type: Tekst
Voorbeelden

EXACT("Calligra";"Calligra") geeft Waar terug

Voorbeelden

EXACT("KSpread";"Calligra") geeft Onwaar terug

Gerelateerde functies
COMPARE 

FIND

De functie FIND() zoekt een tekenreeks (zoek_tekst) in een andere tekenreeks (in_deze_tekst) en geeft de positie terug van het eerste teken van "zoek_tekst" in "in_deze_tekst", geteld vanaf het eerste teken hierin.

De parameter "start_getal" geeft het teken aan waar de zoekactie moet beginnen. Het eerste teken heeft nummer 1. Als "start_getal" niet wordt opgegeven, dan wordt hier de waarde 1 voor gebruikt.

U kunt ook de functie SEARCH() gebruiken, maar anders dan SEARCH() maakt FIND() onderscheid tussen hoofd- en kleine letters, en kunnen er geen jokertekens worden gebruikt.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

FIND(zoek_tekst;binnen_deze_tekst;start_getal)

Parameters
Commentaar: De tekst die u wilt zoeken
Type: Tekst
Commentaar: De tekst die mogelijk zoek_tekst bevat
Type: Tekst
Commentaar: Geeft de index waar de zoekactie moet beginnen
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

FIND("Cal";"Calligra") geeft 1 terug

Voorbeelden

FIND("i";"Calligra") geeft 5 terug

Voorbeelden

FIND("a";"Sheets in Calligra";4) geeft 12 terug

Gerelateerde functies
FINDB 
SEARCH 
REPLACE 
SEARCHB 
REPLACEB 

FINDB

De functie FINDB() zoekt een tekenreeks (zoek_tekst) in een andere tekenreeks (in_deze_tekst) en geeft de positie terug van het eerste teken van "zoek_tekst" in "in_deze_tekst", gemeten in bytes.

De parameter "bytepositie_start" geeft het teken aan waar de zoekactie moet beginnen. Het eerste teken heeft nummer 2. Als "bytepositie_start" niet wordt opgegeven, wordt hier de waarde 2 voor gebruikt.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

FINDB(zoek_tekst;binnen_deze_tekst;bytepositie_start)

Parameters
Commentaar: De tekst die u wilt zoeken
Type: Tekst
Commentaar: De tekst die mogelijk zoek_tekst bevat
Type: Tekst
Commentaar: Geeft de positie in bytes, waar de zoekactie moet beginnen
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Gerelateerde functies
FIND 
SEARCH 
REPLACE 
SEARCHB 
REPLACEB 

FIXED

De functie FIXED() rondt een getal af naar het opgegeven aantal cijfers achter de komma. Vervolgens wordt het getal opgemaakt en weergegeven als tekst. Als decimalen negatief is, dan wordt er links van de komma afgerond. Als u decimalen weglaat, dan wordt op 2 cijfers achter de komma afgerond. Als de optionele parameter geen_kommas Waar is, dan wordt het scheidingsteken voor duizendtallen niet gebruikt.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

FIXED(getal;decimalen;geen_kommas)

Parameters
Commentaar: Getal
Type: Double
Commentaar: Decimalen
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Geen_kommas
Type: Een Booleaanse waarde (True of False (Waar of Onwaar))
Voorbeelden

FIXED(1234.567;1) geeft "1,234.6" terug

Voorbeelden

FIXED(1234.567;1;Onwaar) geeft "1234.6" terug

Voorbeelden

FIXED(44.332) geeft "44.33" terug

JIS

De functie JIS() geeft de karakters met volle breedte terug die overeenkomen met het argument met halve breedte. Van belang voor Japanse karakters.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

JIS(tekst)

Parameters
Commentaar: Karakters met halve breedte
Type: Tekst
Gerelateerde functies
ASC 

LEFT

De functie LEFT(tekst;lengte) geeft het door lengte gegeven aantal meest linkse karakters van tekst terug. Als lengte groter is dan de lengte van tekst wordt de gehele tekenrij als tekst teruggegeven. Het is een fout als het aantal karakters kleiner is dan 0.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

LEFT(tekst;lengte)

Parameters
Commentaar: Brontekenreeks
Type: Tekst
Commentaar: Aantal karakters
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

LEFT("hallo";2) geeft "ha" terug

Voorbeelden

LEFT("KSpread";10) geeft "KSpread" terug

Voorbeelden

LEFT("KSpread") geeft "K" terug (waarde van lengte is dus standaard 1)

Gerelateerde functies
RIGHT 
MID 
RIGHTB 
MIDB 

LEFTB

De functie LEFTB(tekst;bytelengte) geeft het door bytelengte gegeven aantal meest linkse karakters van tekst terug, gemeten in bytes. Als bytelengte groter is dan de lengte van tekst wordt de gehele tekenrij als tekst teruggegeven. Het is een fout als het aantal karakters kleiner is dan 0.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

LEFTB(tekst;bytelengte)

Parameters
Commentaar: Brontekenreeks
Type: Tekst
Commentaar: Lengte in bytes
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Gerelateerde functies
RIGHT 
MID 
RIGHTB 
MIDB 

LEN

De functie LEN() geeft de lengte (aantal tekens) terug van de opgegeven tekenreeks.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

LEN(tekst)

Parameters
Commentaar: Tekenreeks
Type: Tekst
Voorbeelden

LEN("hallo") geeft 5 terug

Voorbeelden

LEN("KSpread") geeft 7 terug

Gerelateerde functies
LENB 

LENB

De functie LENB() geeft de lengte (aantal bytes) terug van de opgegeven tekenreeks.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

LENB(tekst)

Parameters
Commentaar: Tekenreeks
Type: Tekst

LOWER

De functie LOWER() zet alle letters in een tekenreeks om naar kleine letters.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

LOWER(tekst)

Parameters
Commentaar: Brontekenreeks
Type: Tekst
Voorbeelden

LOWER("hallo") geeft "hallo" terug

Voorbeelden

LOWER("HALLO") geeft "hallo" terug

Gerelateerde functies
UPPER 
TOGGLE 

MID

De functie MID(tekst;positie;lengte) geeft een gedeelte terug van de tekenreeks als tekst met een aantal karakters gelijk aan lengte, beginnend bij de index die wordt gegeven door positie.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

MID(tekst;positie;lengte)

Parameters
Commentaar: Brontekenreeks
Type: Tekst
Commentaar: Positie
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Lengte
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

MID("Calligra";2;3) geeft "all" terug

Voorbeelden

MID("Calligra";2) geeft "alligra" terug

Gerelateerde functies
LEFT 
RIGHT 
LEFTB 
RIGHTB 
MIDB 

MIDB

De functie MIDB(tekst;positie;lengte) geeft een gedeelte terug van de tekenreeks als tekst met een lengte in bytes, gelijk aan bytelengte, beginnend bij de de bytepositie die wordt gegeven door bytepositie_start.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

MIDB(tekst;bytepositie_start;bytelengte)

Parameters
Commentaar: Brontekenreeks
Type: Tekst
Commentaar: Positie in bytes
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Lengte in bytes
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Gerelateerde functies
LEFT 
RIGHT 
LEFTB 
RIGHTB 
MID 

PROPER

De functie PROPER() zet de eerste letter van elk woord om naar een hoofdletter, en de rest van de letters naar kleine letters.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

PROPER(tekenreeks)

Parameters
Commentaar: Tekenreeks
Type: Tekst
Voorbeelden

PROPER("dit is een titel") geeft "Dit Is Een Titel"

REGEXP

Geeft een deel van een tekenreeks terug die overeenkomt met een reguliere expressie. Als in de tekenreeks geen overeenkomsten zijn met de gegeven reguliere expressie, wordt een waarde teruggegeven, die als standaard waarde is gedefinieerd.

Wanneer een terugverwijzing wordt gegeven, zal de waarde daarvan worden teruggegeven.

Wanneer geen standaard waarde wordt opgegeven, wordt daarvoor een lege tekenreeks aangenomen. Wanneer geen terugverwijzing wordt opgegeven wordt 0 aangenomen (zodat het hele overeenkomende gedeelte wordt teruggegeven).

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

REGEXP(tekst; regexp; standaard; terugverw)

Parameters
Commentaar: Doorzochte tekst
Type: Tekst
Commentaar: Reguliere expressie
Type: Tekst
Commentaar: Standaard waarde (optioneel)
Type: Tekst
Commentaar: Terugverwijzing (optioneel)
Type: Getal
Voorbeelden

REGEXP("Het getal is 15.";"[0-9]+") geeft "15" terug

Voorbeelden

REGEXP("15, 20, 26, 41";"([0-9]+), *[0-9]+$";"";1) = "26"

REGEXPRE

Vervangt alle overeenkomsten met een reguliere expressie door de vervangende tekst

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

REGEXPRE(tekst; regexp; vervanging)

Parameters
Commentaar: Doorzochte tekst
Type: Tekst
Commentaar: Reguliere expressie
Type: Tekst
Commentaar: Vervanging
Type: Tekst
Voorbeelden

REGEXPRE("14 en 15 en 16";"[0-9]+";"num") geeft "num en num en num" terug

REPLACE

De functie REPLACE() vervangt een deel van een tekenreeks door een andere tekenreeks.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

REPLACE(tekst;positie;lengte;nieuwe_tekst)

Parameters
Commentaar: Tekst waarin u enkele tekens wilt vervangen
Type: Tekst
Commentaar: Positie van de te vervangen tekens
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Aantal te vervangen tekens
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: De tekst die de tekens in de oude tekst moet vervangen
Type: Tekst
Voorbeelden

REPLACE("abcdefghijk";6;5;"-") geeft "abcde-k" terug

Voorbeelden

REPLACE("2002";3;2;"03") geeft "2003" terug

Gerelateerde functies
FIND 
MID 
FINDB 
MIDB 

REPLACEB

De functie REPLACEB() vervangt een deel van een tekenreeks door een andere tekenreeks, met behulp van posities in bytes.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

REPLACEB(tekst;bytepositie;bytelengte;nieuwe_tekst)

Parameters
Commentaar: Tekst waarin u enkele tekens wilt vervangen, met behulp van positie in bytes
Type: Tekst
Commentaar: Positie in bytes van de te vervangen tekens
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: Lengte in bytes van te vervangen tekens
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Commentaar: De tekst die de tekens in de oude tekst moet vervangen
Type: Tekst
Gerelateerde functies
FINDB 
MIDB 
FIND 
MID 

REPT

De functie REPT(tekst;aantal) herhaalt tekst zo vaak als door aantal wordt aangegeven. aantal mag niet negatief zijn, en er wordt een lege tekenreeks teruggegeven als aantal 0 is (of naar beneden naar 0 wordt afgerond).

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

REPT(tekst;aantal)

Parameters
Commentaar: Brontekenreeks
Type: Tekst
Commentaar: Aantal herhalingen
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

REPT("kspread";3) geeft "kspreadkspreadkspread" terug

Voorbeelden

REPT("KSpread";0) geeft "" terug

RIGHT

De functie RIGHT(tekst;lengte) geeft het door lengte gegeven aantal meest rechtse karakters van tekst terug. Als lengte groter is dan de lengte van tekst wordt de gehele tekenrij als tekst teruggegeven.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

RIGHT(tekst;lengte)

Parameters
Commentaar: Brontekenreeks
Type: Tekst
Commentaar: Aantal karakters
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

RIGHT("hallo";2) geeft "lo" terug

Voorbeelden

RIGHT("KSpread";10) geeft "KSpread" terug

Voorbeelden

RIGHT("KSpread") geeft "d" terug (waarde van lengte is dus standaard 1)

Gerelateerde functies
LEFT 
MID 
LEFTB 
MIDB 

RIGHTB

De functie RIGHTB(tekst;bytelengte) geeft het door bytelengte gegeven aantal meest rechtse karakters van tekst terug, gemeten in bytes. Als lengte groter is dan de lengte van tekst wordt de gehele tekenrij als tekst teruggegeven.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

RIGHTB(tekst;bytelengte)

Parameters
Commentaar: Brontekenreeks
Type: Tekst
Commentaar: Lengte in bytes
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Gerelateerde functies
LEFT 
MID 
LEFTB 
MIDB 

ROT13

De functie ROT13() versleutelt tekst door elke letter te vervangen door een andere letter die 13 plaatsen verder in het alfabet staat. Als de 13e positie voorbij de Z ligt, dan gaat de functie verder bij A (rotatie).

Door deze versleutelingsfunctie nogmaals op de resulterende tekst toe te passen kunt u de tekst weer ontcijferen.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

ROT13(tekst)

Parameters
Commentaar: Tekst
Type: Tekst
Voorbeelden

ROT13("KSpread") geeft "XFcernq" terug

Voorbeelden

ROT13("XFcernq") geeft "KSpread" terug

SEARCH

De functie SEARCH() zoekt een tekenreeks zoek_tekst in een andere tekenreeks (in_deze_tekst) en geeft de positie van het eerste teken van zoek_tekst hierin terug, gerekend vanaf het begin van de tekenreeks in_deze_tekst.

U kunt gebruik maken van jokertekens, vraagteken (?) en sterretje (*). Een vraagteken staat voor elk apart karakter, een sterretje komt overeen met een reeks van karakters.

De parameter startpunt geeft het karakter aan waar het zoeken wordt gestart. Het eerste karakter heeft het nummer 1. Als startpunt wordt weggelaten, wordt hiervoor 1 aangenomen. De functie SEARCH() maakt geen onderscheid tussen hoofd- en kleine letters.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

SEARCH(zoek_tekst;in_deze_tekst;startpunt)

Parameters
Commentaar: De tekst die u wilt zoeken
Type: Tekst
Commentaar: De tekst die mogelijk zoek_tekst bevat
Type: Tekst
Commentaar: Opgegeven startindex voor de zoekactie
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

SEARCH("e";"Evenbeeld";5) geeft 6 terug

Voorbeelden

SEARCH("begin";"Profijtbeginsel") geeft 8 terug

Gerelateerde functies
FIND 
FINDB 
SEARCHB 

SEARCHB

De functie SEARCHB() zoekt een tekenreeks zoek_tekst in een andere tekenreeks (in_deze_tekst) en geeft het positienummer in terug van het eerste teken van zoek_tekst hierin terug, gerekend vanaf het startpunt van de tekenreeks in_deze_tekst, alles gerekend in bytes.

U kunt gebruik maken van jokertekens, vraagteken (?) en sterretje (*). Een vraagteken staat voor elk apart karakter, een sterretje komt overeen met een reeks van karakters.

De parameter startpunt geeft het karakter aan waar het zoeken wordt gestart. Het eerste karakter heeft het nummer 2. Als bytepositie_start wordt weggelaten, wordt hiervoor 2 aangenomen. De functie SEARCHB() maakt geen onderscheid tussen hoofd- en kleine letters.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

SEARCHB(zoek_tekst;in_deze_tekst;bytepositie_start)

Parameters
Commentaar: De tekst die u wilt zoeken
Type: Tekst
Commentaar: De tekst die mogelijk zoek_tekst bevat
Type: Tekst
Commentaar: Opgegeven beginpunt in bytes voor de zoekactie
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Gerelateerde functies
FINDB 
FIND 
SEARCH 

SLEEK

De functie SLEEK() verwijdert alle spaties uit een tekenreeks.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

SLEEK(tekst)

Parameters
Commentaar: Brontekenreeks
Type: Tekst
Voorbeelden

SLEEK("dit is wat tekst ") geeft "ditiswattekst" terug

Gerelateerde functies
TRIM 

SUBSTITUTE

De functie SUBSTITUTE() vervangt in een tekenreeks oude_tekst door nieuwe_tekst. Als het voorkom_num opgegeven is, dan wordt alleen op dat voorkom_num oude_tekst vervangen door nieuwe_tekst. Anders wordt elk voorkomen van oude_tekst vervangen door nieuwe_tekst. Gebruik SUBSTITUTE() als u een bepaalde tekst wilt vervangen, en gebruik REPLACE() als u iedere tekst die op een bepaalde plaats voorkomt wilt vervangen.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

SUBSTITUTE(tekst; oude_tekst; nieuwe_tekst; voorkom_num)

Parameters
Commentaar: Te vervangen tekst
Type: Tekst
Commentaar: Deel van tekst die u wilt vervangen
Type: Tekst
Commentaar: Nieuwe vervangende tekst
Type: Tekst
Commentaar: Plaats waar tekst moet worden vervangen
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

SUBSTITUTE("kostengegevens";"kosten";"verkoop") geeft "verkoopgegevens" terug

Voorbeelden

SUBSTITUTE("kwartaal 1, 2001";"1";"3";1) geeft "kwartaal 3, 2001" terug

Voorbeelden

SUBSTITUTE("kwartaal 1, 2001";"1";"3") geeft "kwartaal 3, 2003" terug

Gerelateerde functies
REPLACE 
REPLACEB 
FIND 
FINDB 

T

De functie T(waarde) geeft de tekst terug waarnaar verwezen wordt door waarde. Als waarde een tekst is of naar een tekst verwijst, dan wordt waarde teruggegeven. Als waarde niet naar een tekst verwijst, wordt een lege tekenreeks teruggegeven.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

T(waarde)

Parameters
Commentaar: Waarde
Type: Elk type waarde
Voorbeelden

T("Calligra") geeft "Calligra" terug

Voorbeelden

T(1.2) geeft "" (lege tekenreeks)

TEXT

De functie TEXT() zet een waarde om naar tekst.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

TEXT(waarde)

Parameters
Commentaar: Waarde
Type: Elk type waarde
Voorbeelden

TEXT(1234.56) geeft de tekst "1234.56" terug

Voorbeelden

TEXT("KSpread") geeft "KSpread" terug

TOGGLE

De functie TOGGLE() vervangt kleine letters door hoofdletters en andersom.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

TOGGLE(tekst)

Parameters
Commentaar: Brontekenreeks
Type: Tekst
Voorbeelden

TOGGLE("hallo") geeft "HALLO" terug

Voorbeelden

TOGGLE("HALLO") geeft "hallo" terug

Voorbeelden

TOGGLE("HaLlO") geeft "hAlLo" terug

Gerelateerde functies
UPPER 
LOWER 

TRIM

De functie TRIM() geeft tekst terug zonder overbodige spaties tussen de woorden.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

TRIM(tekst)

Parameters
Commentaar: Tekenreeks
Type: Tekst
Voorbeelden

TRIM(" Hallo KSpread ") geeft "Hallo KSpread" terug

UNICHAR

De functie UNICHAR() geeft het karakter terug dat bij de opgegeven unicode (een uitbreiding van de ASCII-code) daar van behoort.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

UNICHAR(code)

Parameters
Commentaar: Karaktercode
Type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Voorbeelden

UNICHAR(65) geeft "A" terug

Gerelateerde functies
UNICODE 
CHAR 

UNICODE

De functie UNICODE() geeft de unicode (een uitgebreide ASCII-code) terug voor het eerste karakter in een tekenreeks.

Terug gegeven type: Geheel getal (zoals 1; 132; 2344)
Syntaxis

UNICODE(tekst)

Parameters
Commentaar: Tekst
Type: Tekst
Voorbeelden

UNICODE("KDE") geeft 75 terug

Gerelateerde functies
UNICHAR 
CODE 

UPPER

De functie UPPER() zet alle letters in een tekenreeks om naar hoofdletters.

Terug gegeven type: Tekst
Syntaxis

UPPER(tekst)

Parameters
Commentaar: Brontekenreeks
Type: Tekst
Voorbeelden

UPPER("hallo") geeft "HALLO" terug

Voorbeelden

UPPER("HALLO") geeft "HALLO" terug

Gerelateerde functies
LOWER 
TOGGLE 

VALUE

Zet een getal dat gegeven is als een tekenreeks om naar het numerieke getal.

Terug gegeven type: Double
Syntaxis

VALUE(tekst)

Parameters
Commentaar: Tekst
Type: Tekst
Voorbeelden

VALUE("14.03") geeft (het getal) 14.03 terug

Goniometrisch

ACOS

De functie ACOS(x) geeft de arccosinus y terug in radialen, van het getal x. (x uit [-1, +1], y uit [0, PI] (per definitie)).

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

ACOS(getal)

Parameters
Commentaar: Hoek (radialen)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

ACOS(0.8) geeft 0.6435011 terug

Voorbeelden

ACOS(0) geeft 1.57079633 terug

Gerelateerde functies
COS 

ACOSH

De functie ACOSH(x) berekent de inverse hyperbolische cosinus y van het getal x; dit is de waarde waarvan de hyperbolische cosinus x. (x uit [1, ->), y >=0 (per definitie)). Als x kleiner is dan 1.0, dan geeft ACOSH() de foutmelding"not-a-number" (NaN). De andere waarde van y die voldoet aan COSH(y)=x is -y.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

ACOSH(getal)

Parameters
Commentaar: Hoek (radialen)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

ACOSH(5) geeft 2.29243167 terug

Voorbeelden

ACOSH(0) geeft de foutmelding NaN terug

Gerelateerde functies
COSH 

ACOT

De functie ACOT(x) geeft de arccotangens y van een getal x terug. (x uit R, y in radialen, uit (0, PI) ). Is de inverse van COT(x).

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

ACOT(getal)

Parameters
Commentaar: Hoek (radialen)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

ACOT(0) geeft 1.57079633 terug

ASIN

De functie ASIN(x) geeft de arcsinus y terug in radialen, van het getal x. (x uit [-1, 1]. y uit [-PI/2, PI/2] (per definitie)).

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

ASIN(getal)

Parameters
Commentaar: Hoek (radialen)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

ASIN(0.8) geeft 0.92729522 terug

Voorbeelden

ASIN(0) geeft 0 terug

Gerelateerde functies
SIN 

ASINH

De functie ASINH(x) berekent de inverse hyperbolische sinus y van het getal x; dit is de waarde waarvan de hyperbolische sinus x is. (x uit R, y uit R)

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

ASINH(getal)

Parameters
Commentaar: Hoek (radialen)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

ASINH(0.8) geeft 0.73266826 terug

Voorbeelden

ASINH(0) geeft 0 terug

Gerelateerde functies
SINH 

ATAN

De functie ATAN(x) geeft de arctangens y terug in radialen, van het getal x. (x uit R, y uit (-PI/2, PI/2) (per definitie)).

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

ATAN(getal)

Parameters
Commentaar: Hoek (radialen)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

ATAN(0.8) geeft 0.67474094 terug

Voorbeelden

ATAN(0) geeft 0 terug

Gerelateerde functies
TAN 
ATAN2 

ATAN2

De functie ATAN2(x.y) berekent de arctangens z in radialen, van de twee variabelen x en y. Dit is gelijk aan de arctangens van y/x, met dit verschil dat de tekens van beide argumenten gebruikt worden om het kwadrant van het resultaat te bepalen. (x uit R, ongelijk 0, y uit R, z uit (0, 2*Pi), behalve Pi).

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

ATAN2(waarde;waarde)

Parameters
Commentaar: Hoek (radialen)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Commentaar: Hoek (radialen)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

ATAN2(0.5;1.0) geeft 1.107149 terug (beide positief, dus 1e kwadrant)

Voorbeelden

ATAN2(-0.5;2.0) geeft 1.815775 terug (2e kwadrant)

Gerelateerde functies
ATAN 

ATANH

De functie ATANH(x) berekent de inverse hyperbolische tangens y van het getal x; dit is de waarde waarvan de hyperbolische tangens x is. (x uit (-1, 1), y uit R ). Als de absolute waarde van x groter is dan 1.0, dan geeft ATANH() de foutmelding "not-a-number" (NaN) terug.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

ATANH(getal)

Parameters
Commentaar: Hoek (radialen)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

ATANH(0.8) geeft 1.09861229 terug

Voorbeelden

ATANH(0) geeft 0 terug

Gerelateerde functies
TANH 

COS

De functie COS(x) geeft de cosinus y terug van een getal x, waarbij x gegeven is in radialen. (x uit R, y uit [-1, 1]).

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

COS(getal)

Parameters
Commentaar: Hoek (radialen)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

COS(0) geeft 1.0 terug

Voorbeelden

COS(PI()/2) geeft 0 terug

Gerelateerde functies
SIN 
ACOS 

COSH

De functie COSH(x) geeft de hyperbolische cosinus y terug van het getal x. Deze is wiskundig gedefinieerd als (exp(x) + exp(-x)) / 2. (x uit R, y >= 1).

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

COSH(getal)

Parameters
Commentaar: Hoek (radialen)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

COSH(0.8) geeft 1.33743495 terug

Voorbeelden

COSH(0) geeft 1 terug

Gerelateerde functies
ACOSH 

CSC

De functie CSC(x) geeft de cosecans y terug van het getal x, waarbij x gegeven is in radialen. (x uit R, x ongelijk aan 0, +/- PI, +/- 3*PI, etc, , |y| >=1).

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

CSC(getal)

Parameters
Commentaar: Hoek (radialen)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

CSC(PI()/2) geeft 1 terug

CSCH

De functie CSCH(x) geeft de hyperbolische cosecans y terug van het getal x, waarbij x gegeven is in radialen (x uit R, ongelijk 0, y uit R, ongelijk 0).

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

CSCH(getal)

Parameters
Commentaar: Hoek (radialen)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

CSCH(PI()/2) geeft 0.434537208... terug

DEGREES

De functie DEGREES() zet een hoek of getal uitgedrukt in radialen om naar een hoek in graden.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

DEGREES(getal)

Parameters
Commentaar: Hoek (radialen)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

DEGREES(0.78) geeft 44.69 terug

Voorbeelden

DEGREES(1) geeft 57.29 terug

Gerelateerde functies
RADIANS 

PI

De functie PI() geeft de benaderde waarde van Pi terug.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

PI()

Parameters

Voorbeelden

PI() is gelijk aan 3.141592654...

RADIANS

De functie RADIANS() zet een hoek uitgedrukt in graden om naar een hoek of getal in radialen.

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

RADIANS(getal)

Parameters
Commentaar: Hoek (graden)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

RADIANS(75) geeft 1.309 terug

Voorbeelden

RADIANS(90) geeft 1.5707 terug

Gerelateerde functies
DEGREES 

SEC

De functie SEC(x) geeft de secans y terug van het getal x, waarbij x gegeven is in radialen (x uit R, ongelijk aan +/-PI/2; +/-3*PI/2, etc; y uit R, niet uit (-1, 1)).

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

SEC(getal)

Parameters
Commentaar: Hoek (radialen)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

SEC(0) geeft 1 terug

SECH

De functie SECH(x) geeft de hyperbolische secans y terug van het getal x, waarbij x gegeven is in radialen (x uit R, y uit (0, 1]).

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

SECH(getal)

Parameters
Commentaar: Hoek (radialen)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

SECH(0) geeft 1 terug

SIN

De functie SIN(x) geeft de sinus y terug van een getal x, waarbij x gegeven is in radialen. (x uit R, y uit [-1, 1] ).

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

SIN(getal)

Parameters
Commentaar: Hoek (radialen)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

SIN(0) geeft 0 terug

Voorbeelden

SIN(PI()/2) geeft 1 terug

Gerelateerde functies
COS 
ASIN 

SINH

De functie SINH(x) geeft de hyperbolische sinus y terug van het getal x. Deze is wiskundig gedefinieerd als (exp(x) - exp(-x)) / 2. (x uit R, y uit R).

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

SINH(getal)

Parameters
Commentaar: Hoek (radialen)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

SINH(0.8) geeft 0.88810598 terug

Voorbeelden

SINH(0) geeft 0 terug

Gerelateerde functies
ASINH 

TAN

De functie TAN(x) geeft de tangens y terug van een getal x, waarbij x gegeven is in radialen. (x uit R behalve +/- PI/2; +/- 3PI/2; etc, y uit R).

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

TAN(getal)

Parameters
Commentaar: Hoek (radialen)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

TAN(0.7) geeft 0.84228838 terug

Voorbeelden

TAN(0) geeft 0 terug

Gerelateerde functies
ATAN 

TANH

De functie TANH(x) geeft de hyperbolische tangens y terug van het getal x. Deze is wiskundig gedefinieerd als sinh(x)/cosh(x). (x uit R, y uit (-1. 1) ).

Terug gegeven type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Syntaxis

TANH(getal)

Parameters
Commentaar: Hoek (radialen)
Type: Een decimale breuk (floating point) (zoals 1.3, 0.343, 253)
Voorbeelden

TANH(0.8) geeft 0.66403677 terug

Voorbeelden

TANH(0) geeft 0 terug

Gerelateerde functies
ATANH 
Hoofdstuk 9. Dankbetuigingen en licentie

Hoofdstuk 9. Dankbetuigingen en licentie

Calligra Sheets

Programma copyright 1998-2019 het Calligra Sheets Team:

  • Torben Weis

  • Laurent Montel

  • David Faure

  • John Dailey

  • Philipp Müller

  • Ariya Hidayat

  • Norbert Andres

  • Shaheed Haque

  • Werner Trobin

  • Nikolas Zimmermann

  • Helge Deller

  • Percy Leonhart

  • Eva Brucherseifer

  • Phillip Ezolt

  • Enno Bartels

  • Graham Short

Documentatie copyright 2002 Pamela Roberts

Kleine updates van documentatie voor KOffice 1.3 by Philip Rodrigues .

Schermbeeld updates voor Calligra 3.1 door Carl Schwan

Dit document is vertaald in het Nederlands door Natalie Koning

Deze documentatie valt onder de bepalingen van de GNU vrije-documentatie-licentie.

Deze toepassing valt onder de bepalingen van de GNU General Public License.